Colposcopie: onderzoek naar baarmoederhalskanker bij een afwijkend uitstrijkje
De huisarts heeft bij u een uitstrijkje gemaakt. In uw uitstrijkje is HPV (humaan papillomavirus) gevonden. Ook zagen de cellen in het uitstrijkje er afwijkend uit. Daarom stuurt uw huisarts u naar de gynaecoloog voor een colposcopie. Met een colposcopie kunnen we onderzoeken of u baarmoederhalskanker heeft. Dat is meestal niet zo. In deze folder leggen we uit wat dit onderzoek is en wat u kunt verwachten. Ook gaan we in op 2 kleine ingrepen die u kunt krijgen: een lisexcisie en een conisatie.
Specialismen en team
Afspraak en contact
HMC Antoniushove
HMC Bronovo en
HMC Westeinde
088 979 24 22
ma t/m vr van 08.00 – 16.30 uur
HMC Gezondheidscentrum Wassenaar
088 979 72 45
ma t/m vr van 08.00 – 16.30 uur
Contact per e-mail
Contact per e-mail
U kunt ook per e-mail contact met ons opnemen.
Wilt u een afspraak maken, annuleren of wijzigen? Mail ons dan minimaal 1 werkdag van te voren.
Vermeld in uw bericht:
- Uw naam
- Uw geboortedatum
- Datum van de afspraak
- Naam van de arts
- Uw telefoonnummer
E-mailadressen
- HMC Antoniushove: gynah@haaglandenmc.nl
- HMC Bronovo: vrouw@haaglandenmc.nl
- HMC Westeinde: gynwz@haaglandenmc.nl
Locatie
HMC Antoniushove
AdresBurg. Banninglaan 1
2262 BA Leidschendam
begane grond, route rood
HMC Westeinde
AdresLijnbaan 32
2512 VA Den Haag
begane grond, route blauw
Ankers
Over colposcopie: onderzoek bij een afwijkend uitstrijkje
De huisarts heeft bij u een uitstrijkje gemaakt. In uw uitstrijkje is HPV (humaan papillomavirus) gevonden. Ook zagen de cellen in het uitstrijkje er afwijkend uit. Daarom stuurt uw huisarts u naar de gynaecoloog voor een colposcopie. Met een colposcopie kunnen we onderzoeken of u baarmoederhalskanker heeft. Dat is meestal niet zo.
In deze folder leggen we uit wat dit onderzoek is en wat u kunt verwachten. Ook gaan we in op 2 kleine ingrepen die u kunt krijgen: een lisexcisie en een conisatie.
Betekent een afwijkend uitstrijkje dat ik baarmoederhalskanker heb?
Een afwijkend uitstrijkje betekent meestal niet dat u baarmoederhalskanker heeft. Vaak gaat het bij afwijkende cellen om een (vroeg) voorstadium van baarmoederhalskanker. Dit verdwijnt meestal vanzelf weer. Als dat niet gebeurt, kan de arts de afwijking vaak goed behandelen met een kleine ingreep.
Baarmoederhalskanker is niet erfelijk. Het duurt lang voordat een HPV- infectie verandert in baarmoederhalskanker. Dit kan 10 tot 15 jaar duren.
Wat gebeurt er bij een colposcopie?
- Tijdens de colposcopie brengt de gynaecoloog een spreider in de vagina. Deze spreider heet ook wel een eendenbek.
Bron: https://www.degynaecoloog.nl/
- De gynaecoloog bekijkt daarna met een microscoop (colposcoop) hoe afwijkend de cellen zijn en hoe groot het gebied is waarin de afwijkende cellen zitten.
Om de cellen beter te kunnen zien, gebruikt de gynaecoloog een vloeistof. Door deze azijnzuuroplossing krijgen afwijkende cellen een kleurtje en vallen ze beter op.
Soms gebruikt de gynaecoloog Lugol. Ook deze vloeistof met jodium geeft afwijkende cellen een andere kleur.
De gynaecoloog ziet zo precies waar de afwijking zit. - Hierna bespreekt de gynaecoloog met u of we een klein stukje weefsel moeten weghalen van de baarmoederhals. Dit heet een biopsie. Dit weefsel onderzoeken we dan in het laboratorium. Niet bij iedereen is een biopsie nodig.
- Soms behandelt de gynaecoloog meteen de afwijking. Dit doet de gynaecoloog dan in overleg met u. De gynaecoloog haalt dan de bovenste laag cellen van de baarmoederhals weg. Deze behandeling heet een lisexcisie.
Soms heeft u een andere behandeling nodig: een conisatie. Daarvoor maken we dan een nieuwe afspraak met u. - U mag iemand meenemen naar het onderzoek. Aarzel ook niet om vragen te stellen.
Meer weten over een colposcopie?
Meer informatie over de colposcopie vindt u op:
https://www.degynaecoloog.nl/onderwerpen/een-afwijkend-uitstrijkje-hoe-verder/
Het controle-uitstrijkje
Na een colposcopie krijgt u een nieuwe afspraak bij de gynaecoloog om een controle-uitstrijkje te maken. Afhankelijk van de afwijking krijgt u deze afspraak na 6 of 12 maanden. Ook als u geen behandeling krijgt, komt u na 1 jaar weer terug voor een controle-uitstrijkje.
Wat kunt u zelf doen?
Roken maakt het moeilijker voor uw lichaam om het HPV-virus op te ruimen. Daarom is het beter om te stoppen met roken. Als u stopt, is de kans groter dat de afwijking vanzelf verdwijnt en niet terugkomt.
Heeft u hulp nodig bij het stoppen? Praat dan met uw huisarts of kijk op: www.ikstop.nl.
Welke uitslagen kan ik krijgen?
De uitslag van het onderzoek van de baarmoederhals drukken we uit in CIN.
CIN is een afkorting van Cervicale Intra-epitheliale Neoplasie.
Dit betekent: afwijkende cellen op de baarmoederhals.
Er zijn 3 uitslagen:
- CIN 1: lichte afwijking
- CIN 2: matige afwijking
- CIN 3: ernstige afwijking
Bij welke uitslag is een behandeling nodig?
CIN 1
Bij CIN 1 is geen behandeling nodig.
De afwijkende cellen verdwijnen vaak vanzelf.
Wel krijgt u vervolguitstrijkjes. Zo controleren we of de cellen verdwijnen.
CIN 2
Bij CIN 2 is soms een behandeling nodig.
De afwijkende cellen kunnen ook vanzelf verdwijnen.
De gynaecoloog bespreekt met u:
- of afwachten verstandig is, of
- of behandelen beter is
Daarbij kijkt de gynaecoloog naar:
- uw leeftijd
- of u nog zwanger wilt worden
CIN 3
Bij CIN 3 adviseert de gynaecoloog een behandeling.
De kans is klein dat de afwijking vanzelf verdwijnt.
Passen de uitslag van het uitstrijkje én de uitslag van de colposcopie bij CIN 3?
Dan kan de gynaecoloog besluiten om u meteen te behandelen met een lisexcisie. De gynaecoloog neemt dan niet eerst een biopt (stukje weefsel) af.
Welke behandelingen zijn mogelijk?
Na de colposcopie zijn er 2 mogelijke behandelingen:
- lisexcisie
- conisatie
Hieronder leest u hier meer over.
Wat is een lisexcisie?
Bij een lisexcisie haalt de gynaecoloog een klein stukje weefsel weg van de baarmoederhals.
In dit weefsel zitten de afwijkende cellen.
De gynaecoloog gebruikt een dun metalen lusje (lis). Deze lis wordt warm door elektriciteit.
De behandeling gebeurt meestal op de polikliniek, met een plaatselijke verdoving
Hoe gaat een lisexcisie?
- U krijgt een plakker op uw been om de stroom te geleiden.
- De gynaecoloog gebruikt een spreider (eendenbek) om de baarmoederhals te zien.
- U krijgt verdovingsprikken in de baarmoederhals.
Tijdens het prikken vraagt de gynaecoloog u te hoesten.
De prikken voelen voor veel vrouwen als een verdovingsprik bij de tandarts.
In de verdoving zit ook adrenaline. Hierdoor kunt u tijdelijk een snellere hartslag hebben. Daardoor kunt u te maken krijgen met:
-
- een gejaagd gevoel
- een warm gevoel
- hartkloppingen
Dit gaat meestal binnen enkele minuten weg.
- De gynaecoloog haalt het weefsel weg met de warme lis.
U kunt een vervelend geluid horen, een branderige geur ruiken en wat rook zien.
U voelt meestal niets, behalve warmte van de rook. - U mag na de behandeling direct naar huis.
- De patholoog onderzoekt het weefsel.
De gynaecoloog belt u na 1 tot 2 weken met de uitslag.
Wat zijn nadelen van een lisexcisie?
Door de behandeling wordt de baarmoederhals korter.
Daardoor is de kans op een te vroeg geboren baby iets groter als u zwanger wordt.
Deze kans is vooral groter als u 2 of meer keer een lisexcisie heeft gehad.
Hoe gaat het herstel na een lisexcisie?
- Er zit een kleine wond in de baarmoederhals. Daardoor kunt u bloederige afscheiding krijgen. Dit kan enkele weken duren.
- Na ongeveer 1 week kan u tijdelijk (meer) bloed verliezen. Het korstje laat dan los, dit is normaal.
- Gebruik voor het opvangen van het bloed geen tampons, alleen maandverband.
Adviezen voor herstel
Zolang u bloedverlies of afscheiding heeft, is het advies:
- niet vrijen
- geen tampons gebruiken
- niet zwemmen
- niet in bad gaan
Zo maakt u de kans op een ontsteking kleiner.
Wanneer moet u contact opnemen na een lisexcisie?
Neem contact op:
- bij koorts
- bij veel bloedverlies (meer dan tijdens een menstruatie)
- als u twijfelt
Veel bloedverlies komt voor bij 1 op de 20 vrouwen.
Wat is een conisatie?
Is de afwijking:
- te groot voor een lisexcisie, of
- ligt deze dieper in de baarmoederhals?
Dan krijgt u een conisatie:
- De arts snijdt een kegelvormig stukje weefsel weg met een mesje.
- Dit gebeurt onder narcose of met een ruggenprik. Bij narcose gaat u een tijdje slapen.
Hoe gaat een conisatie?
- De ingreep gebeurt op de operatiekamer.
- U krijgt verdoving (narcose of een ruggenprik).
- De gynaecoloog snijdt het weefsel weg.
- De gynaecoloog hecht de baarmoederhals.
- Bij veel bloedverlies krijgt u een speciale tampon.
U kunt dan tijdelijk niet plassen. U krijgt daarom een slangetje (katheter) in de blaas. Zo kan de plas uit de blaas naar buiten lopen.
De verpleegkundige haalt na enkele uren de tampon en het slangetje weer weg. - U mag meestal dezelfde dag naar huis.
- De patholoog onderzoekt het weefsel.
De gynaecoloog belt u na 1 tot 2 weken met de uitslag.
Wat zijn nadelen van een conisatie?
- U krijgt narcose of een ruggenprik.
- De kans op een te vroeg geboren baby is groter dan bij een lisexcisie.
- U kunt littekenweefsel krijgen in de baarmoederhals. Daardoor verliest u minder bloed bij de menstruatie. Ook krijgt u meer last van buikpijn als u ongesteld bent.
De gynaecoloog kan dit behandelen.
Hoe gaat het herstel na een conisatie?
- U heeft een kleine wond. Hierdoor kunt u een licht bloederige afscheiding krijgen. Dit duurt 1 tot enkele weken.
- Na ongeveer 1 week kan u tijdelijk (meer) bloed verliezen. Het korstje laat dan los, dit is normaal.
Adviezen voor herstel
Zolang u bloedverlies of afscheiding heeft, is het advies:
- niet vrijen
- geen tampons gebruiken
- niet zwemmen
- niet in bad gaan
Zo maakt u de kans op een ontsteking kleiner.
Wanneer moet u contact opnemen na een conisatie?
Neem contact op:
- bij koorts
- bij veel bloedverlies (meer dan bij een menstruatie)
- als u twijfelt
Veel bloedverlies komt voor bij 1 op de 20 vrouwen.
Vragen?
Heeft u vragen? Bel dan van maandag tot en met vrijdag tussen 08.00 en 16.30 uur met de polikliniek Gynaecologie van HMC. Het telefoonnummer is 088 979 24 22.
Is er een spoedgeval buiten deze tijden? Bel dan de Spoedeisende Hulp (SEH) in HMC Westeinde: 088 979 23 80.
