Verwijderen van prostaatweefsel via de buik (Millin)

Onderzoek heeft aangetoond dat uw prostaat vergroot is. Een vergrote prostaat kan klachten geven bij het plassen. Daarom heeft de arts u een prostaatoperatie geadviseerd. De uroloog heeft samen met u besloten om een operatie volgens Millin te verrichten. De operatie vindt plaats via een snee in de onderbuik. U wordt hiervoor opgenomen in het ziekenhuis. Op deze webpagina leest u over de voorbereidingen, de operatie en de nazorg.

Specialismen en team

Afspraak en contact

Vragen of aanvragen van herhaalrecepten via E-consult in patientenportaal mijnHMC

Ook kunt u ma t/m vr contact opnemen met de polikliniek Urologie

Locatie

Toon overige locaties

Cijfers

205.000 eerste polikliniek consulten
32.000 klinische opnames per jaar
155.000 verpleegdagen
60.000+ patiënten per jaar op de SEH
350 medisch specialisten

Over verwijderen van prostaatweefsel via de buik (Millin)

Onderzoek heeft aangetoond dat uw prostaat vergroot is. Een vergrote prostaat kan klachten geven bij het plassen. Daarom heeft de arts u een prostaatoperatie geadviseerd. De uroloog heeft samen met u besloten om een operatie volgens Millin te verrichten. De operatie vindt plaats via een snee in de onderbuik. U wordt hiervoor opgenomen in het ziekenhuis. Op deze webpagina leest u over de voorbereidingen, de operatie en de nazorg.

De prostaat

De prostaat is een klier die normaal ongeveer de grootte en vorm heeft van een kastanje. Deze klier dient voor de productie van zaadvloeistof. De prostaat bevindt zich aan de onderzijde van de blaas, daar waar de blaas overgaat in de plasbuis.
Bij mannen groeit de prostaat als ze ouder worden. De prostaat groeit om de plasbuis heen. De plasbuis wordt door de goedaardige vergroting van de prostaat deels dichtgedrukt. De plasbuis wordt hierdoor nauwer, zodat u plasklachten krijgt. U plast de blaas niet meer goed leeg waardoor er blaasontstekingen kunnen ontstaan of problemen met de nieren.

prostaat.png

Klachten die kunnen ontstaan bij een vergrote prostaat

  • Een zwakke straal;
  • Een onderbroken urinestraal;
  • Het niet goed leeg kunnen plassen van de blaas;
  • Vaak plassen;
  • Moeilijk ophouden van de plas;
  • Een branderig gevoel bij het plassen;
  • In de nacht regelmatig moeten plassen.

Voorbereiding op de operatie

Preoperatief spreekuur

Ter voorbereiding op de operatie gaat u eerst naar het preoperatief spreekuur (POS). Het opnamebureau zal u bellen voor het maken van deze afspraak.
Tijdens het spreekuur zal de anesthesioloog uw medische voorgeschiedenis en medicijngebruik met u doornemen. Ook vindt er een kort lichamelijk onderzoek plaats. Als dat nodig is, wordt er verder onderzoek gedaan. Denk daarbij aan bloedonderzoek, een cardiogram of een longfoto. Mogelijk wordt u hiervoor verwezen naar een andere specialist. De anesthesioloog zal u informeren over de verschillende anesthesiemogelijkheden.

De afspraak

Meestal wordt u op de dag van de operatie opgenomen. U krijgt bericht waar en hoe laat u zich moet melden.

Eten en drinken

U moet voor de operatie nuchter zijn. Dit betekent dat u niets mag eten en drinken. De anesthesioloog bespreekt met u vanaf hoe laat u niet meer mag eten en drinken.

Medicijnen

Als u bloedverdunnende medicijnen gebruikt, dan zal de uroloog met u bespreken hoeveel dagen voor de operatie u moet stoppen met deze medicijnen. Is dit niet met u besproken of heeft u hier vragen over? Neemt u dan contact op met de polikliniek Urologie.
Neem alle medicijnen die u gebruikt mee naar het ziekenhuis.

De opname

Op de verpleegafdeling informeert de verpleegkundige u over de gang van zaken op de afdeling. Zodra u geopereerd kunt worden, brengt de verpleegkundige u in uw bed naar de voorbereidingskamer. De anesthesioloog geeft u een algehele of gedeeltelijke verdoving.

De operatie

Tijdens de operatie maakt de uroloog een snee in de onderbuik van ongeveer 15 cm. De uroloog pelt via de snee de prostaat er met de wijsvinger uit. Daarna wordt er een urinekatheter (slangetje) die uitkomt in de blaas geplaatst via de urinebuis. Via de katheter wordt urine afgevoerd en de blaas schoongespoeld, zodat het bloeden stopt en er geen stolsels komen in de blaas. In de wond plaatst de uroloog een wonddrain om wondvocht af te voeren. Daarna wordt de wond gehecht. De hechtingen zijn meestal oplosbaar. De operatie duurt ongeveer één uur.

Na de operatie

Na de operatie gaat u naar de uitslaapkamer. Hier vinden controles plaats van hartslag, bloeddruk en nabloeden. Als de controles in orde zijn, wordt u teruggebracht naar de afdeling.

Na de operatie heeft u:

  • Een infuus in uw arm. Via dit infuus kunnen vocht en medicijnen worden toegediend. Zodra u voldoende drinkt, wordt het infuus afgekoppeld.
  • Een urinekatheter in uw blaas. Dit is een slangetje dat in uw blaas zit om de urine af te voeren. De katheter is nodig om de operatiewond rust te geven en eventuele stolsels weg te spoelen.
  • Een wonddrain om het wondvocht af te voeren.
  • Een spoelsysteem aan de urinekatheter. Het is normaal dat u de eerste dagen na de operatie bloed en stolsels in uw urine heeft. Via dit spoelsysteem wordt de blaas gespoeld en wordt voorkomen dat de katheter verstopt raakt. Hierbij loopt langzaam extra water uit een zak via de katheter in de blaas. Dit extra water wordt ook weer via de katheter afgevoerd.

De verpleegkundige controleert regelmatig uw hartslag, uw bloeddruk en het spoelsysteem. Als u een ruggenprik heeft gehad, zijn uw benen de eerste uren na de operatie nog gevoelloos. Dit gevoel komt langzaam weer terug. Als u goed wakker bent, mag u wat drinken. Als dit goed gaat, mag u ook wat eten.

U kunt last hebben van blaaskrampen. Deze blaaskrampen kunnen worden veroorzaakt door de katheter en het spoelen van de blaas. U kunt de verpleegkundige of uroloog vragen om medicijnen tegen blaaskramp. Als u misselijk bent, kunt u medicijnen tegen de misselijkheid krijgen.

Na de operatie krijgt u pijnstillers. De uroloog bekijkt wanneer de spoelkatheter verwijderd mag worden. Nadat de katheter verwijderd is, kan het plassen gevoelig zijn. U zult ook wat vaker moeten plassen. Ook kan er nog wat bloed met de plas meekomen of kunt u enkele stolseltjes uitplassen. Hierover hoeft u zich geen zorgen te maken. Na een paar dagen wordt de drain door de verpleegkundige verwijderd. Het gaatje groeit snel dicht.

Het herstel

Als alles goed gaat, kunt u na ongeveer vijf tot zeven dagen naar huis. Na de operatie heeft u een buikwond. Deze wond kan nog enkele weken gevoelig blijven.

Voldoende drinken

Er is vocht nodig om afvalstoffen via de nieren af te voeren en de blaas te spoelen. Daarom is het goed om dagelijks twee tot 2,5 liter te drinken
(twee liter = tien glazen of 13 kopjes). U kunt water, sap, melk, limonade, thee of koffie drinken.

Dieet

U hoeft in principe geen speciaal dieet te volgen. Wij adviseren u vezelrijk te eten, bijvoorbeeld bruin/volkoren brood, groenten en veel fruit. Dit bevordert een regelmatige stoelgang. Het is belangrijk dat u de eerste week na thuiskomst geen alcohol drinkt.
Gedurende zes weken mag u alleen in beperkte mate alcohol gebruiken.

Pijn

Als de operatiewond nog gevoelig is mag u drie keer per dag twee tabletten 500 mg paracetamol slikken. U kunt de pijnstilling afbouwen afhankelijk van de pijn.

Bloedverdunnende medicijnen

Gebruikte u voor de operatie bloedverdunnende medicijnen? Dan overlegt de arts met u wanneer u hiermee weer mag starten. Het kan zijn dat u nog een tijdje moet stoppen met het nemen van de bloedverdunners. Dit gebeurt dan om het risico op een nabloeding minder te maken.

De wond

Het kan zijn dat uw wond nog gevoelig is. Dit hoort bij het genezingsproces. U mag de eerste drie weken niet in bad. Douchen is wel toegestaan. Het is niet nodig om de wond thuis te verbinden.

Urineren

De urine kan bloederig of donkerrood van kleur zijn. Vaak is dat oud bloed. De bloedstolsels worden in de urine opgelost en veroorzaken de donkere kleur. U hoeft daar niet van te schrikken; dit is een normaal genezingsproces. Als u voldoende drinkt en zware lichamelijke inspanning vermijdt, zal het bloedverlies vanzelf stoppen. Tot ongeveer zes weken na de operatie kunnen er nog bloedstolsels bij de urine zitten. In de eerste twee maanden kunt u problemen ervaren met plassen. U moet vaker plassen en u kunt continu aandrang voelen. Ook kan het gebeuren dat u urine verliest voordat u bij het toilet bent. Deze klachten zijn bijna altijd van tijdelijke aard. Het komt omdat de blaas aan de nieuwe situatie moet wennen. Nu het prostaatweefsel is verwijderd, hoeft de blaas niet meer zo hard samen te trekken om zich te legen. U kunt absorberend verband- of incontinentiemateriaal gebruiken om de gevolgen van deze klachten te verminderen.

De periode totdat u de controle over het plassen terugkrijgt, varieert per patiënt. Het kan zelfs een aantal maanden duren. Als u dit probleem ervaart, kunt u dit met uw uroloog bespreken. Uw uroloog kan zo nodig medicijnen tegen urineverlies voorschrijven. U kunt ook een afspraak maken met onze continentieverpleegkundigen.

Lichamelijke inspanning

Om de kans op een nabloeding van de wond te verkleinen, is het belangrijk dat u zich in de weken na de operatie houdt aan de onderstaande adviezen:

  • U mag twee weken lang niet meer dan vijf kilo tillen.
  • U mag twee weken niet fietsen en sporten.
  • U kunt na twee tot vier weken weer gaan werken.
  • Pers niet bij de ontlasting. Naast veel drinken is het belangrijk dat u veel vezelrijke voeding gebruikt. Bij harde ontlasting kunt u lactulose gebruiken. Dit kunt u bij de apotheek of drogist verkrijgen.
  • Autorijden kan over het algemeen zodra de wond dicht is en u geen zware pijnstillers meer gebruikt. Meestal is dit na drie weken.

Seksualiteit

De ingreep die u heeft ondergaan, beïnvloedt niet uw seksuele verlangen, erectie en gevoelens tijdens geslachtsgemeenschap. Na de operatie kunt u geen uitwendige zaadlozingen meer krijgen doordat de blaashals (overgang van de blaas naar de prostaat) zich niet meer kan afsluiten. Normaal gesproken sluit de blaashals, zodat u een zaadlozing krijgt. Na de operatie komt het sperma in de blaas en verlaat met de urine het lichaam. Het orgasme wordt hier niet door beïnvloed. Wij adviseren u de eerste twee weken na de operatie geen geslachtsgemeenschap te hebben.

Controle

Bij ontslag van het ziekenhuis krijgt u een controleafspraak mee voor de polikliniek Urologie. U komt dan met volle blaas op de polikliniek Urologie voor een straalmetingtest. Bij dit onderzoek plast u in een trechter van een soort toilet. De kracht, het patroon en het volume van de urinestraal wordt gemeten. Ook krijgt u de uitslag van het weefsel dat is opgestuurd voor onderzoek.

Complicaties

Complicaties die kunnen optreden, zijn:

  • Bloeden dat met behulp van de spoelkatheter niet stopt.
  • Urineverlies: het kan voorkomen dat u na de operatie urine verliest. Dit komt omdat de urine na de operatie makkelijk door de plasbuis kan. Door oefeningen te doen voor uw bekkenbodem en sluitspier verdwijnt meestal het ongewild urineverlies.
  • Vernauwing in de plasbuis: dit is een complicatie die veel later kan ontstaan. Doordat er een operatie is geweest aan de prostaat, kan er littekenweefsel groeien in de plasbuis. Dit merkt u doordat u minder goed kunt plassen. Dit ongemak kan met een kleine operatie worden verholpen.
  • Wondinfectie of koorts.
  • Nabloeding van de wond: dit merkt u als u bloed plast. Als dit gebeurt, moet u goed drinken.

U kunt beter geen prostaatoperatie ondergaan wanneer u nog kinderen wilt. Er komt minder of geen vocht via de penis naar buiten. U kunt wel vruchtbaar zijn.

Een arts waarschuwen

Als u na de ingreep last krijgt van onderstaande klachten, adviseren wij u contact op te nemen:

  • Veel bloed of bloedstolsels bij de urine of als het bloedverlies niet vermindert;
  • Koorts boven de 38,5º C;
  • Hevige, brandende pijn bij het plassen;
  • Als u niet meer kunt plassen.

Overdag kunt u contact opnemen met de polikliniek Urologie. ’s Nachts en in het weekend kunt u contact opnemen met de afdeling Spoedeisende Hulp.

Bericht van verhindering

Bent u op het afgesproken tijdstip verhinderd? Bel dan zo snel mogelijk (uiterlijk 24 uur voor de afspraak) de polikliniek Urologie om u af te melden. In uw plaats kan dan een andere patiënt geholpen worden. Niet of te laat afgemelde afspraken worden in rekening gebracht.

Contact

Deze webpagina geeft algemene informatie over de behandeling. Heeft u na het lezen van de webpagina nog vragen? Kijkt u dan op www.allesoverurologie.nl.

Uw vragen kunt u stellen via e-consult via het patiëntenportaal ‘mijnHMC’.
Kijk op: www.haaglandenmc.nl en kies voor ‘Mijn HMC’.
Houd uw DigiD code gereed.

Voor dringende vragen kunt u contact opnemen met de polikliniek Urologie:
088 979 41 44

Bij spoed bel de Spoedeisende Hulp van HMC Westeinde: 088 979 23 80.

Verwijderen van prostaatweefsel via de buik (Millin)

Waarom HMC?

  • Breed en gespecialiseerd zorgaanbod
  • We vernieuwen en verbeteren de zorg continu
  • Samenwerken vinden we vanzelfsprekend
  • Gastvrij ziekenhuis