Onderzoek naar Anale Intra-epitheliale Neoplasie (AIN)

Anale Intra-epitheliale Neoplasie (AIN) kan uitgroeien tot anuskanker. Wij kunnen u onderzoeken op AIN en waar nodig behandelen.

Afspraak en contact

HMC Antoniushove
HMC Bronovo
HMC Westeinde
088 979 24 45
ma t/m vr van 08.00 - 17.00 uur

Buiten kantooruren
Hadoks
070 346 96 69

 

Locatie

Cijfers

Per jaar
Meer dan 10.000 poliklinische patiënten bij Dermatologie

Over onderzoek naar Anale Intra-epitheliale Neoplasie (AIN)

Uw arts heeft u doorverwezen voor een onderzoek (screening) van Anale Intra-epitheliale Neoplasie (AIN). Hieronder leest u wat AIN is en hoe het onderzoek gaat.

Wat is AIN?

Bij AIN zijn er onrustige cellen in het slijmvlies in en rond de anus. Deze onrustige cellen kunnen uitgroeien tot anuskanker. Daarom behandelen we AIN als een voorstadium van anuskanker. Het humaan papillomavirus (HPV) veroorzaakt AIN. Dit is hetzelfde virus dat bij vrouwen baarmoederhalskanker kan veroorzaken. Vooral mannen met HIV die seks hebben met mannen lijken een hoger risico te hebben op AIN en anuskanker.

Kanker ontstaat niet van het ene op het andere moment. De ziekte ontwikkelt zich meestal in de loop van jaren. Over het algemeen merkt u niet dat u AIN heeft. AIN geeft bijvoorbeeld geen klachten.

Onderzoek en behandeling

Het is nog niet wetenschappelijk bewezen dat we anuskanker voorkomen met het onderzoeken en behandelen van AIN. Maar wij onderzoeken en behandelen AIN omdat we denken dat we hiermee de kans op anuskanker kleiner kunnen maken voor u.

Als onze onderzoeker afwijkingen vindt, kunt u deze laten behandelen. Na een succesvolle behandeling kunt u toch weer AIN krijgen.

Graderingen

Er zijn drie graderingen van AIN die we kunnen vinden bij het onderzoek.

  • AIN 1 (LSIL: Laaggradige squameuze intra-epitheliale neoplasie)
    Alleen in het slijmvlies aan de oppervlakte zitten afwijkende cellen.
  • AIN 2 (HSIL: Hooggradige squameuze intra-epitheliale neoplasie)
    De afwijkende cellen zitten dieper in het slijmvlies.
  • AIN 3 (HSIL: Hooggradige squameuze intra-epitheliale neoplasie)
    De afwijkende cellen zitten in het hele slijmvlies in en rond de anus.

LSIL (AIN 1) wordt gezien als een onschuldige afwijking. Deze afwijking kan vanzelf verdwijnen. Ze hoeft niet behandeld te worden. HSIL (AIN 2 en 3) behandelen we wel als u dat wilt.

Voorbereiding

Om het onderzoek goed te kunnen doen, vragen we u om 24 uur voor het onderzoek:

  • geen anale seks te hebben
  • niet anaal te spoelen
  • geen voorwerpen in de anus te brengen
  • geen gekruid eten te nuttigen

U hoeft niet te stoppen met bloedverdunnende medicijnen.

Onderzoek

Het onderzoek gebeurt op de polikliniek Gynaecologie in HMC Westeinde, in kamer 4. U kunt in de wachtkamer gaan zitten zonder u te melden bij de balie.

De onderzoeker stelt u eerst enkele vragen. Die gaan onder andere over uw mogelijke klachten rond de anus. Ook vraagt de onderzoeker naar uw seksuele activiteit in de laatste zes maanden. Daarna kan u in een afgeschermde ruimte uw onderkleding, onderbroek en schoenen uittrekken. U krijgt een handdoek om uw geslachtsdelen te bedekken. De onderzoeker heeft altijd een assistent bij zich. U neemt plaats in een speciale stoel. Uw benen liggen in twee steunen. De onderzoeker brengt de stoel omhoog en licht naar achteren. Het onderzoek bestaat uit vier onderdelen:

1. Onderzoek van de buitenkant van de anus (perianaal)

De onderzoeker bekijkt de buitenkant van de anus, om te zien of daar afwijkingen zitten. De onderzoeker brengt azijnzuur aan. Dit is een kleurstof die de afwijkingen beter laat zien. Azijnzuur voelt koud, nat en soms een beetje branderig aan. De onderzoeker bekijkt door een colposcoop (soort microscoop) het gebied rond de anus. Zo kan de onderzoeker eventuele afwijkingen in detail bekijken. Ziet de onderzoeker afwijkingen? Dan maakt hij of zij hier foto’s van. Deze foto's slaan we op in uw medisch dossier. De onderzoeker gebruikt de foto's om een mogelijk afwijkend plekje later terug te vinden. We kunnen dan beoordelen of een eventuele behandeling resultaat heeft gehad.

protoscoop_350pix.png

Proctoscoop

2. Rectaal toucher

Sommige afwijkingen kan de onderzoeker beter voelen dan zien. Daarom voelt de onderzoeker met een vinger aan de binnenkant van de anus. Dit heet een 'rectaal toucher'.

3. Onderzoek van de binnenkant van de anus (intra-anaal)

Om de binnenkant van de anus te bekijken, brengt de onderzoeker de proctoscoop in de anus. De onderzoeker smeert de proctoscoop eerst in met glijmiddel. Daardoor gaat het inbrengen in de anus makkelijker. Als de proctoscoop in de anus zit, brengt de onderzoeker een wattenstaaf in. Om de wattenstaaf zit een gaasje met azijnzuur. Ook nu kan het azijnzuur koud, nat en branderig aanvoelen. Na ongeveer twee minuten verwijdert de onderzoeker de wattenstaaf en het gaasje. Daarna brengt de onderzoeker de proctoscoop weer in de anus. Hij of zij bekijkt de binnenkant van de anus in detail met de microscoop. Het anusslijmvlies heeft verschillende plooien. Om alle plooien goed te zien, brengt de onderzoeker de proctoscoop enkele keren opnieuw in. Ook bij het intra-anaal onderzoek maken we waar nodig foto’s. Die slaan we op in uw medisch dossier.

4. Biopt

Vindt de onderzoeker een afwijking? Dan neemt hij of zij daar een stukje van ongeveer drie millimeter uit. Dit stukje noemen we een biopt. We nemen van elke afwijking een biopt af. Hieronder leggen we uit hoe dit gebeurt:

  • Buitenkant van de anus (perianaal)
    Nemen we aan de buitenkant van de anus een biopt af? Dan verdoven we eerst de huid. Dit gebeurt met een injectie. U voelt na de verdoving nog wel druk, maar geen pijn meer. Een biopt aan de buitenkant gebeurt met een stansbiopteur. Dit is een klein boortje dat lijkt op een appelboortje. Dit boortje maakt een stukje huid los. Daarna halen we het met een pincet en schaartje weg. Dit doet geen pijn.
  • Binnenkant van de anus (intra-anaal)
    Een biopt aan de binnenkant van de anus afnemen gebeurt met een forcepsbiopteur. Dit is een tang met aan het einde een klein knipgedeelte. We verdoven het slijmvlies in de anus eerst met een spray. Daarna nemen we het biopt af. U kunt hierbij een licht pijnlijk, trekkend gevoel hebben. Dit voelt alsof iemand een haar van u uittrekt.

Het onderzoek duurt in totaal 30 tot 45 minuten.

Na het onderzoek

Biopt

We doen de biopten in een potje met bewaarvloeistof. We sturen dit potje naar de patholoog-anatoom. Deze medisch specialist onderzoekt het biopt. De patholoog-anatoom stelt vast of u AIN heeft en om welke gradering het gaat: LSIL (AIN 1) of HSIL (AIN 2 of AIN 3).

Uitslag

Na twee weken krijgt u telefonisch de uitslag van het onderzoek. We bespreken dan ook het vervolg met u:

  • Bij LSIL adviseren we geen behandeling. Vaak verdwijnt de afwijking vanzelf weer. Na een jaar krijgt u een oproep voor een nieuw onderzoek naar AIN.
  • Bij HSIL adviseren we u om u te laten behandelen. Lees hierover meer onder Behandeling van Anale Intra-epitheliale Neoplasie (AIN).

Dagelijks leven

Is er bij u geen biopt afgenomen? Dan kunt u op de dag na het onderzoek alle activiteiten doen, die u normaal ook doet. Heeft u hierover vragen? Stel deze dan aan de onderzoeker.

Is er bij u wel een biopt afgenomen? Dan geldt wat hieronder staat:

  • Na het nemen van een biopt kan uw huid of anusslijmvlies één tot enkele dagen bloeden.
  • U krijgt absorberend verband mee. Dit voorkomt dat bloed op uw kleding komt.
  • Vaak ziet u nog enkele dagen bloed bij de ontlasting of op het wc-papier. Dit is normaal.
  • Heeft u veel bloedverlies? Neem dan contact op met uw arts.
  • We raden u aan om tot één week na het onderzoek geen anaal contact te hebben. Dit om de wondjes goed te laten genezen.
  • Zolang de wondjes er zijn, krijgt u eerder seksueel overdraagbare aandoeningen (soa's) en infecties. Gebruik daarom condooms bij anaal contact.
  • Na ongeveer twee weken zijn de wondjes helemaal genezen.

Afspraak maken of verzetten

Voor het maken of verzetten van een afspraak, belt u naar de polikliniek Dermatologie. U bereikt ons via telefoonnummer 088 979 44 03. Heeft u een probleem waardoor u niet op tijd naar een afspraak kunt komen? Laat dit dan zo snel mogelijk weten aan de polikliniek Dermatologie. Doe dit uiterlijk 24 uur voor de afspraak. Wij kunnen dan een andere patiënt in uw plaats helpen. Meldt u een afspraak niet of te laat af? Dan moeten we de afspraak helaas in rekening brengen.

Vragen

Heeft u nog vragen? Bel dan met de verpleegkundig specialist op de polikliniek Interne Geneeskunde via telefoonnummer 088 979 43 07. U kunt ook bellen met de verpleegkundig specialist op de polikliniek Dermatologie, via telefoonnummer 088 979 44 03. U kunt uw vraag daarnaast stellen via ons patiëntenportaal mijnHMC.

Bron: Deze tekst is gebaseerd op de folder Controle op Anale Intra-epitheliale Neoplasie (AIN) van het AMC.

 

Onderzoek naar Anale Intra-epitheliale Neoplasie (AIN)

Dermatologie
Waarom HMC?

  • Team van ervaren dermatologen

  • Samenwerking met andere specialismen

  • Speciaal spreekuur voor verdachte plekjes

  • Speciaal spreekuur voor pigmentaandoeningen

  • Speciaal spreekuur voor spataderen

  • Gespecialiseerd in de behandeling van huidkanker