Operatie van een kwaadaardige tumor in mond en/of keelholte

De KNO-arts heeft met u besproken dat u een kwaadaardige tumor heeft in de mond en/of keelholte. In uw geval betekent dit dat u een operatie zult ondergaan. De KNO-arts heeft u al ingelicht over de ingreep en deze webpagina is een aanvulling daarop.

Afspraak en contact

088 979 18 90
ma t/m vr van 08.00 - 17.00 uur

Locatie

Toon overige locaties

Cijfers

205.000 eerste polikliniek consulten
32.000 klinische opnames per jaar
155.000 verpleegdagen
60.000+ patiënten per jaar op de SEH
350 medisch specialisten

Over operatie van een kwaadaardige tumor in mond en/of keelholte

De KNO-arts heeft met u besproken dat u een kwaadaardige tumor heeft in de mond en/of keelholte. In uw geval betekent dit dat u een operatie zult ondergaan. De KNO-arts heeft u al ingelicht over de ingreep en deze webpagina is een aanvulling daarop.

Een aantal onderwerpen in deze webpagina zal u bekend voorkomen, terwijl andere onderwerpen mogelijk vragen zullen oproepen. Mocht u na het lezen van deze informatie nog vragen hebben, dan kunt u daarmee terecht bij de behandelend KNO-arts en/of het verpleegkundig team op de polikliniek KNO.

Operatietechnieken

In deze folder vindt u informatie over een operatie in de mond en/of keelholte. Dit is een operatie waarbij een gezwel in de mondholte, keel en/of onderkaak zal worden weggenomen. Uw behandelend arts heeft u al iets verteld over deze ingreep en welke operatietechniek er gebruikt gaat worden. Er zijn twee mogelijkheden.

Operatie m.b.v. een kaak split (commando procedure)

Deze operatie heet een commando procedure. Tijdens deze operatie worden naast een gezwel in de mondholte, keel en/of onderkaak, ook de lymfeklieren in de hals weggenomen (zie ook de folder hals klier dissectie). Voor de reconstructie van de mondholte kan de arts gebruikmaken van een stuk huid van de borstwand, onderarm of het onderbeen. Soms is ook een huidtransplantatie van het bovenbeen noodzakelijk. De kaak wordt bij deze operatie hersteld met een metalen plaatje en schroeven.

Om te zorgen dat u veilig kunt ademhalen tijdens de operatie en daarna, krijgt u tijdelijk een gaatje in de luchtpijp. Daarin wordt een canule (een hol buisje) geplaatst.

Na de operatie mag u enige tijd niet eten en drinken. U krijgt tijdens de operatie een neus/maag sonde geplaatst. Via de sonde krijgt u na de operatie voeding en water toegediend. De sonde wordt verwijderd wanneer u weer mag starten met eten.

Operatie zonder de kaak te splitsen

Soms is het niet nodig om de kaak te splitsen. Dit wordt een trans orale resectie genoemd. Meestal wordt hierbij geen canule geplaatst. Mocht dit wel nodig zijn, dan zal uw behandelend arts u hierover informeren.

Behandelteam

Tijdens de hele opname komt u in contact met verschillende disciplines. Samen vormen zij het behandelteam. Met enkelen heeft u al kennis gemaakt op de polikliniek en anderen ziet u op de dag van opname of na de operatie. Het behandelteam bestaat onder andere uit de volgende disciplines:

  • KNO-arts/oncologisch (hoofd/hals) chirurg: De hoofd/hals chirurg is de KNO-arts die u gaat opereren. Hij of zij zal ook na de operatie regelmatig kijken hoe het met u gaat.
  • Zaalarts: de zaalarts is een KNO-arts in opleiding. Bij de zaalarts kunt u in eerste instantie terecht met uw vragen over de behandeling. De zaalarts is verantwoordelijk voor de dagelijkse gang van zaken op de verpleegafdeling en loopt dagelijks in de ochtend visite. De hoofd/hals chirurg is hier ook vaak bij aanwezig.
  • Kaakchirurg: Als er een kaaksplit nodig is, dan zal de kaakchirurg deze uitvoeren. Ook zal de kaakchirurg wanneer dat nodig is tanden en/of kiezen trekken en eventueel meteen implantaten plaatsen.
  • Plastisch chirurg: Is het nodig om de operatiewond te sluiten met huid van bijvoorbeeld uw bovenbeen of bovenarm? Dan zal de plastisch chirurg dit doen.
  • Verpleegkundige: De verpleegkundigen van de afdeling zullen tijdens de opname voor u zorgen. Tijdens de opname is de verantwoordelijk verpleegkundige van die dag uw aanspreekpunt. Mochten er toch nog onduidelijkheden zijn, dan kunt u contact opnemen met het verpleegkundig team van de polikliniek.
  • Verpleegkundig team polikliniek: Op de polikliniek heeft u al kennis gemaakt met de verpleegkundig specialist en/of de oncologieverpleegkundigen. Voor vragen over uw behandeling kunt u ook bij hen terecht. Zij zullen u gedurende uw behandeling en de follow-up blijven volgen. Voordat u opgenomen wordt, krijgt u een uitnodiging van één van de verpleegkundigen van het verpleegkundig team hoofd/hals oncologie. Het doel hiervan is om u en uw naasten zo goed mogelijk voor te bereiden op de opname en de behandeling. Het verwachte verloop van de opname en de operatie worden met u besproken. Ook legt de verpleegkundige uit hoe het verder zal gaan na het ontslag uit het ziekenhuis. Wij raden u aan om uw eventuele partner en/of een ander familielid mee te nemen naar dit gesprek.
  • Fysiotherapeut: De fysiotherapeut wordt na de operatie ingeschakeld om uw ademhaling te ondersteunen en eventueel te helpen met ophoesten. Na een operatie in de mondholte of aan de tong is de beweeglijkheid van de nek vaak wat minder. Ook het bewegen van de schouder kan dan wat problemen geven. Door u gerichte oefeningen te geven, kan de fysiotherapeut helpen de klachten te bestrijden.
  • Logopediste: Soms heeft u voor de operatie al kennisgemaakt met de logopediste. Enige tijd na de operatie zult u met haar beginnen met de slik- en spraakrevalidatie. De revalidatie kan waar nodig poliklinisch doorgaan nadat u uit het ziekenhuis bent ontslagen.
  • Diëtiste: De diëtiste geeft voedingsadvies voor en na de operatie. Later zal zij u ook, in overleg met de arts en de logopediste, begeleiden bij het kiezen van de juiste voeding.
  • Mondhygiëniste: Na de operatie is een goede mondverzorging belangrijk. De mondhygiëniste zal regelmatig uw mond inspecteren. Ook zal de mondhygiëniste u adviezen geven hoe u uw mond goed kunt verzorgen. Uw mond wordt op de verpleegafdeling, door de verpleegkundige, driemaal per dag gesprayd met water. Het water wat in uw mond wordt gesprayd, wordt na het sprayen gelijk uit uw mond afgezogen.
  • Psycholoog/psychiater: Soms heeft u op de polikliniek al kennisgemaakt met de psycholoog of psychiater. Zoniet, dan zal de psycholoog of psychiater u op de dag voor de operatie bezoeken.

De opname

De dag voor de operatie wordt u opgenomen in het ziekenhuis. Het is dan ook mogelijk om de Intensive Care te bezoeken als u daar behoefte aan heeft.

De logopediste en de psycholoog/psychiater, en wanneer nodig de diëtiste, zullen u op deze dag bezoeken op de verpleegafdeling.

Dag van de operatie

Op de operatiedag wordt u over het algemeen al vroeg voorbereid op de operatie. U krijgt operatiekleding aan. Sieraden en een eventueel kunstgebit blijven op uw kamer achter. Op de afgesproken tijd gaat u naar de operatiekamer. Hier zal de anesthesioloog verder voor u zorgen. Na de operatie gaat u, als dit besproken is, naar de Intensive Care afdeling.

Na de operatie

Na de operatie kan er zwelling ontstaan in het operatiegebied. Om problemen met uw ademhaling te voorkomen, kan er tijdens de operatie een tijdelijk gaatje in de luchtpijp gemaakt worden. Hierin zit een buisje, canule of tracheacanule genoemd. De tracheacanule zorgt ervoor dat u zonder problemen kunt blijven ademhalen. Het hoesten zal dan ook via de tracheacanule gaan. U heeft van de arts gehoord of dit bij u van toepassing is.

Omdat u niets mag eten en drinken, krijgt u via een infuus en neussonde vocht en voeding toegediend. Via de neussonde kunnen ook medicijnen worden gegeven. Mocht u geen neussonde krijgen, dan heeft u dit van uw arts al gehoord op de polikliniek.

Tijdens de operatie heeft u een slang (katheter) in de blaas gekregen om nauwkeurig te kunnen controleren hoeveel u plast. Deze katheter wordt in de eerste dagen na de ingreep verwijderd.

Tijdens de operatie worden er slangetjes (drains) in het wondgebied achtergelaten. Hierdoor wordt het vocht uit de wond gezogen en opgevangen in een afgesloten fles, zodat de wond goed geneest. Zodra er geen vocht meer in het drainflesje komt, worden de drains verwijderd.

Na de operatie worden bloeddruk, pols, temperatuur en zuurstofgehalte in het bloed regelmatig gecontroleerd. Zo zullen we u ook driemaal per dag naar de mate van pijn vragen. Het is erg belangrijk dat u goed aangeeft of de pijn onder controle is. Een goede behandeling van de pijn heeft een positieve invloed op uw herstel.

De dag na de operatie mag u in principe al even uit bed. De tijd die u uit bed gaat, wordt iedere dag uitgebreid. Zodra dit mogelijk is, zal de verpleging vragen of u zichzelf weer wilt wassen en aankleden.

Ontslag en nazorg

Na een commando procedure (operatie m.b.v. een kaak split) zult u ongeveer drie weken in het ziekenhuis verblijven. Bij een trans orale resectie (operatie zonder de kaak te splitsen) zal dit korter zijn. Na ontslag uit het ziekenhuis zult u langdurig onder zorgvuldige controle blijven staan. Vooral de eerste tijd na de operatie moet u vaak terugkomen voor een controlebezoek.

Zo nodig kan er wijkverpleging worden ingeschakeld om u thuis te ondersteunen. Mocht uw thuissituatie nu al zo zijn, dat u verwacht dat er na uw opname problemen zullen ontstaan, dan is het erg belangrijk om dit meteen bij opname te vertellen tegen de verpleegkundige op de verpleegafdeling. Als u het ziekenhuis heeft verlaten, stelt de KNO-arts uw huisarts (en eventueel andere behandelaars) door middel van een brief op de hoogte van uw gezondheidstoestand.

Enkele belangrijke telefoonnummers

  • Verpleegafdeling KNO: 088 979 44 25
  • Poli KNO: 088 979 18 90
  • Verpleegkundig team hoofd/hals oncologie: 088 979 31 63

Operatie van een kwaadaardige tumor in mond en/of keelholte

Waarom HMC?

  • Breed en gespecialiseerd zorgaanbod
  • We vernieuwen en verbeteren de zorg continu
  • Samenwerken vinden we vanzelfsprekend
  • Gastvrij ziekenhuis