Informatie suprapubische katheter

U krijgt binnenkort een suprapubische katheter. De uroloog heeft u verteld waarom een suprapubische katheter bij u ingebracht gaat worden. Het inbrengen van de katheter is een ingreep waarvoor u plaatselijk verdoofd wordt. Op deze webpagina staat informatie over het inbrengen van de katheter en hoe u deze moet verzorgen.

Specialismen en team

Afspraak en contact

Vragen of aanvragen van herhaalrecepten via E-consult in patientenportaal mijnHMC

Ook kunt u ma t/m vr contact opnemen met de polikliniek Urologie

Locatie

Toon overige locaties

Cijfers

205.000 eerste polikliniek consulten
32.000 klinische opnames per jaar
155.000 verpleegdagen
60.000+ patiënten per jaar op de SEH
350 medisch specialisten

Over informatie suprapubische katheter

U krijgt binnenkort een suprapubische katheter. De uroloog heeft u verteld waarom een suprapubische katheter bij u ingebracht gaat worden. Het inbrengen van de katheter is een ingreep waarvoor u plaatselijk verdoofd wordt. Op deze webpagina staat informatie over het inbrengen van de katheter en hoe u deze moet verzorgen.

Een suprapubische katheter

Een suprapubische katheter is een slangetje dat de urine vanuit de blaas afvoert naar een opvangzak. De katheter zit via de buikwand in de blaas. De naam suprapub staat voor de plaats waar de katheter wordt ingebracht: boven (supra) het schaambeen (pubis).
De meest voorkomende reden om een urinekatheter te plaatsen, is vanwege urineretentie. Dit is het niet of maar gedeeltelijk uitplassen van urine, waardoor er urine in de blaas achterblijft. Daarnaast is na sommige operaties aan de urinewegen een katheter nodig om het operatiegebied goed te laten genezen.
Aan het begin van de katheter zit een ballon (zie afbeelding 1). Na het inbrengen wordt de ballon gevuld. De ballon zorgt ervoor dat de katheter op zijn plek blijft zitten. Aan het andere uiteinde zit de opvangzak of een kraantje.

afbeelding_1_katheter_met_een_gevulde_ballon.jpg

Afbeelding 1: katheter met een gevulde ballon

Voorbereiding

U moet met een volle blaas komen. Als u bloedverdunnende medicijnen gebruikt, dan zal de uroloog met u bespreken hoeveel dagen voor het onderzoek u moet stoppen met deze medicijnen. Is dit niet met u besproken of heeft u hier vragen over, neemt u dan contact op met de polikliniek Urologie.

Het inbrengen van de katheter

Het inbrengen van de katheter gebeurt in een behandelkamer op de polikliniek Urologie. De verpleegkundige of doktersassistente brengt u naar de behandelkamer.
Het gebied tussen uw navel en schaambeen wordt geschoren. Met behulp van echografie bepaalt de uroloog waar de katheter wordt ingebracht. De verpleegkundige of doktersassistente desinfecteert daarna het gebied tussen navel en schaambeen met jodium of desinfectans. De uroloog geeft op deze plaats de verdoving. Er wordt een holle naald in uw buik gebracht. Door deze naald wordt de katheter in uw blaas geplaatst. De ballon aan het uiteinde van de katheter wordt langzaam met water gevuld. De insteekopening in de buik wordt afgedekt met een gaasje. Op het andere uiteinde van de katheter wordt een kraantje of een opvangzak aangesloten om de urine af te voeren. De ingreep duurt ongeveer 15 minuten.

Nazorg

Als de katheter is geplaatst, geeft de verpleegkundige of doktersassistente uitleg over de dagelijkse verzorging van de katheter. Na de ingreep kunt u het ziekenhuis verlaten. In verband met de verdoving die u heeft gekregen, raden wij u aan niet zelf te rijden. Dit omdat u dan niet verzekerd bent in het verkeer.

De dagelijkse verzorging

  • U moet dagelijks de insteekopening van de katheter goed verzorgen. Zo voorkomt u dat er een infectie ontstaat. Vervang elke dag na het douchen het gaasje op de insteekopening. U kunt het gaasje met een pleister op de huid bevestigen. Doe dit totdat het wondje van de insteekopening niet meer bloedt. Er hoeft dan geen gaasje mee op.
  • U kunt met de katheter douchen. Nadat u gedoucht heeft, verzorgt u de insteekopening zoals hierboven beschreven.
  • Wast u goed de handen voor en na het verwisselen van de opvangzak.
  • Drink minimaal anderhalve liter vocht per dag. Dit helpt blaasontsteking te voorkomen. Ook voorkomt het verstopping van de katheter.
  • Draag of hang de opvangzak altijd lager dan de uitgang van de katheter. Zo kan de urine goed aflopen.
  • Vermijd trekken aan de katheter, omdat dit de blaas kan beschadigen en u de katheter kunt verliezen.
  • Verschoon dagelijks uw onderkleding.

De verpleegkundige of doktersassistente van de polikliniek zal u de verzorging van de katheter uitleggen. Als u de katheter niet zelf kunt verzorgen, kan iemand anders dit leren. Een andere mogelijkheid is om thuiszorg in te schakelen voor het verwisselen van de opvangzakken.

Opvangsysteem

U draagt overdag en ’s nachts verschillende systemen. Overdag draagt u een katheter met een kraantje (zie afbeelding 2) of een kleine opvangzak (zie afbeelding 3). Als u een kraantje draagt, moet u om de drie uur naar het toilet gaan om de blaas te legen. U zet daar het kraantje open en laat de urine weglopen.

Wanneer u een opvangzak heeft, dan draagt u deze met twee klittenbanden om uw been. De opvangzak wordt een beenzak genoemd. De beenzak heeft een beperkte inhoud. Overdag moet u het zakje legen via het kraantje onderaan de beenzak. U kunt dit gewoon boven een toilet doen.

’s Nachts doet u een grote opvangzak aan het kraantje of aan de beenzak. Deze zak wordt de nachtzak genoemd. De nachtzak past met een ophangsysteem aan uw bedrand. Als dit niet past, kunt u de nachtzak in een emmer naast uw bed zetten. De nachtzak leegt u via het kraantje in het toilet.

katheter_beenzak.jpg katheter_met_kraantje.jpg
Afbeelding 2: katheter met kraantje Afbeelding 3: katheter met beenzak en kraantje


De katheter moet de urine goed kunnen afvoeren. Daarom moet de opvangzak altijd lager hangen dan de uitgang van de katheter. Probeer te voorkomen dat het slangetje knikt.

U krijgt een pakket mee voor thuis met zakjes en andere materialen. Bij dit pakket zit ook een uitleg over hoe u nieuwe opvangzakken kunt bestellen.

Verwisselen van opvangzak, kraantje en nachtzak

Verwisselen van opvangzakken

  • U legt de nieuwe zak klaar en verwijdert het afsluitdopje.
  • U knijpt met uw vingers het uiteinde van de katheter dicht. Met uw andere hand pakt u het aansluitpunt vast van de opvangzak die u wilt vervangen.
  • U maakt een heen en weer draaiende beweging, waardoor de opvangzak loskomt van de katheter.
  • U kunt nu de nieuwe opvangzak op de katheter aansluiten. Dit doet u door het aansluitpunt van de nieuwe opvangzak stevig in het uiteinde van de katheter te drukken.

Verwisselen van kraantje

  • U legt het nieuw kraantje klaar.
  • U knijpt met uw vingers het uiteinde van de katheter dicht. Met de andere hand pakt u het kraantje dat u wilt vervangen vast.
  • U maakt een heen en weer draaiende beweging, waardoor het kraantje loskomt van de katheter.
  • U kunt nu het nieuwe kraantje op de katheter aansluiten. Dit doet u door het aansluitpunt van het kraantje stevig in de katheter te drukken.

Aansluiten van de nachtzak

  • U legt de nachtzak klaar en verwijdert het afsluitdopje.
  • U sluit de nachtzak aan op het uiteinde van de beenzak of op het uiteinde van het kraantje. Dit doet u door het aansluitpunt van de nachtzak stevig in het uiteinde van de beenzak (of het kraantje) te drukken.
  • Vervolgens zet u het kraantje van de beenzak (of het kraantje) open zodat de urine naar de nachtzak kan lopen.
  • U hangt de nachtzak met het rekje naast uw bed of u plaatst deze in een emmer naast het bed.
  • U kunt de klittenbanden om uw been eventueel ’s nachts losmaken.

Verwijderen van de nachtzak bij gebruik van beenzak

  • Doe de klittenbanden weer om uw been als u deze losgemaakt had.
  • Zet het kraantje van de beenzak dicht.
  • U pakt het aansluitpunt van de nachtzak in uw ene hand vast en het uiteinde van de beenzak in uw andere hand.
  • U maakt een heen en weer draaiende beweging, waardoor de nachtzak loskomt van de beenzak.

Verwijderen van de nachtzak bij gebruik van kraantje

  • Zet het kraantje dicht.
  • U pakt het aansluitpunt van de nachtzak in uw ene hand vast en het uiteinde van het kraantje in uw andere hand.
  • U maakt een heen en weer draaiende beweging, waardoor de nachtzak loskomt van het kraantje.

Schoonmaken van de opvangzakken

Nadat u een opvangzak heeft losgemaakt, leegt u deze in het toilet. Vervolgens spoelt u de zak door met koud water. Houd hiervoor het uiteinde van de slang onder de kraan. Laat de zak drogen totdat u deze weer gaat gebruiken. U zet het kraantje dicht voordat u de opvangzak weer aansluit.

Gebruik van de opvangzakken

De beenzakken en de nachtzakken kunt u meerdere dagen achter elkaar gebruiken. U moet de zakjes minimaal twee keer per week verwisselen. Wanneer de urine bloederig of vies is, verwisselt u de zakken vaker. Als de zakken bijna op zijn, kunt u nieuwe bestellen bij de leverancier van de zakken. Dit wordt volledig vergoed door uw zorgverzekeraar.

Verwisselen van de katheter

De katheter kan meestal zes weken blijven zitten. Dit hangt af van het soort katheter. De katheterwissel gebeurt thuis, bij uw huisarts of op de polikliniek Urologie.

Het vervangen van de katheter gebeurt als volgt:

  • De ballon in uw blaas wordt geleegd via het ventiel.
  • Vervolgens wordt de katheter verwijderd.
  • De nieuwe katheter wordt op dezelfde manier ingebracht als de eerste keer. Omdat er een opening in de buik is, is dit pijnloos.

Vindt de katheterwissel plaats in het ziekenhuis? Dan maakt u op de polikliniek Urologie een afspraak voor de katheterwissel.

Verwijderen van de katheter

De uroloog bepaalt wanneer de katheter eruit mag. U maakt op de polikliniek Urologie een afspraak voor het verwijderen van de katheter.

Mogelijke complicaties

Bij een katheter kunnen een aantal complicaties optreden. In al deze gevallen moet u contact opnemen met de polikliniek Urologie:

  • Een bloeding in uw blaas. Dit kan direct optreden nadat de katheter is ingebracht. Deze bloeding stopt meestal vanzelf. Een enkele keer kan een spontane bloeding in uw blaas ontstaan.
  • Een blaasontsteking. Een katheter geeft een verhoogde kans op een blaasontsteking. U merkt dit aan een pijnlijk gevoel in de blaas. De urine kan troebel zijn en u kunt temperatuursverhoging hebben.
  • Verstopping van de katheter. Controleer eerst of er geen knik in een slangetje of in de opvangzak zit. Als dit niet het geval is, kan spoelen van de katheter of het vervangen van de katheter noodzakelijk zijn.
  • Lekkage van urine langs de katheter. Het spoelen van de katheter kan nodig zijn. De lekkage van urine kan ook door blaaskrampen worden veroorzaakt. Hierbij wordt dan urine naast de katheter geperst. De uroloog schrijft dan medicijnen voor tegen de blaaskrampen.
  • De katheter kan eruit vallen. In dit geval moet er met spoed (binnen twee uur) een nieuwe katheter worden ingebracht, omdat het insteekkanaal zich snel kan sluiten. U moet dan direct contact opnemen met de polikliniek Urologie of de Spoedeisende Hulp.

Contact

Deze webpagina geeft algemene informatie over de behandeling. Heeft u na het lezen van de webpagina nog vragen? Kijkt u dan op www.allesoverurologie.nl.

Uw vragen kunt u stellen via e-consult via het patiëntenportaal ‘mijnHMC’.
Kijk op: www.haaglandenmc.nl en kies voor ‘Mijn HMC’.
Houd uw DigiD code gereed.

Voor dringende vragen kunt u contact opnemen met de polikliniek Urologie:
088 979 41 44

Bij spoed bel de Spoedeisende Hulp van HMC Westeinde: 088 979 23 80.

Informatie suprapubische katheter

Waarom HMC?

  • Breed en gespecialiseerd zorgaanbod
  • We vernieuwen en verbeteren de zorg continu
  • Samenwerken vinden we vanzelfsprekend
  • Gastvrij ziekenhuis