Zwanger van een tweeling

U heeft van de verloskundige of gynaecoloog gehoord dat u zwanger bent van een tweeling. Een zwangerschap van een tweeling is voor de aanstaande ouders meestal een verrassing. Dit brengt naast blijdschap ook extra vragen en misschien zorgen met zich mee. Met deze webpagina willen we u informatie geven over het verloop van uw zwangerschap, de bevalling en de kraamtijd.

Specialismen en team

Afspraak en contact

HMC Antoniushove
HMC Bronovo en
HMC Westeinde 088 979 24 22
ma t/m vr van 08.00 – 16.30 uur
HMC Gezondheidscentrum Wassenaar, 088 979 72 45
ma t/m vr van 08.30 – 17.00 uur

Contact per e-mail

Locatie

Cijfers

205.000 eerste polikliniek consulten
32.000 klinische opnames per jaar
155.000 verpleegdagen
60.000+ patiënten per jaar op de SEH
350 medisch specialisten

Over zwanger van een tweeling

U heeft van de verloskundige of gynaecoloog gehoord dat u zwanger bent van een tweeling. Een zwangerschap van een tweeling is voor de aanstaande ouders meestal een verrassing. Dit brengt naast blijdschap ook extra vragen en misschien zorgen met zich mee. Met deze webpagina willen we u informatie geven over het verloop van uw zwangerschap, de bevalling en de kraamtijd.

De zwangerschap

Een zwangerschap van een tweeling vergt over het algemeen meer van een vrouw dan een zwangerschap van één kind. In het begin van de zwangerschap is er een grotere kans op misselijkheid, overgeven en moeheid. Omdat de baarmoeder sneller groeit, kunt u eerder last krijgen van zwangerschapsklachten zoals harde buiken, moeheid en slecht slapen. Zwangerschapsstrepen op de huid (striae) ontstaan sneller bij een zwangerschap van een tweeling.

Zwangerschapscontroles

Als u zwanger bent van een tweeling, bent u onder controle bij de gynaecoloog en wordt u vaker gecontroleerd. Bij elk bezoek aan het ziekenhuis worden de bloeddruk en uw gewicht gecontroleerd. Omdat bij een tweelingzwangerschap nogal eens bloedarmoede voorkomt, wordt regelmatig uw bloed onderzocht. U moet tijdens de zwangerschap extra ijzerpreparaten slikken, zoals ijzertabletten en foliumzuur.
Om de groei van de kinderen te beoordelen, krijgt u regelmatig een echo. Bij onvoldoende groei verricht de gynaecoloog tijdens de echo een doppler-onderzoek. Hierbij wordt de bloeddoorstroming in de navelstreng gemeten. Dit geeft informatie over het functioneren van de moederkoek (placenta).

Algemene adviezen

Bij een tweelingzwangerschap kunt u over het algemeen alles blijven doen wat u ook deed toen u niet zwanger was, zoals werk, sport, seks, fietsen en autorijden. Wel is het belangrijk dat u goed voor uzelf zorgt en naar uw lichaam luistert. Bedenk dat u sommige dingen niet meer kunt doen als gevolg van vermoeidheid of de grote buik die hinderlijk wordt.
Uw gynaecoloog zal met u bespreken of het verstandig is om rond
28 weken bepaalde activiteiten, zoals werk, aan te passen of te stoppen. Hebt u een druk gezin met andere (kleine) kinderen? Overweeg dan extra hulp in te schakelen tegen het einde van de zwangerschap.

Complicaties

Als u zwanger bent van een tweeling, heeft u meer kans op de volgende complicaties.

Vroeggeboorte

Een vroeggeboorte is meestal het gevolg van spontane, voortijdige weeën. Harde buiken die pijnlijker en regelmatiger zijn dan normaal, bloed- en/of slijmverlies en vruchtwaterverlies kunnen betekenen dat de bevalling op gang aan het komen is. Soms worden kinderen te vroeg geboren omdat de gynaecoloog denkt dat het beter is om de bevalling in te leiden. Reden hiervoor is bijvoorbeeld een groeiachterstand, TTS-syndroom of hoge bloeddruk.
Als gevolg van een vroeggeboorte hebben tweelingen een lager gewicht bij de geboorte. Acht procent van de tweelingen weegt minder dan
1500 gram. Hoe vroeger de kinderen geboren worden, hoe groter de kans op complicaties bij de kinderen. Ook de kans op overlijden neemt toe naarmate de kinderen vroeger worden geboren. Dit komt onder andere omdat deze kinderen veel minder weerstand hebben en daardoor sneller infecties kunnen krijgen.

Groeiachterstand

Tweelingen groeien vanaf ongeveer 32 weken zwangerschap langzamer en wegen bij de geboorte minder dan kinderen van een eenlingzwangerschap. De oorzaak is niet bekend. Als bij een echo blijkt dat een of beide kinderen te weinig groeit, adviseert de gynaecoloog een opname in het ziekenhuis om de conditie van de kinderen goed te controleren.

De verpleegkundige controleert dagelijks de harttonen van de kinderen door middel van een CTG (hartfilmpje). Er wordt één keer per twee weken een echo gemaakt om de groei van de kinderen te bekijken. Twee keer per week wordt er een doppler-onderzoek gedaan.
De gynaecoloog beoordeelt de uitslag van de echo, het doppler- en het CTG-onderzoek. Als de conditie van een van de kinderen achteruitgaat, dan wordt dat met u besproken en kan het advies zijn om de bevalling in te leiden. Dit kan ook een keizersnee betekenen. Deze beslissing is soms lastig wanneer het voor het kind met de groeiachterstand beter is om geboren te worden, terwijl het voor het grootste kind beter is om nog in de baarmoeder verder te groeien. De gynaecoloog overlegt met de kinderarts en vertelt u wat het beste is voor u en uw baby’s en welke gezondheidsproblemen er eventueel bij uw kinderen te verwachten zijn. Besluiten de gynaecoloog en de kinderarts dat het het beste is om de bevalling in te leiden en is de zwangerschap korter dan 34 weken? Dan krijgt u twee keer een injectie in uw been met corticosteroïden. Dit is een medicijn dat de rijping van de longen van de kinderen bevordert.

Een hoge bloeddruk

Als u zwanger bent van een tweeling, kunt u ook een hogere kans hebben op een hoge bloeddruk. U krijgt hiervoor extra controles. Voor meer informatie verwijzen we u naar de webpagina “Hoge bloeddruk en zwangerschap”.

TTS-syndroom

Een ernstige complicatie die weinig voorkomt, is het TTS-syndroom (transfuseur-transfusé-syndroom of “twin-to-twin” transfusie-syndroom genoemd). Het komt alleen voor bij eeneiige tweelingen. Bij het TTS-syndroom kan er een situatie ontstaan dat er meer bloed van het ene kind naar het andere kind gaat dan dat er terugkomt. Het kind dat bloed “weggeeft” (de transfuseur) krijgt bloedarmoede en groeit daardoor vaak minder goed dan het andere kindje dat extra bloed ontvangt (de transfusé). Ook het kind dat extra bloed krijgt, heeft vaak problemen: het hart kan het niet goed aan om dit extra bloed rond te pompen, met als gevolg dat zich vocht ophoopt in het lichaam. Het kind dat bloed weggeeft, heeft te weinig bloed in het lichaam, de nieren krijgen minder bloed en het kind gaat minder plassen. Het gevolg is dat het vruchtwater rond dit kind afneemt. Het kind dat te veel bloed krijgt, gaat juist meer plassen. Daardoor neemt het vruchtwater rond dit kind toe, waardoor de baarmoeder sneller groeit. Soms merkt de zwangere vrouw dit doordat de buik erg gespannen aanvoelt. Deze te snelle groei kan leiden tot vroeggeboorte. Als een TTS-syndroom niet op tijd wordt herkend, is er een kans dat één of beide kinderen in de baarmoeder overlijdt. Uw arts kan u vertellen of er bij u een risico bestaat op het TTS-syndroom. Wanneer uw arts denkt dat er sprake is van het TTS-syndroom, wordt u doorverwezen naar een academisch ziekenhuis; bijvoorbeeld het LUMC in Leiden of het Erasmus MC in Rotterdam.

Bevallen van een tweeling

U kunt in principe normaal bevallen, tenzij uw gynaecoloog een ander advies geeft. Dit doet de gynaecoloog bijvoorbeeld omdat een van de kinderen een groeiachterstand heeft of omdat de kinderen niet in de juiste positie liggen. Bij 80 procent van de tweelingen ligt het eerste kind met het hoofd naar beneden. Bij 60 procent liggen beide kinderen met het hoofd naar beneden. Ze kunnen ook allebei in stuitligging liggen, of de eerste in stuit- en de tweede in hoofdligging. In deze laatste situaties bespreekt de gynaecoloog met u of een normale bevalling verantwoord is, of dat een keizersnee beter is.

Bij een vaginale bevalling zijn er net als bij een eenlingzwangerschap ontsluitingsweeën. Die zorgen ervoor dat de baarmoedermond opengaat. Wanneer er 10 cm ontsluiting is van de baarmoedermond, begint de geboorte van het eerste kind. Als het eerste kind geboren is, controleert de gynaecoloog de ligging van het tweede kind. Soms duurt het even voordat de weeën opnieuw op gang komen. Tijdens de bevalling worden de harttonen van beide kinderen nauwkeurig gecontroleerd door middel van een CTG. Pas na de geboorte van het tweede kind worden de placenta’s geboren.
Bij de bevalling van een tweeling zijn er altijd meerdere artsen en verpleegkundigen aanwezig. Meestal zijn er één gynaecoloog, één arts-assistent of klinisch verloskundige en twee verpleegkundigen aanwezig. Vindt de bevalling plaats bij een zwangerschapsduur van korter dan 37 weken? Dan is ook de kinderarts aanwezig om de kinderen direct na te kijken wanneer deze geboren zijn.

Complicaties

Omdat de baarmoeder bij een tweelingzwangerschap groter is dan bij een eenlingzwangerschap, zijn de weeën soms niet sterk genoeg. Het is dan nodig deze krachtiger te maken door middel van een medicijn (oxytocine) dat via een infuus wordt toegediend. Ook na de geboorte van de kinderen wordt dit medicijn gegeven om de uitgerekte baarmoeder goed te laten samentrekken en bloedverlies te voorkomen. Na de geboorte van het eerste kind is er veel ruimte in de baarmoeder. Daardoor zakt het tweede kind niet altijd recht met het hoofd of de billen naar beneden, maar komt het dwars in de baarmoeder te liggen. Op deze manier kan het kind niet vaginaal geboren worden. Er zijn dan twee mogelijkheden. De eerste is dat de gynaecoloog probeert het kind te draaien, zodat het wel met het hoofd of de billen naar beneden ligt. Dit kan via de buik of via de vagina geprobeerd worden. De tweede mogelijkheid is dat de gynaecoloog alsnog een keizersnee doet.

De kraamtijd

Als de kinderen niet te vroeg geboren zijn of een te laag geboortegewicht hebben, kunt u na een gewone bevalling de kraamtijd thuis doorbrengen. Geef als u kraamhulp aanvraagt al aan dat u een tweeling verwacht. de kraamzorg kan u dan extra informatie en tips geven. Als één of beide kinderen op de kinderafdeling opgenomen moeten worden, geven de meeste moeders er de voorkeur aan om de kraamtijd in het ziekenhuis door te brengen. Informeer bij uw zorgverzekering en de kraamafdeling wat de mogelijkheden hiervoor zijn.

Borstvoeding

Het is ook mogelijk om borstvoeding te geven aan een tweeling. Het is fijn om in de zwangerschap de informatieavond borstvoeding in het HMC te bezoeken. Daarnaast kunt u tijdens de zwangerschap via u behandeld arts of verpleegkundige een afspraak met de lactatiekundige maken. Tijdens deze afspraak bespreken we hoe de situatie na de bevalling er uit kan zien bij het geven van borstvoeding.
Hoe de situatie na de bevalling zal zijn hangt af van wanneer de baby’s geboren en hoe het met hen en u gaat. Er is altijd een mogelijkheid om te kolven wanneer de baby’s nog niet, of niet voldoende, uit de borst kunnen drinken. Ook als de baby’s opgenomen liggen op de kinderafdeling, kunt u borstvoeding geven en/of kolven. De verpleegkundige en lactatiekundige van de afdeling kunnen u daarbij helpen.

De kraamtijd en de periode daarna

De eerste periode thuis met een tweeling is voor veel ouders erg zwaar. Hoezeer zij zich ook op hun kinderen verheugd hebben, en hoe gelukkig zij zich ook voelen, twee kinderen vragen meer tijd en aandacht dan één. Het leren kennen van de kinderen en het opbouwen van een emotionele band, kost meer tijd dan bij één kind. Andere kinderen in het gezin kunnen door de komst van een tweeling om meer aandacht vragen. Op pad gaan met een tweeling is meestal een hele onderneming. De ouders hebben minder tijd voor elkaar, wat tot spanningen kan leiden. Het is goed om de eerste tijd zoveel mogelijk hulp in te roepen bij de verzorging van de kinderen; zoals hulp van familie of vrienden of gezinshulp. Het is verstandig dit al tijdens de zwangerschap te bespreken. Ook is het raadzaam tijdens de zwangerschap contact op te nemen met de Nederlandse Vereniging van Ouders van Meerlingen (NVOM) voor tips en advies. Naarmate de tijd verstrijkt en er meer routine ontstaat in de verzorging van de kinderen, lukt het vaak beter om van de kinderen te genieten. U zult dan ook als echtpaar weer tijd voor elkaar te vinden.

Nuttige adressen

Voor meer informatie over tweelingen kunt u terecht bij:

  • www.nvom.nl.
  • www. degynaecoloog.nl

Voor meer informatie over het geven van borstvoeding kunt u op de volgende websites terecht:

  • www.lalecheleague.nl;
  • www.borstvoeding.com;

Voor contact met een lactatiekundige:

  • www.nvlborstvoeding.nl.

Vragen

Heeft u na het lezen van deze webpagina nog vragen? Dan kunt u tijdens kantooruren contact opnemen met de polikliniek Gynaecologie/Verloskunde. De contactgegevens:

HMC Bronovo en HMC Westeinde

  • 088 979 24 22 (maandag tot en met vrijdag van 08.00 uur tot 17.00 uur);
  • 088 979 21 04 (overige tijden). Dit nummer is zeven dagen per week, 24 uur per dag bereikbaar in geval van nood. We verzoeken u tijdens kantooruren te bellen wanneer uw vraag geen spoed heeft.

Deze webpagina is met toestemming overgenomen van/gebaseerd op de tekst van de folder “Tweeling en andere meerlingen” van NVOG. De inhoud is aangepast aan de situatie zoals deze zich voordoet bij HMC (Haaglanden Medisch Centrum). Andere folders op het gebied van verloskunde, gynaecologie en voortplantingsgeneeskunde kunt u vinden op de website van de NVOG: www.nvog.nl, rubriek Voorlichting.

 

Zwanger van een tweeling

Waarom HMC?

  • Breed en gespecialiseerd zorgaanbod
  • We vernieuwen en verbeteren de zorg continu
  • Samenwerken vinden we vanzelfsprekend
  • Gastvrij ziekenhuis