IVF en ICSI

Deze informatie is voor paren die bij HMC een IVF- of ICSI-behandeling zullen ondergaan. IVF en ICSI komen voor een groot deel overeen. Daarom beschrijven we beide methoden in deze informatie. Wij raden u aan om deze informatie thuis op uw gemak te lezen voordat u aan de behandeling begint. Tijdens de behandeling kunt u de informatie gebruiken als naslagwerk.

Specialismen en team

Afspraak en contact

HMC Bronovo 088 979 44 93
ma t/m vr van 8.30- 12.45 en 13.30-16.30 uur

fertiliteit@haaglandenmc.nl

Locatie

Cijfers

205.000 eerste polikliniek consulten
32.000 klinische opnames per jaar
155.000 verpleegdagen
60.000+ patiënten per jaar op de SEH
350 medisch specialisten

Over IVF en ICSI

Deze informatie is voor paren die bij HMC een IVF- of ICSI-behandeling zullen ondergaan. IVF en ICSI komen voor een groot deel overeen. Daarom beschrijven we beide methoden in deze informatie. Wij raden u aan om deze informatie thuis op uw gemak te lezen voordat u aan de behandeling begint. Tijdens de behandeling kunt u de informatie gebruiken als naslagwerk.

Met deze informatie proberen we u zo goed mogelijk te informeren over een IVFI-/ICSI-behandeling en alles wat hierbij komt kijken. Veranderend beleid en nieuwe inzichten kunnen echter leiden tot nieuwe manieren van behandelen. Daarover zullen we u dan zo snel mogelijk informeren. Heeft u na het lezen van deze webpagina nog vragen, dan kunt u die altijd stellen aan een van de leden van het behandelteam.

IVF en ICSI

IVF (In Vitro Fertilisatie) bestaat uit een hormoonbehandeling bij de vrouw, het weghalen van eicellen en de bevruchting in het laboratorium. De eicellen en zaadcellen worden in het laboratorium bij elkaar gebracht. De zaadcellen moeten zelf proberen de eicel binnen te dringen en te bevruchten. Als dat lukt, wordt de bevruchte eicel in de baarmoederholte geplaatst. IVF wordt ook wel reageerbuisbevruchting genoemd.

ICSI (Intra Cytoplasmatische Sperma Injectie) is een variatie op IVF. Bij ICSI wordt de eicel in het laboratorium geïnjecteerd met een zaadcel. Bij beide technieken ontstaan embryo’s. Enkele dagen later plaatsen we één of twee embryo’s in de baarmoeder. Wanneer we in deze informatie spreken over een IVF-behandeling bedoelen we – tenzij anders vermeld - ook een ICSI-behandeling.

IVF/ICSI in HMC

HMC is een zogenaamde transportkliniek voor de IVF-/ICSI-behandeling. Dit betekent dat het laboratoriumgedeelte en de terugplaatsing van de embryo’s niet plaatsvindt in HMC. Deze handelingen gebeuren in het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) in Leiden. Alle onderzoeken rond de behandeling vinden wel plaats in HMC. De follikelpunctie - het weghalen van de eicel – gebeurt eveneens in HMC.
Voor veel mensen gaat een lange periode van ongewenste kinderloosheid vooraf aan de IVF-behandeling. Ook de IVF-behandeling zelf kan voor u gepaard gaan met veel spanningen. De betrokken medewerkers van HMC en het LUMC zijn zich hiervan bewust. Zij proberen hier zoveel mogelijk rekening mee te houden.

Het behandelteam

Het fertiliteitsteam van HMC bestaat uit gynaecologen en artsen voortplantingsgeneeskunde. De artsen voortplantingsgeneeskunde zijn gespecialiseerd in de behandeling van vruchtbaarheidsproblemen. Verpleegkundigen, doktersassistenten en secretaresses van de polikliniek Gynaecologie ondersteunen het behandelteam.

De natuurlijke bevruchting

ivf.png

Om IVF beter te kunnen begrijpen, leggen we eerst uit hoe een natuurlijke bevruchting tot stand komt. Op de illustratie ziet u hoe de eierstokken liggen ten opzichte van de baarmoeder, de eileiders en de vagina.
Iedere maand, vanaf het begin van de menstruatie, beginnen in de eierstokken eicellen te groeien en te rijpen. Zo’n eicel is microscopisch klein. De eicel wordt omgeven door een steeds groter wordend eiblaasje, de follikel. Dit eiblaasje is gevuld met vocht. Normaal groeit per maand slechts één eicel door en gaan de andere eicellen verloren. Bij de eisprong (ovulatie), barst het eiblaasje en komt deze ene eicel vrij. Bij een regelmatige cyclus van 28 dagen is het tijdstip van de ovulatie ongeveer midden tussen twee menstruaties in. De nog onbevruchte eicel wordt opgevangen door één van de eileiders.
De zaadcellen komen bij het vrijen in de vagina en zwemmen via de baarmoeder naar de eileider. In de eileider vindt de bevruchting plaats. De eicel versmelt daarbij met één zaadcel. De bevruchte en delende eicel noemen we vanaf dat moment een embryo. Dit embryo wordt in ongeveer vier dagen naar de baarmoeder gevoerd. Het embryo nestelt zich vervolgens in het slijmvlies van de baarmoeder.

Wie komen er voor IVF/ICSI in aanmerking?

Wanneer de bevruchting op natuurlijke wijze niet mogelijk is, kan IVF of ICSI uitkomst bieden. Paren met een kinderwens komen hiervoor in aanmerking als:

  • De eileiders niet goed functioneren, dicht of afwezig zijn;
  • De man minder goed zaad heeft: als de kwaliteit zich onder een bepaalde grens bevindt, is alleen ICSI mogelijk;
  • Er sprake is van ernstige endometriose: dit is een aandoening waarbij baarmoederslijmvlies (endometrium) buiten de baarmoederholte voorkomt en klachten veroorzaakt;
  • Er hormonale stoornissen zijn;
  • Er géén oorzaken gevonden zijn voor langdurige onvruchtbaarheid en eventuele andere behandelingen niet succesvol zijn gebleken.

Voorwaarden voor behandeling

De kansen op een zwangerschap nemen sterk af wanneer de vrouw ouder wordt. Hetzelfde geldt als de eierstokken onvoldoende functioneren. Vandaar dat we een IVF-/ICSI- behandeling niet uitvoeren als de vrouw ouder is dan 42 jaar of als de eierstokken onvoldoende functioneren. Het functioneren van de eierstokken controleren we voorafgaand
aan de behandeling met behulp van een hormonaal en/of echografisch onderzoek.

De behandeling in het kort

IVF is een ingrijpende behandeling. Daarom is het belangrijk om de kans op een zwangerschap zo groot mogelijk te maken. De kans op een zwangerschap bij IVF/ICSI wordt groter als er keuze mogelijk is uit een aantal embryo’s. Hiervoor zijn meerdere eicellen nodig. Door het toedienen van medicijnen kunnen zich meerdere eicellen tegelijk ontwikkelen in de eierstokken. Wanneer er voldoende eicellen in de eierstokken zijn gegroeid, worden de eicellen tot rijping gebracht.
Twee dagen later worden met behulp van een echo met een naald de eicellen uit de eiblaasjes gezogen. In het laboratorium worden vervolgens de best bewegende zaadcellen samengebracht met de eicellen. Is de bevruchting gelukt? Dan vindt (meestal) drie dagen later een terugplaatsing plaats. Steeds vaker wordt één embryo met behulp van een dun slangetje in de baarmoeder geplaatst. Soms worden twee embryo’s teruggeplaatst. De leeftijd van de vrouw, de kwaliteit van de embryo’s en de medische voorgeschiedenis bepalen of één of twee embryo’s worden teruggeplaatst.
Na de terugplaatsing begint het afwachten: is de behandeling geslaagd of niet?

ICSI

ICSI en IVF verschillen alleen in de manier waarop de bevruchting van de eicel tot stand komt in het laboratorium. Bij IVF zwemmen de zaadcellen in een druppeltje kweekvloeistof zelf naar de eicel toe. Hierna kan de bevruchting plaatsvinden. Bij ICSI wordt met een uiterst dun glazen naaldje één van de best bewegende zaadcellen opgezogen. Die wordt vervolgens in de eicel gebracht. We kiezen voor deze ingreep als de zaadcellen niet in staat zijn zelf tot in de eicel door te dringen.
Het inbrengen van een zaadcel in een eicel betekent niet altijd dat bevruchting plaatsvindt. Bij ongeveer 65% van de eicellen vindt daadwerkelijk bevruchting plaats. Bij ICSI kunnen alleen volledig rijpe eicellen worden gebruikt. Het is daarom niet mogelijk om elke eicel te behandelen.
De verdere ontwikkeling van de bevruchte eicellen en de plaatsing van de embryo’s in de baarmoeder is bij IVF en ICSI hetzelfde.

Voorbereiding in het ziekenhuis

Uw behandelend arts informeert u wanneer u in aanmerking komt voor IVF/ICSI. Tijdens dit gesprek legt de arts uit hoe de procedure verloopt. Vooraf moeten er ook enkele onderzoeken plaatsvinden. Die onderzoeken zijn:

  • We onderzoeken het bloed van zowel de man als de vrouw op bepaalde infecties (HIV, Hepatitis B en C).
  • Het LUMC voert een sperma-analyse uit.
  • Wanneer dit nog niet eerder is gebeurd, kijken we door middel van een (water)echo, een hysteroscopie of een contrastfoto naar de baarmoederholte.
  • Een sperma- analyse gebeurt in HMC Bronovo en soms in het LUMC.
  • In enkele gevallen is er extra onderzoek nodig door middel van een (water)echo, een hysteroscopie of een contrastfoto (HSG).

Het bloedonderzoek naar leverontsteking (hepatitis B en C) en het aidsvirus (HIV) voeren we zoals gezegd zowel uit bij de man als bij de vrouw. We testen dit omdat een eventuele besmetting grote consequenties kan hebben voor uw kind. Ook willen we zo de veiligheid waarborgen van het laboratorium waar de behandeling plaatsvindt. We voeren IVF en ICSI in ieder geval niet uit in HMC als een van u antistoffen heeft tegen het aidsvirus (HIV). We proberen op deze manier besmetting van kinderen met virussen zoveel mogelijk te vermijden tijdens de zwangerschap of bevalling. De sperma-analyse vindt plaats in HMC Bronovo. U krijgt hier te zijner tijd de benodigde aanvraagformulieren voor mee. Wij sturen deze analyse, ter beoordeling, op naar het LUMC. Bestaat er twijfel over de beweeglijkheid of concentratie van het sperma? Dan moet het LUMC nog een extra sperma- analyse uitvoeren.

Voorbereiding thuis

Tijdens de behandeling heeft de vrouw bijna elke dag een onderhuidse injectie nodig. Het is daarom erg praktisch als zij of haar partner kan injecteren. U krijgt hiervoor een prikinstructie van een verpleegkundige. Daarin komt ook aan de orde hoe u de injecties klaarmaakt en hoeveel u moet injecteren. Iedereen kan het leren!

Er zijn aanwijzingen dat een tablet foliumzuur (0,4 mg) per dag de kans verkleint op aangeboren afwijkingen van de wervelkolom van het kind. Wij adviseren deze hoeveelheid foliumzuur dan ook dagelijks te gebruiken. Doe dit gedurende minstens vier weken voor tot tien weken na het ontstaan van de zwangerschap. Ook adviseren wij om Vitamine D3 dagelijks te gebruiken om de ontwikkeling van gezonde botten en tanden van het kind te bevorderen. U kunt foliumzuur en vitamine D3 zonder recept verkrijgen bij een drogist of apotheek.

Daarnaast is het tijdens een IVF-/ICSI-behandeling belangrijk dat zowel de vrouw als haar partner gezond leven. Dit betekent niet roken, geen alcohol drinken, geen drugs gebruiken en gezond eten. Een gezond gewicht geeft bovendien een betere kans op zwangerschap en minder risico op complicaties tijdens de behandeling en de zwangerschap. Rustig sporten kan en mag tijdens een IVF-/ICSI-behandeling. Intensief sporten raden we af vanaf het moment dat u gaat beginnen met de injecties. U mag wandelen en fietsen. Na de terugplaatsing van de embryo’s heeft rustig sporten geen negatieve invloed op de kans om zwanger te worden. Wel zijn de eierstokken dan nog steeds gezwollen en kwetsbaar. Wacht daarom met intensief sporten tot u absoluut geen klachten meer heeft.

Iets vergelijkbaars geldt voor vrijen. Vrijen is in de maand waarin u start met de medicijnen is toegestaan als u condooms gebruikt. U mag in de maand dat u begint met medicijnen niet spontaan zwanger worden, hoe gering de kans hierop ook is. Het medicijngebruik kan in dat geval namelijk tot complicaties leiden. Daarnaast adviseren we onthouding in de twee tot zeven dagen voor het inleveren van het sperma voor de punctie. Zo willen we waarborgen dat de spermakwaliteit optimaal is.

De behandeling

U bepaalt samen met uw arts wanneer u wilt starten met de IVF-behandeling. U krijgt vervolgens de prikinstructie en de benodigde medicijnen. Ook worden alle vervolgafspraken gemaakt.

Medicijnen

In een normale cyclus komt meestal één eicel tot volledige rijping. Bij IVF is het nodig dat we meerdere eicellen laten rijpen. De kans op een zwangerschap is dan groter. Om te zorgen dat meerdere eicellen tot rijping komen, gebruikt de vrouw medicijnen. De medicijnen moeten volgens een schema worden toegediend. Het is vooraf niet precies te voorspellen hoe uw eierstokken reageren op de medicijnen. Daarom kunnen we van tevoren niet aangeven hoe lang u deze medicijnen moet gebruiken.
Het is ook mogelijk dat we om andere redenen moeten afwijken van het schema dat we u vooraf hebben verstrekt.

Bij de behandeling maken we gebruik van de volgende soorten medicijnen:

  • Medicijnen om het aanmaken van eigen hormonen door de eierstokken te onderdrukken (Decapeptyl, Cetrotide of Fyremadel);
  • Medicijnen om de eierstokken te stimuleren (Gonal-F, Rekovelle of Menopur);
  • Medicijnen om de follikelpunctie (het aanprikken van de eiblaasjes) voor te bereiden (Ovitrelle);
  • Medicijnen die het baarmoederslijmvlies ondersteunen na de follikelpunctie (Utrogestan of Crinone).

Bijwerkingen

De meeste mensen hebben bij het gebruik van de medicijnen weinig last van bijwerkingen. De bijwerkingen die het meest genoemd worden, zijn:

  • Bij medicijnen om het aanmaken van eigen hormonen door de eierstokken te onderdrukken: overgangsklachten (opvliegers, hoofdpijn, vermoeidheid);
  • Bij medicijnen om de eierstokken te stimuleren: vermoeidheid, vocht vasthouden en stemmingswisselingen;
  • Bij medicijnen om de follikelfunctie voor te bereiden: misselijkheid;
  • Bij medicijnen die het baarmoederslijmvlies ondersteunen na de follikelpunctie: vaginale afscheiding, misselijkheid, gevoelige borsten.

Alle genoemde bijwerkingen verdwijnen nadat u stopt met de medicijnen.

Behandelschema

Een IVF-behandeling kan volgens verschillende schema’s verlopen. Uw arts bepaalt aan de hand van uw situatie welk schema het beste kan worden gebruikt. Op het spreekuur gaan we nader in op het schema dat in uw situatie van toepassing is. De verpleegkundige zal u een schema meegeven waarop staat wanneer u welke medicijnen moet prikken. Zorg dat u bij elke afspraak met de arts het schema meeneemt, dan blijft het inzichtelijk hoe de behandeling verloopt.

Onderdrukken van de eigen hormonen

Naast de medicijnen die de eierstokken stimuleren, gebruikt u ook medicijnen die uw eigen hormoonactiviteit onderdrukken. Hiermee beperken we de kans dat de rijping van de eicellen wordt verstoord. Ook proberen we zo een voortijdige eisprong te voorkomen.

Stimulatie van de eierstokken

We voeren eerst echoscopisch onderzoek en eventueel een bloedonderzoek uit om te kijken of het baarmoederslijmvlies en de eierstokken er goed uitzien. We kijken daarbij of er geen cystes en dergelijke aanwezig zijn. Daarna kunt u starten met de stimulerende medicijnen. U krijgt op het spreekuur uitleg over de dosering.

Controles

Mensen reageren verschillend op de stimulatie van de eierstokken. Daarom moet u regelmatig op controle komen. We voeren dan een vaginale echo en eventueel bloedonderzoek uit. Met behulp van de vaginale echo bepalen we de ontwikkeling van de eiblaasjes, waarin de eicellen zitten. We zien hoeveel eiblaasjes er zijn en hoe groot ze zijn. Zorg dat u tijdens dit onderzoek een lege blaas heeft.

Tijdens sommige controles nemen we ook een beetje bloed van u af. Hiermee bepalen we de hormoonwaarden in uw bloed. We bellen u ‘s middags na het bloedonderzoek over de uitslag. Tijdens dat telefoongesprek bespreken we met u welke injecties u nodig heeft, hoe vaak u deze moet toedienen en op welke tijdstippen. Zorg dat u het medicatie schema bij de hand heeft zodat u kunt noteren wat de dokter zegt.

Het is belangrijk dat u de middag na het bloedonderzoek telefonisch te bereiken bent! Zorg dat we een telefoonnummer van u hebben waarop u te bereiken bent.

De follikelpunctie

Het weghalen van de eicel – de follikelpunctie – gebeurt in HMC Bronovo. We maken een afspraak voor deze follikelpunctie wanneer de eiblaasjes voldoende zijn gegroeid en gerijpt. De afspraak vindt plaats op de polikliniek Fertiliteit, 2e etage, route 24B. Een arts voortplantingsgeneeskunde of een gynaecoloog van het fertiliteitsteam voert de follikelpunctie uit. Hij of zij wordt daarbij geassisteerd door twee verpleegkundigen.
De arts voert de follikelpunctie onder echogeleide uit via de vagina. U moet hiervoor een lege blaas hebben. Wij adviseren u om op de dag van de punctie thuis een licht ontbijt te nemen. Op de afgesproken dag meldt u zich met uw partner op de polikliniek Fertiliteit van HMC Bronovo. Uw partner mag uiteraard bij de punctie aanwezig zijn.
Tijdens de punctie krijgt u pijnstilling via een infuus. Hiervan wordt u gedurende korte tijd enigszins suf. De sufheid verdwijnt snel na de punctie. Voor uw veiligheid zal u na de punctie nog enige tijd ter observatie op de afdeling blijven. U kunt die dag ook zeker niet zelf autorijden of werken.

Wij geven u de pijnstilling nadat de vaginale echo is ingebracht. We gebruiken de vaginale echo om de eiblaasjes in beeld te brengen. Langs de echostaaf loopt een geleider. Hierlangs brengt de arts de naald in. Eén voor één prikt hij of zij de eiblaasjes aan. De arts zuigt ze leeg via een zuigslang, met behulp van een vacuümpomp. Dit kan ondanks de verdoving soms gevoelig zijn.

De arts vangt het vocht waarin de eicellen zitten op in steriele reageerbuisjes. Deze worden bewaard in een warmtebox. Met behulp van de warmtebox kunnen de buisjes met eicellen erin op de juiste temperatuur blijven als ze naar het LUMC worden vervoerd. De punctie duurt ongeveer 15 minuten. Het kan zijn dat we bij een punctie minder eicellen verkrijgen dan het aantal eiblaasjes dat wordt aangeprikt. Dit komt omdat eiblaasjes soms geen eicel bevatten.

Transport

De man krijgt de warmtebox mee en brengt deze naar het LUMC. Dit kan met de auto of met het openbaar vervoer. Het LUMC bevindt zich vlak achter het centraal station in Leiden. De IVF-afdeling van het LUMC is te vinden in gebouw 1, op afdeling H3 route 485. In het laboratorium van het LUMC wordt gekeken hoeveel eicellen er werden verkregen. Aan het einde van de dag kunt u het aantal gevonden eicellen terug teruglezen in de LUMC-app die u op telefoon moet downloaden.

Productie van sperma

In overleg met de arts wordt de man gevraagd om in het LUMC of thuis sperma te produceren. In het laatste geval wordt de man gevraagd om op de ochtend voorafgaand aan de punctie thuis door middel van masturbatie sperma te produceren. U neemt het potje met sperma mee naar de punctie. U geeft het potje vervolgens samen met de warmtebox af in het LUMC. Hier worden de beste zaadcellen toegevoegd aan de eicellen. Soms is de kwaliteit van het sperma minder dan verwacht op basis van de eerder gedane onderzoeken. Er wordt u dan mogelijk gevraagd om een tweede keer sperma te produceren. Hiervoor is een ruimte beschikbaar in het LUMC. In het geval van een ICSI-behandeling wordt de man sowieso gevraagd het sperma niet thuis, maar in het LUMC te produceren. U gaat met de lege warmtebox terug naar HMC Bronovo en levert die daar weer in op de polikliniek Fertiliteit.
We adviseren de man om twee tot vier dagen voor de punctie niet te masturberen of te vrijen. De kans op sperma van goede kwaliteit is op die manier groter. Langere onthouding heeft geen zin en kan zelfs nadelig zijn voor de spermakwaliteit. Meldt het zo spoedig mogelijk aan ons als:

  • U in de twee maanden voor het inleveren van het sperma een infectie heeft gehad aan een zaadbal of de urinewegen;
  • U in die periode een ziekte met hoge koorts heeft doorgemaakt;
  • U medicijnen (zoals antibiotica) bent gaan gebruiken sinds de laatste sperma-analyse.

Het kan in deze gevallen zo zijn dat de spermakwaliteit is verminderd. We zullen de kwaliteit van het sperma dan voorafgaand aan de behandeling nog een keer controleren. Het kan zijn dat we de behandeling uitstellen bij een afwijkende uitslag.

Hierna kunt u beiden weer naar huis. Eenmaal thuis hoeft u geen speciale maatregelen te nemen. Vaak voelt de vrouw zich wat loom en slaperig. Ze kan na de punctie ook nog pijn voelen. Het is daarom zoals gezegd verstandig om het rustig aan te doen en in ieder geval de rest van de dag vrij te nemen. Ook kunt u zo nodig paracetamol nemen volgens de gebruiksaanwijzing op de verpakking. Aan het einde van de dag hoort u via de app van het LUMC hoeveel eicellen er gevonden zijn.

Na de punctie

De dag na de punctie start de vrouw Utrogestan capsules (200 mg) of Crinone gel. Dit medicijn helpt om het baarmoederslijmvlies in goede conditie te brengen en te houden voor de innesteling. U moet de Utrogestan capsules of de Crinone gel inbrengen in de vagina.
Utrogestan capsules is drie keer per dag 200 mg (ochtend/middag/avond).
Crinone gel is 80 mg één keer per dag (avond)
U gaat door met het toedienen van de medicijnen totdat u een zwangerschapstest mag doen. U doet de zwangerschapstest door middel van een bloedonderzoek. Hierna krijgt u instructies om wel of niet door te gaan met de Utrogestan/Crinone.

Terugplaatsing van het embryo

U hoort de dag na de punctie via de app van het LUMC of er bevruchting heeft plaatsgevonden. U krijgt ook te horen hoeveel eicellen er bevrucht zijn. Wanneer er bevruchting heeft plaatsgevonden, maakt het LUMC een afspraak met u voor het terugplaatsen van een of meerdere embryo’s (de embryotransfer). Meestal vindt de terugplaatsing plaats op de derde dag na de punctie.
Het terugplaatsen van embryo’s is meestal pijnloos en gebeurt poliklinisch. De arts maakt de baarmoedermond zichtbaar met een speculum. Met behulp van een dun slangetje (katheter) brengt hij of zij via de vagina en baarmoederhals een zeer kleine hoeveelheid vloeistof in de baarmoeder. In die vloeistof zit het embryo of de embryo’s. Het terugplaatsen verloopt makkelijker als de blaas gevuld is. U hoeft niet te blijven liggen na de terugplaatsing. U kunt de rest van de dag gewoon doen wat u normaal ook zou doen.

Er zal in beginsel slechts één embryo worden teruggeplaatst. Op deze manier proberen wij de verhoogde risico’s te voorkomen die kunnen optreden als u zwanger wordt van een meerling. Het beleid is om bij een leeftijd van de vrouw onder de 38 jaar één embryo terug te plaatsen bij de eerste en tweede poging. Bij een leeftijd boven de 38 jaar of bij een derde poging kiest u of u één of twee embryo’s wilt laten terugplaatsen. Ook boven de 38 jaar kan het bij een goede kwaliteit van de embryo’s verstandig zijn om maar één embryo terug te plaatsen.
De afgelopen jaren is als gevolg van dit beleid het percentage meerlingen gedaald, maar is de kans op een succesvolle zwangerschap nauwelijks veranderd. Een reden hiervoor is dat we meer dan in het verleden rekening houden met factoren die de kans op een succesvolle zwangerschap beïnvloeden. Het aantal succesvolle zwangerschappen wordt ook positief beïnvloed door het invriezen en in een later stadium ontdooien en terugplaatsen van goede, overgebleven embryo’s.

Invriezen van overgebleven embryo’s

Het is in principe mogelijk om overgebleven embryo’s in te vriezen. Niet ieder embryo is echter geschikt om ingevroren en bewaard te worden. Dit wordt per embryo bekeken.
Bij de terugplaatsing wordt met u besproken of overgebleven embryo’s ingevroren kunnen worden. Soms is op de dag van terugplaatsing nog niet met zekerheid te zeggen of invriezen inderdaad mogelijk is. Ook is dan nog niet altijd bekend hoeveel embryo’s hiervoor in aanmerking komen. 

Periode na de terugplaatsing

U gaat na de terugplaatsing zoals gezegd door met het vaginaal inbrengen van de Utrogestan capsules of Crinone gel. In de twee weken na de terugplaatsing van het embryo of de embryo’s vinden er verschillende processen plaats. Deze bepalen uiteindelijk of er een zwangerschap tot stand komt of niet. Voor veel mensen is dit de moeilijkste en meest spannende tijd van de hele IVF-behandeling.

Na de terugplaatsing moet het embryo zich gaan innestelen. Of dit lukt, is onder andere afhankelijk van de kwaliteit van het embryo en de ontvankelijkheid van het slijmvlies in de baarmoederholte. Er is in de periode na de terugplaatsing medisch gezien geen reden om u anders te gedragen dan u gewend bent. Het is alleen niet verstandig om in deze periode een (buitenlandse) vakantie in te plannen. Dit omdat er soms na de punctie nog controles worden afgesproken. Ook als er onverhoopt nog complicaties optreden is het niet handig als u ver van huis bent.

Zwangerschapstest

Op de 14e dag na de punctie doet u een bloedtest. Hiermee kunnen we beoordelen of er een zwangerschap is ontstaan. Als u nog niet bent gaan menstrueren, betekent dit helaas niet altijd dat de test ook positief is. Door het gebruik van de Utrogestan capsules of Crinone gel kan het namelijk zijn dat uw menstruatie later optreedt dan gebruikelijk. De verpleegkundige zal u in de middag bellen om de uitslag te bespreken.

Risico’s van de behandeling

Mogelijke complicaties op korte termijn zijn:

  • Infectie: Bij elke IVF-behandeling bestaat er een zeer kleine kans op infectie. Heeft u last van koorts (38 graden of hoger), buikpijn of een andere afscheiding dan normaal? Neem dan direct contact met ons op. U vindt de telefoonnummers onder in deze informatie.
  • Bloeding: De dag van de punctie krijgt u te maken met een beetje vaginaal bloedverlies. Dat is normaal. Wanneer u last krijgt van toenemend bloedverlies - op de dag van de punctie of op een later moment - kunt u met ons bellen. Bij het aanprikken van de follikels bestaat er een zeer kleine kans op een bloeding in de vagina of in de buik. Neem contact met ons op als u na het aanprikken te maken krijgt met buikpijn of vaginaal bloedverlies.
  • Overstimulatie: Bij ongeveer één procent van de IVF-behandelingen ontstaat na de punctie het ovarieel hyperstimulatiesyndroom (OHSS). De kans dat u hiermee te maken krijgt, is groter als u PCOS heeft. Bij OHSS ontstaan er onverwacht meerdere eiblaasjes. U kunt daardoor last krijgen van hevige buikpijn of een opgeblazen gevoel. Ook misselijkheid en/of overgeven zijn mogelijke gevolgen. OHSS kan overgaan met rust en veel drinken, maar soms moet u worden opgenomen in het ziekenhuis. Als er bij de IVF-behandeling te veel eiblaasjes dreigen te ontstaan, moeten we de behandeling helaas staken. Er vindt dan ook geen punctie plaats, omdat die het risico op OHSS vergroot. Neem contact met ons op bij buikpijn, snelle toename van de buikomvang of snelle gewichtstoename. Dit kan namelijk wijzen op OHSS.
  • Te weinig follikels: Het kan ook zijn dat we de behandeling staken als u te weinig eiblaasjes ontwikkelt. We zullen dan afhankelijk van de situatie beoordelen hoe verder te gaan.
  • Geen embryo’s: Het kan zijn dat er, ondanks dat er eicellen en zaadcellen zijn, geen embryo tot ontwikkeling komt. We bekijken dan met u wat het vervolg moet zijn.

Mogelijke gevolgen voor de zwangerschap zijn:

  • Miskraam of buitenbaarmoederlijke zwangerschap: Bij een zwangerschap na IVF lijkt er een iets grotere kans te bestaan op een miskraam dan bij een zwangerschap zonder IVF. Ook de kans op een buitenbaarmoederlijke zwangerschap is aanwezig. Dit is vooral het geval wanneer u een IVF-behandeling krijgt omdat uw eileiders zijn beschadigd of afgesloten.
  • Meerlingzwangerschap: De kans op een meerling is voor een deel in te schatten aan de hand van het aantal teruggeplaatste embryo’s. Ook als er één embryo is geplaatst kan er overigens, net als bij een natuurlijke zwangerschap, een meerling ontstaan. Bij het terugplaatsen van twee embryo’s is de kans op een tweelingzwangerschap afhankelijk van uw leeftijd en de kwaliteit van de embryo’s.

Mogelijke gevolgen op lange termijn zijn:

  • Kanker: Er is na een IVF-behandeling geen verhoogde kans op borst-, baarmoeder- of eierstokkanker aangetoond.
  • Aangeboren afwijkingen: Bij kinderen die na een IVF-behandeling zijn geboren, komen niet vaker aangeboren afwijkingen voor dan bij kinderen die worden geboren na een natuurlijke bevruchting. IVF-kinderen hebben een iets grotere kans op een voortijdige geboorte (gemiddeld vijf dagen), groeiachterstand en een iets lager geboortegewicht (90 gram lichter). Of deze verschillen op de lange termijn gevolgen hebben, is niet bekend.

De kans op succes

De kans dat een IVF-behandeling slaagt en er een kind wordt geboren, is niet voor iedereen gelijk. Er zijn vele factoren die bepalen of de poging uiteindelijk zal slagen of niet. Het uiteindelijke succes hangt er vooral van af of er een goede kwaliteit embryo kan worden teruggeplaatst.
Aan het verkrijgen van kwalitatief goede embryo’s gaan veel stappen vooraf. Bij iedere stap in de behandeling kan er iets tegenzitten of kunnen er factoren zijn die positief of negatief werken.

Terugplaatsen van ingevroren embryo’s

Is er bij u sprake van het terugplaatsen van een ingevroren embryo? Neem dan voorafgaand aan de cyclus waarin de terugplaatsing moet gebeuren contact op met de polikliniek Fertiliteit van HMC voor het maken van afspraken hierover. De terugplaatsing van de ingevroren embryo’s vindt meestal plaats in een natuurlijke cyclus. We kijken wel met behulp van de vaginale echo naar de rijping van het eiblaasje. In sommige gevallen zullen we u Ovitrelle geven om de dag van de terugplaatsing precies te kunnen bepalen. Met deze medicijnen kunnen we een ovulatie op gang brengen. Bij een onregelmatige cyclus of als een vrouw geen eigen cyclus heeft., kan de arts ook besluiten om een medicatie schema te gebruiken. Dit noemen we een GEEP-schema. Hierbij gebruikt u tabletten die u inbrengt via de mond en tabletten die u inbrengt via de vagina. De arts zal samen met u beslissen wat voor u de beste behandeling is.

Hoe vaak IVF?

U, uw partner en uw behandelend arts houden na iedere IVF-behandeling een evaluatiegesprek. Hierin wordt besproken hoe de voorgaande IVF-behandeling is verlopen. Ook komt aan de orde of verdere behandeling zinvol is. Het hangt van veel factoren af of we een eventuele volgende behandeling nog uitvoeren. Het besluit hierover nemen we altijd samen met u. Sommige paren kiezen er zelf voor om na één of meer behandelingen niet verder te gaan.
Uw basisziektekostenverzekering vergoedt IVF in de meeste gevallen. Kijk voor de zekerheid de polisvoorwaarden van uw zorgverzekering na. Voor een vrouw van 42 jaar en jonger worden normaal gesproken drie IVF-/ICSI-behandelingen vergoed.
Het ontdooien en terugplaatsen van embryo’s die tijdens een eerdere IVF-behandeling zijn ingevroren, geldt trouwens niet als aparte behandeling. Dit hoort bij de eerdere IVF-behandeling. De behandeling telt ook niet mee wanneer deze vóór de punctie wordt afgebroken.

Hoe kunt u de kans op succes beïnvloeden?

Overgewicht verkleint de kans op een succesvolle IVF-behandeling. Het vermindert de kwaliteit van het zaad bij mannen. Bij vrouwen vermindert overgewicht de kans op een zwangerschap en verhoogt het de kans op een miskraam. Tijdens een zwangerschap verhoogt overgewicht de kans op complicaties zoals hoge bloeddruk. Ook is er een verhoogd risico dat het kind niet goed groeit, waardoor er kans is op een ontwikkelingsstoornis. Bij een BMI van meer dan 35 kan de behandeling nog niet plaatsvinden en zullen we u adviseren om eerst af te vallen. Zorg er daarom voor dat u een gezond gewicht hebt en houdt.

Verder is wetenschappelijk aangetoond dat roken een sterk negatief effect heeft op de kansen om zwanger te raken. U kunt daarom beter voorafgaand aan de behandeling stoppen met roken. Door roken raken bloedvaten beschadigd die nodig zijn voor de innesteling en de vorming van de moederkoek. Roken tijdens de zwangerschap geeft meer kans op een spontane miskraam en op een buitenbaarmoederlijke zwangerschap. Loslating van de moederkoek en te kleine kinderen komen eveneens vaker voor bij rokende moeders. Bij mannen kan roken leiden tot verminderde kwaliteit van het zaad. De behandeling kan pas van start gaan als u beide niet rookt. Eventueel kunnen we hulp aanbieden via onze stoppen met roken polikliniek.

Begeleiding

Een IVF-behandeling vraagt nogal wat van u: lichamelijk, geestelijk en ook qua tijdsinvestering. Mede doordat u op vele momenten van de dag moet denken aan medicijnen, telefoontjes en controles, wordt u continu herinnerd aan het al dan niet zwanger worden. Het ‘nu of nooit’-gevoel kan heel sterk op de voorgrond komen. Ook kunnen de persoonlijke beleving (angst, schuldgevoel en onzekerheid), de gevolgen voor de relatie en het omgaan met de omgeving (familie, vrienden, collega’s) voor problemen zorgen. Het toedienen van hormonen die nodig zijn om meerdere eiblaasjes te laten rijpen, kan invloed hebben op het humeur. Vrouwen kunnen hierdoor wat prikkelbaarder zijn. Zeker de vrouw moet zich van tevoren bovendien afvragen hoe ze haar afwezigheid op het werk regelt. Op de dag van de punctie kunt u niet werken. Daarnaast moet u regelmatig terugkomen in het ziekenhuis voor controles.
Veel paren ervaren vooral de periode na de terugplaatsing van het embryo als belastend en moeilijk. De behandeling is in feite afgerond. Het spannende wachten begint: zal het embryo zich innestelen in de baarmoeder? Een zwangerschap is gevoelsmatig zelden zo dichtbij geweest. Tegelijkertijd is er vaak het besef dat u het uiteindelijke resultaat niet kunt beïnvloeden. Vanwege al deze onzekerheden en spanningen vinden veel paren het prettig om zoveel mogelijk samen naar afspraken te komen. Op die manier hebben ze steun aan elkaar.

Ons advies is om tijdens de IVF-behandeling zo gewoon mogelijk door te gaan met leven. Doe zoveel mogelijk de dingen die u normaal gesproken ook doet. Daarbij is het wel belangrijk om rustig, regelmatig en gezond te leven. Heeft u op welk moment dan ook behoefte aan hulp in verband met de stress rond de behandeling? Dan kunt u altijd terecht bij een van de leden van het IVF-behandelteam. U kunt zich ook laten begeleiden door een van de maatschappelijk werkers en psychologen van HMC. Het behandelteam verwijst u door wanneer u dat wenst. Bij patiëntenvereniging Freya kunt u terecht voor lotgenotencontact, hulp en advies. De contactgegevens van Freya vindt u onderin deze informatie.

Verzamelen van behandelgegevens

We proberen de IVF-behandeling steeds verder te verbeteren. Ook proberen we de risico’s die samenhangen met de behandeling zoveel mogelijk terug te dringen. Hiervoor gebruiken we behandelingsresultaten. Wij vragen u daarom om gegevens te mogen verzamelen over uw behandeling, de zwangerschap, de bevalling en het kind. Wilt u dit liever niet? Dan kunt u dit aan ons kenbaar maken en worden uw gegevens niet gebruikt.

Tot slot

Heeft u nog vragen of zijn er nog zaken onduidelijk na het lezen van deze webpagina? Dan horen wij dat graag. Ook met vragen tijdens de behandeling kunt u altijd bij ons terecht. Met behulp van uw op- en aanmerkingen kunnen wij blijven werken aan de kwaliteit van de door ons geleverde zorg.

Onze contactgegevens zijn:

HMC Bronovo
Bronovolaan 5
2597 AX Den Haag
Polikliniek Fertiliteit, 2e etage (route 24B).
fertiliteit@haaglandenmc.nl

Tel. nr. polikliniek 088 979 24 22 (van maandag t/m vrijdag van 08.00 - 17.00 uur).
Tel. nr. IVF-verpleegkundige: 088 979 45 70 (bij voorkeur bellen van 10.30 -12.30 uur of 14.00 - 16.30 uur).
Tel. nr. 088 979 79 00 bij spoed buiten kantoortijden. Vraag naar de dienstdoende arts van de afdeling Gynaecologie.

HMC Westeinde
Lijnbaan 32
2512 VA Den Haag
Polikliniek Gynaecologie, begane grond.
Tel. nr. polikliniek 088 979 24 22 (van maandag t/m vrijdag van 08.00 - 17.00 uur).
Tel. nr. 088 979 79 00 bij spoed buiten kantoortijden. Vraag naar de dienstdoende arts van de afdeling Gynaecologie.

Andere belangrijke contactgegevens:

LUMC
Albinusdreef 2
2333 ZA Leiden
Algemeen tel. nr. (071) 526 91 11
polikliniek Gynaecologie, Voortplanting en IVF Locatie H-3-P
Tel. nr. (071) 526 33 36

Op http://www.ivf-lumc.nl/vruchtbaarheidsbehandelingen vindt u enkele filmpjes over het verloop van een IVF/ICSI-behandeling.

Freya, Patiëntenvereniging voor vruchtbaarheidsproblematiek
Tel. nr. 024 645 10 88
www.freya.nl
E-mail: secretariaat@freya.nl

Meer informatie over IVF vindt u o.a. op:
www.nvog.nl 

IVF en ICSI

Waarom HMC?

  • Breed en gespecialiseerd zorgaanbod
  • We vernieuwen en verbeteren de zorg continu
  • Samenwerken vinden we vanzelfsprekend
  • Gastvrij ziekenhuis