Totale heupprothese 

Een kunstheup vervangt een versleten heup. Een kunstheup noemen we ook wel een heupprothese. We spreken van een totale heupprothese, wanneer de arts de hele heup vervangt.

Focuskliniek Orthopedie verpleegafdeling
088 979 80 81
Gesloten van vr 18.00 uur tot ma 07.00 uur

Is de afdeling gesloten? Bel dan bij dringende vragen of bij complicaties het ziekenhuis
088 979 79 00. Vraag naar de dienstdoende arts van de afdeling Orthopedie.

Spoedeisende Hulp (SEH) HMC Westeinde
088 979 23 80
Spoed, buiten kantooruren

Poliklinieken

Toon overige locaties

Cijfers

Jaarcijfers 2019

3000 patiënten met artrose in polikliniek Orthopedie

351 geplaatste totale heupprotheses

8,6 voor patiënttevredenheid verpleegafdeling Focuskliniek

Over de totale heupprothese

Een kunstheup vervangt een versleten heup. Een kunstheup noemen we ook wel een heupprothese. We spreken van een totale heupprothese, wanneer de arts de hele heup vervangt.

Wat is een totale heupprothese?

Oorzaak

Boven aan het bot in uw bovenbeen zit een ronde kop. Deze is ongeveer zo groot als een biljartbal. De kop past in het gat in een ander bot, het bekken. De kop draait rond in dit gat, ofwel in de kom. Zo kunt u lopen en bewegen met uw been. Om dat bewegen soepel te laten verlopen, zit er zacht materiaal om de kop en in de kom. Dit heet kraakbeen. Als het kraakbeen dunner wordt, gaan de botten langs elkaar af schuren. Dat doet pijn en maakt bewegen moeilijker. Het slijten van het kraakbeen noemen we artrose.

totale heupprothese fig1

Heup (bron illustratie: Zorg voor beweging)

Vaak krijgen oudere mensen last van artrose. De oorzaken kunnen zijn:

  • overbelasting van het been
  • zwaar lichamelijk werk
  • terugkerende blessures, bijvoorbeeld door sporten
  • een te zwaar lichaam
  • reuma
  • kraakbeen- en stofwisselingsziekten
  • een scheur of breuk boven in het bot in het bovenbeen, ofwel een dijbeenhalsbreuk
  • een aangeboren afwijking aan de heup, ofwel heupdysplasie

Klachten

Een versleten heup kan ervoor zorgen dat u moeilijk kunt bewegen. De klacht die het meeste voorkomt bij een versleten heup, is pijn. In het begin voelt u de pijn alleen als u beweegt. Later voelt u zelfs pijn, als u de heup niet eens gebruikt. U voelt deze pijn meestal in de lies en in de bilstreek. Soms voelt u ook pijn in uw bovenbeen en knie. Door deze pijn kunt u moeilijker lopen, traplopen en bukken. Soms verdwijnt de pijn als u de heup een tijdje niet belast. Maar dan krijgt u vaak weer pijn op het moment dat u de heup gaat belasten. Dit noemen we startpijn. Als de heup verder slijt, krijgt u meer klachten. Medicijnen, oefeningen en een behandeling bij de fysiotherapeut helpen dan meestal niet meer.

Behandeling

In HMC heeft u een afspraak met de orthopedisch chirurg. Deze arts luistert naar uw klachten, onderzoekt u en bepaalt hoe ernstig uw heup is versleten. We maken een röntgenfoto van uw heup. Vervolgens kiest de arts samen met u voor een behandeling. Een handig hulpmiddel bij het kiezen van een behandeling is een consultkaart. De orthopedisch chirurg heeft samen met u besloten om een totale heupprothese te plaatsen. Deze bestaat uit een steel, een kop en een kom.

totale heupprothese fig 3

Totale heupprothese (bron illustratie: Zorg voor beweging)

De orthopedisch chirurg heeft twee manieren om de heupprothese vast te zetten:

  • met een gecementeerde heupprothese
    De arts bevestigt de nieuwe kom en steel met botcement.
  • met een ongecementeerde heupprothese
    De arts klemt de nieuwe kom en steel in het bot. De prothese groeit vast in het bot. Dat kan doordat de buitenkant van de kom en de steel een speciaal laagje hebben, waar het bot in kan groeien.

Wat de beste manier is voor u, hangt af van uw leeftijd en de kwaliteit van uw bot. De arts bespreekt dit met u.

Voorbereiding

Afspraak

De orthopedisch chirurg heeft u een verwijzing gegeven om een afspraak te maken. U heeft deze afspraak met de anesthesioloog. Deze arts zorg voor de verdoving tijdens de operatie. De arts onderzoekt u om te bepalen wat de beste en veiligste manier is om u te verdoven. Voor de één is dat een algehele narcose. Deze verdooft het hele lichaam. U bent dan een tijdje buiten bewustzijn. Voor de ander is dat een ruggenprik. Deze verdooft het lichaam van de navel tot de tenen. U voelt dan niets en u kunt uw benen tijdelijk niet bewegen. De ruggenprik combineren we soms met een slaapmiddel, zodat u weinig of niets van de operatie merkt.

We vragen een bloedonderzoek voor u aan. Als het nodig is, laten we een hartfilmpje (ECG) en een röntgenfoto van de longen maken. Soms is er aanvullend onderzoek nodig door een andere arts, bijvoorbeeld een internist, cardioloog of longarts.

Kunt u niet naar de afspraak komen?

Heeft u een probleem waardoor u niet op tijd naar de afspraak kunt komen? Laat dit dan zo snel mogelijk weten aan de Focuskliniek Orthopedie – uiterlijk 24 uur voor de afspraak. Wij kunnen dan een andere patiënt in uw plaats helpen. U kunt zich afmelden van maandag tot en met vrijdag, tijdens kantooruren. Als u een afspraak niet of te laat afmeldt, moeten we de afspraak helaas in rekening brengen.

Voorkomen van een infectie

We willen voorkomen dat u een infectie krijgt aan uw prothese. Daarom onderzoeken we uit voorzorg of u een bacterie bij zich draagt. Deze bacterie is in het dagelijks leven ongevaarlijk, maar kan na de operatie voor een infectie zorgen. Om te weten te komen of u de bacterie bij zich draagt, hebben we een beetje neusslijm van u nodig. Enkele weken voor de operatie nemen we dat bij u af, met een wattenstaafje in de punt van uw neus. Dat doet geen pijn. Als u de bacterie heeft, laten we dit weten. Dan krijgt u ruim vóór de operatie medicijnen die de bacterie doden.

Voorlichting

Minimaal één week voor de opname ontvangt u een uitnodiging voor een voorlichtingsbijeenkomst.
Daar vertellen we u over de opname, de operatie en wat er daarna gebeurt. U kunt dan ook vragen stellen. Daarvoor zijn een afdelingsverpleegkundige, een fysiotherapeut en een verpleegkundig specialist aanwezig.

Tips voor thuis

Als u zich goed voorbereidt op de operatie, is dat goed voor het snelle en veilige herstel van uw heup. We geven u een aantal belangrijke tips om u voor te bereiden:

  • Zorg dat u niet te zwaar bent
    Probeer af te vallen, als dat nodig is. Vraag hiervoor uw huisarts om advies. Als u minder weegt, is dat beter voor uw heup en de genezing na de operatie.
  • Stop met roken
    Vraag hiervoor uw huisarts om advies. Als u rookt, heeft u na de operatie meer kans op extra problemen met uw heup.
  • Zorg dat u geen ontsteking of infectie heeft
    Dat is bijvoorbeeld een griep, een blaasontsteking, tandpijn of een wondje. Als u een ontsteking of infectie heeft, kan deze de nieuwe heup besmetten. Laat het ons daarom zo snel mogelijk weten als u wel een ontsteking of infectie heeft. Soms stellen we de operatie dan uit.
  • Oefen vóór de operatie met elleboogkrukken
    Dit zijn loopkrukken waarbij u steunt op uw handen. Na de operatie gebruikt u deze om mee te lopen. We raden aan om alvast te oefenen met deze krukken. Loopt u momenteel met een rollator? Neem deze dan mee naar het ziekenhuis. Dan leren wij u hoe u het beste loopt met een rollator na een heupoperatie.

Bloedverdunners

Gebruikt u bloedverdunners? Dan moet u hier in de week voor de operatie mee stoppen. De orthopedisch chirurg maakt hierover afspraken met u.

Krijgt u bloedverdunners via de trombosedienst? Laat dan de trombosedienst weten wanneer de operatie plaatsvindt. De trombosedienst geeft aan wanneer u met de bloedverdunners moet stoppen. Soms moet u tijdelijk andere bloedverdunners gebruiken. Neem uw gele doseerschema van de trombosedienst mee naar het ziekenhuis.

Bellen met de verpleegafdeling

Bel twee werkdagen voor uw opname in het ziekenhuis met de verpleegafdeling. Bel hiervoor tussen 14.00 en 16.00 uur via telefoonnummer 088 979 80 81. Een van onze medewerkers staat u te woord. De medewerker:

  • vraagt of er veranderingen zijn in uw gezondheidstoestand sinds uw laatste afspraak
  • geeft informatie over de gang van zaken op de afdeling
  • vertelt hoe laat we u op de afdeling verwachten
  • vraagt of alles duidelijk is voor u

Eten en drinken

Het is belangrijk dat u voor de operatie nuchter bent. Dat betekent dat u niets heeft gegeten of gedronken.

Opname

De opname is meestal op de dag van de operatie. De opname is op de Focuskliniek Orthopedie van HMC Bronovo, afdeling Margriet, 1e etage, route 19.

Doe het volgende op de dag van opname:

  • Neem thuis een douche vóór u naar het ziekenhuis gaat.
  • Gebruik geen make-up, nagellak, zalfjes of crèmes.
  • Lees als voorbereiding de folder Voorbereiding op de anesthesie.

Neem de volgende zaken mee op de dag van opname:

  • twee elleboogkrukken of een rollator
  • uw medicatie
  • een doseerschema van de trombosedienst, als u daar onder behandeling bent
  • ruime schoenen, pantoffels of slippers
  • een lange schoenlepel
  • gemakkelijk zittende kleding
  • toiletartikelen
  • een ochtendjas
  • een tasje om spullen in te vervoeren
  • een muntstuk van twee euro voor uw kluisje
  • eventueel een grijphand – een handig apparaatje om uw broek en sokken aan te trekken of om iets op te rapen
  • Een grijphand

grijper.jpg

Door wie wordt u geopereerd?

U wordt geopereerd door de chirurg die u heeft gezien op de polikliniek of samen met een arts-assistent. Een arts-assistent is een afgestudeerde arts, die we in het HMC opleiden tot specialist of die in ons ziekenhuis ervaring opdoet. Arts-assistenten voeren ook zelfstandig (delen van) operaties uit. De medisch specialist is altijd eindverantwoordelijk voor de operatie

Operatie

De verpleegkundige neemt bloed bij u af en controleert samen met u uw gegevens en medicijngebruik. U gaat naar een kamer waar u zich kunt omkleden voor de operatie. U krijgt medicijnen tegen pijn en misselijkheid.

De verpleegkundige brengt u naar de holding. Dat is de ruimte waar we u voorbereiden op de operatie. De anesthesiemedewerker prikt een infuus in uw hand of arm. Via het infuus krijgt u vocht en medicijnen binnen. De medicijnen zorgen ervoor dat u geen infectie krijgt en dat u minder pijn voelt. U krijgt plakkers op uw borst, waarmee we uw hartritme meten. U krijgt een band om uw arm, waarmee we uw bloeddruk meten. We doen een dopje op uw vinger, waarmee we het zuurstofgehalte in uw bloed meten. Vervolgens krijgt u een verdoving.

Tijdens de operatie verwijdert de arts de heupkop. In de heupkom plaatst de arts een nieuwe kom. Deze is van kunststof of metaal. Hierna zet de arts een metalen steel in het bovenbeen. Daarop komt een nieuwe kop, die precies in de kom past.

Het litteken op uw heup is ongeveer vijftien centimeter lang. De operatie zelf duurt één tot anderhalf uur. In totaal bent u ongeveer vier tot vijf uur in en om de operatiekamer.

Na de operatie

Herstel

Na de operatie brengen we u naar de uitslaapkamer, ofwel de verkoever. Daarna gaat u naar de verpleegafdeling. Daar controleert een verpleegkundige regelmatig uw bloeddruk, hartslag en temperatuur. De dag na de operatie maken we een röntgenfoto van uw heup. Daarop zien we hoe de stand van de prothese is.

Pijn

Het is normaal dat u pijn heeft na de operatie. Met medicijnen zorgen we ervoor dat de pijn niet te erg wordt. Laat het meteen weten, als de pijn toeneemt. Dan kan de verpleegkundige de medicijnen aanpassen. Als u dat te laat vertelt, is het moeilijker om de pijn weer onder controle te krijgen. De verpleegkundige vraagt u regelmatig of u pijn heeft.

Nabehandeling

De opname in het ziekenhuis duurt meestal één nacht. Soms is het twee nachten. U mag naar huis als:

  • de arts of verpleegkundig specialist tevreden is over de genezing van de wond
  • de pijn onder controle is en
  • de fysiotherapeut tevreden is over het lopen en traplopen

Als het nodig is, krijgt u thuiszorg. Soms krijgt u thuis nog fysiotherapie. In uitzonderlijke gevallen vindt de revalidatie ergens anders plaats, bijvoorbeeld in een verpleeghuis in de buurt. De keuzes die we maken, hangen af van uw situatie en uw herstel. Dit gebeurt in overleg met uw arts, de fysiotherapeut en de transferverpleegkundige.

Medicijnen

In de eerste vijf weken na de operatie krijgt u tabletten of prikken tegen bloedstolling (trombose).

De eerste maanden na de operatie is het gebied rond de wond nog gevoelig. Zorg dat u voldoende paracetamol in huis heeft tegen de pijn.

Wondpleister

De pleister op uw wond kunt u normaal gesproken twee weken laten zitten, totdat u de polikliniek weer bezoekt. Hiermee kunt u douchen. Het is niet erg als u bloed of wondvocht door de pleister heen ziet. Als u bloed of wondvocht ziet aan de randen van de pleister, dan mag u de pleister (laten) vervangen. Gebruik hiervoor een normale pleister.

Hulpmiddelen

Na de operatie kunnen de volgende hulpmiddelen handig zijn:

  • een stevige stoel met armleuningen
  • bedverhogers
    als uw bed lager is dan 45 centimeter en u nu al moeite heeft met in en uit bed stappen
  • een verhoogde toiletbril
    als uw toilet lager is dan 45 centimeter en u nu al moeite heeft met opstaan van het toilet
  • een plastic stoel voor in de douche
  • eventueel handgrepen in de douche en de toiletruimte

Voor het lenen, huren of kopen van hulpmiddelen, kunt u terecht bij thuiszorgwinkels, bijvoorbeeld Vegro, Florence, Medipoint of Vierstroom.

Bezoek aan arts of tandarts

Geef bij een bezoek aan een arts altijd aan dat u een prothese heeft. Doe dit ook bij de tandarts. De (tand)arts houdt daar dan rekening mee bij ingrepen aan uw gebit waarbij u kans loopt op een infectie.
Het is belangrijk dat u de tandarts regelmatig bezoekt voor controles. Zorg dat u uw gebit goed onderhoudt om infecties te voorkomen.

Registratie van uw prothese

We leggen de gegevens over uw prothese vast in de Landelijke Registratie Orthopedische Implantaten. Dit is een lijst met alle gewrichtsprothesen die artsen in Nederland hebben geplaatst. Een gewrichtsprothese is een prothese voor een heup, knie, enkel, schouder, elleboog, pols, vinger of duim. Als een bepaald type prothese voor ernstige problemen zorgt, dan krijgen we daarvan bericht. Wij zoeken dan op welke van onze patiënten zo'n prothese heeft. Vervolgens nemen we contact met hen op. Uw privacy is hierbij gewaarborgd. Als u niet wilt dat we gegevens over uw prothese in deze lijst opnemen, kunt u bezwaar maken. U kunt dit bespreken met de orthopedisch chirurg.

Complicaties

Een complicatie is een extra medisch probleem dat zich voordoet. Bij iedere operatie bestaat de kans op een complicatie, dus ook bij een heupoperatie. Hieronder vindt u een overzicht van mogelijke complicaties. Neem contact op met uw behandelaar, als zich een van onderstaande problemen voordoet.

Nabloeding

Het is normaal als er in de eerste dagen na de operatie bloed of vocht uit de wond komt. Dit hoort bij het normale genezingsproces.

Gezwollen been

Uw been kan door de operatie dikker worden. Dit is normaal. De zwelling is anderhalve week na de operatie het grootst. De zwelling kan vier tot zes weken aanhouden. Uw voet en onderbeen kunnen blauw verkleuren, wanneer de bloeduitstorting naar beneden zakt.

U kunt de zwelling als volgt verminderen:

  • Leg uw been in de eerste weken zo vaak mogelijk omhoog.
  • Beweeg geregeld.
  • Droeg u vóór de operatie steunkousen? Ga deze dan meteen weer dragen.

Trombose

Trombose is een bloedpropje in de aderen. Na de operatie kan zo'n propje ontstaan in de aderen in uw onderbeen. Daar kan het gaan vastzitten. Om trombose te voorkomen, krijgt u een medicijn dat uw bloed verdunt. U slikt dit de eerste weken na de operatie. Om trombose tegen te gaan, is het ook belangrijk dat u uw been geregeld beweegt.

Verschil in beenlengte

In de eerste weken na de operatie kan het voelen alsof het geopereerde been langer is. Dat komt doordat de spieren rond uw heup een nieuw evenwicht moeten zoeken. Meestal is dit tijdelijk.

Soms kiest de orthopedisch chirurg ervoor om uw been te verlengen. Dit verkleint dan de kans dat de heup uit de kom schiet.

Krijgt u klachten door het verschil in hoogte tussen uw benen? Dan kan de orthopedisch chirurg u doorverwijzen om een verhoogde schoenzool te laten aanmeten.

Uit de kom schieten

Na de operatie bestaat de kans dat uw nieuwe heup uit de kom schiet. Dit heet een luxatie. De eerste drie maanden is de kans hierop het grootst. De spieren rond de heup zijn dan nog zwak en het gewrichtskapsel is nog niet stevig genoeg. Het gewrichtskapsel zit om de heup en de kom en houdt de botten bij elkaar. De fysiotherapeut geeft u tips, waarmee u de kans op een luxatie verkleint.

Beschadiging van bloedvaten en zenuwen

In de omgeving van de heup lopen verschillende bloedvaten en zenuwen. Soms rekken deze uit tijdens de operatie of raken ze beschadigd. Daardoor raken delen van uw geopereerde been verslapt of gevoelloos. Dit komt weinig voor en is meestal tijdelijk. Een doof gevoel rond de wond komt geregeld voor.

Infectie

Een heupprothese is altijd gevoelig voor bacteriën. Goede persoonlijke hygiëne en gezonde voeding zijn belangrijk om een infectie te voorkomen. Als u een infectie oploopt, leidt dit altijd tot een ziekenhuisopname. Een infectie komt vaker voor bij mensen met:

  • suikerziekte (diabetes)
  • reuma
  • aandoeningen van het immuunsysteem

Loslaten prothese

Een prothese gaat gemiddeld vijftien tot twintig jaar mee. Hierna kan de prothese langzaam los gaan zitten. Als dat het geval is, moeten we de prothese vervangen. Soms gaat een heupprothese eerder los zitten. De kans dat een heupprothese los gaat zitten, is groter na:

  • een infectie
  • een val of
  • uit de kom schieten

Bewegen

U mag de volgende bewegingen maken. Beweeg hierbij tot u pijn of weerstand voelt, niet verder!

  • draaibewegingen maken vanuit de heup
  • de benen kruisen
  • iets oprapen van de grond
  • sokken aantrekken

Als u voor de eerste keer uit bed komt, helpt de verpleegkundige of de fysiotherapeut u daarbij. Direct na de operatie mag u op uw heup staan en ermee bewegen. U oefent samen met de fysiotherapeut hoe u in en uit bed stapt, met krukken loopt, zit, opstaat en traploopt. Op Fysiotherapie na een heup- of knieprothese ziet u hoe u het beste kunt bewegen nadat u een totale heupprothese heeft gekregen. De onderwerpen zijn:

  • oefeningen in bed
  • dagelijkse handelingen
    • in en uit bed stappen
    • zitten en opstaan
    • lopen met krukken
    • traplopen met krukken
    • douchen
    • autorijden
    • in een auto gaan zitten
    • fietsen
  • oefeningen voor de heup

Controle

Enkele dagen na de operatie neemt een verpleegkundige contact met u op en vraagt hoe het met u gaat.

Daarna komt u enkele keren terug naar de polikliniek voor controles:

  • Na twee weken bezoekt u de verpleegkundig specialist. Deze controleert de wond en verwijdert de hechtingen.
  • Na zes weken heeft u een belafspraak met de orthopedisch chirurg.
  • Na één jaar heeft u nog een controleafspraak.

Tijdens de controles vragen we u een vragenlijst in te vullen. Uw antwoorden gebruiken we om het resultaat van de operatie te beoordelen.

Wanneer moet u meteen contact opnemen met HMC?

Neem meteen contact op met het ziekenhuis:

  • als er opnieuw wondvocht uit de wond komt
  • als u koorts krijgt
  • als de huid rond de wond dik wordt of meer pijn gaat doen
  • als u niet meer kunt staan, terwijl dit eerder goed mogelijk was
  • als uw been rood verkleurt en glanst

Heeft u vragen?

Heeft u nog vragen over de operatie? Of heeft u vragen over uw medische situatie? Bel dan met de Focuskliniek Orthopedie.

Heeft u een smartphone? Dan kunt u de Patient Journey App downloaden. Deze is gratis op zowel de Google Playstore als de Apple Appstore. In de app begeleiden we u stap voor stap door het zorgproces voor het plaatsen van een totale heupprothese.

Totale heupprothese

Waarom HMC?

  • Uw eigen behandelend arts
  • Persoonlijke begeleiding
  • Iedereen is welkom, ook al heeft u andere onderliggende ziektes
  • Sneller herstel, door plaatsen van de prothese via de voorkant van de heup

Het team

foto van P.H.C. den Hollander

P.H.C. den Hollander

Orthopedisch chirurg / Chief Medical Information Officer (CMIO)

foto van S.B. Keizer

S.B. Keizer

Orthopedisch chirurg

foto van M. Obbens-Brummelkamp

M. Obbens-Brummelkamp

Verpleegkundig specialist

foto van C.G. Otterspeer

C.G. Otterspeer

Verpleegkundig specialist

foto van K.J. du Pré

K.J. du Pré

Orthopedisch chirurg

foto van L.J.A. Taminiau

L.J.A. Taminiau

Orthopedisch chirurg

Toon iedereen