Borstvorming bij de man. Gynaecomastie

Deze webpagina geeft u een globaal overzicht van de mogelijke oorzaken en klachten van gynaecomastie (borstvorming bij de man) en de meest gebruikelijke behandelingsmogelijkheden. Het is goed u te realiseren dat bij het vaststellen van een aandoening de situatie voor iedereen weer anders kan zijn.

Specialismen en team

Afspraak en contact

HMC Antoniushove
HMC Bronovo
HMC Westeinde
HMC Gezondheidscentrum Wassenaar
088 979 44 99
ma t/m vr van 08.00 - 17.00 uur

Locatie

Toon overige locaties

Cijfers

5.300 nieuwe patiënten per jaar

Over borstvorming bij de man. Gynaecomastie

Deze webpagina geeft u een globaal overzicht van de mogelijke oorzaken en klachten van gynaecomastie (borstvorming bij de man) en de meest gebruikelijke behandelingsmogelijkheden. Het is goed u te realiseren dat bij het vaststellen van een aandoening de situatie voor iedereen weer anders kan zijn.

Wat is gynaecomastie en hoe ontstaat het?

Als baby hebben zowel meisje als jongens kleine klierschijfjes achter de tepel. Doorgaans verdwijnen deze klierschijven bij de jongens in de kindertijd. In de puberteit zal onder invloed van hormonen bij meisjes borstvorming ontstaan. Ook bij jongens komt het regelmatig voor dat in de puberteit onder invloed van hormonen de borstklieren gaan opzwellen. Meestal is dat dubbelzijdig, maar het kan ook wel eens enkelzijdig zijn.
De in de puberteit ontstane vergroting is meestal kortdurend, maar kan ook meer dan drie jaar blijven bestaan. Op babyleeftijd en in de puberteit is deze borstklierzwelling bij de man “fysiologisch”. Dat wil zeggen dat het niet abnormaal is, maar een normale reactie is van de borstklier op hormonen. Vanaf middelbare leeftijd kan de borstklier bij de man tijdens het ouder worden ook gaan opzwellen. Ook dat wordt als fysiologisch beschouwd. Toch kunnen op oudere leeftijd andere mogelijke oorzaken eveneens een rol spelen bij het ontstaan van de gynaecomastie.

Een borstkliervergroting bij de man is meestal te voelen als een elastische zwelling van ongeveer één à twee centimeter achter de tepel. Wanneer de gynaecomastie niet-fysiologisch is, kan de gynaecomastie ontstaan zijn:

  • als bijwerking van bepaalde medicijnen;
  • als reactie op stofwisselingsveranderingen bij een lever- of nierziekte;
  • bij verandering in de productie van de hormonen (te geringe productie door de zaadbal, stress) of bij het slikken van hormonen;
  • bij hormoonproducerende gezwellen van zaadbal of luchtwegen;
  • als borstkanker bij de man.

Meestal echter kan er bij een niet-fysiologische gynaecomastie geen oorzaak worden gevonden. Er kan overigens ook sprake zijn van pseudo-gynaecomastie: de borstklier zelf is dan niet afwijkend, maar door vetafzetting zijn er “borsten” ontstaan.

Welke klachten kan gynaecomastie geven?

Er kunnen cosmetische bezwaren zijn, dat wil zeggen dat men de gynaecomastie niet bij het lichaam vindt passen. Het kan ook hinderlijk zijn, bijvoorbeeld bij het dragen van bretels of van een rugzak. Soms geven mannen aan dat ze pijnklachten hebben. Maar meestal geeft het ontdekken van de gynaecomastie aanleiding tot ongerustheid.

Is er nog nader onderzoek nodig?

Bij fysiologische gynaecomastie op babyleeftijd en in de puberteit zal de arts meestal volstaan met een lichamelijk onderzoek. Wanneer de kans op niet-fysiologische gynaecomastie aanwezig is, kan aanvullend onderzoek plaatsvinden. Dat kan een bloedafname zijn om bepaalde stoffen in het bloed te kunnen onderzoeken. Een echo kan het vetweefsel en klierweefsel van de borst beter in beeld brengen.

Wat zijn de behandelingsmogelijkheden?

Bij fysiologische gynaecomastie zijn geruststelling en een afwachtende houding gerechtvaardigd. Bij niet-fysiologische gynaecomastie zal afhankelijk van de oorzaak een behandelingsplan worden opgesteld. Zo zal, wanneer de gynae­comastie bijvoorbeeld het gevolg is van medicijngebruik, bekeken worden of het medicijn kan worden vervangen of worden gestopt.

Wanneer de oorzaak niet duidelijk is, kan afhankelijk van de omstandigheden en de klachten worden besloten tot een operatie. Daarbij zal het klierweefsel onder de tepel door worden verwijderd. Deze operatie wordt soms onder plaatselijke verdoving, maar vaak onder narcose uitgevoerd.
Soms is het mogelijk om het klierweefsel d.m.v. een liposuctie (wegzuigen van overtollig vetweefsel) te verwijderen. Meestal gebeurt dat in dagbehandeling, waarbij u één dag wordt opgenomen.

Mogelijke complicaties van de operatieve behandeling

Geen enkele ingreep is vrij van de kans op complicaties. Zo zijn er ook bij deze operatie de normale risico’s op complicaties van een operatie, zoals trombose, longontsteking, nabloeding en wondinfectie. Daarnaast zijn er nog een paar zeldzame complicaties mogelijk: wanneer onder de tepel door wordt geopereerd, kan er wel eens littekenvorming van de tepel ontstaan, of de tepeldoorbloeding kan in het gedrang komen.

Na de operatie

Na de operatie zal het operatiegebied gevoelig zijn. Meestal is een eenvoudige pijnstiller voldoende om het ongemak te verlichten. De hechtingen kunnen na zeven tot tien dagen worden verwijderd. Een verwijderde borstklier wordt meestal voor pathologisch onderzoek opgestuurd. Bij de eerste poliklinische controle na de operatie is de uitslag doorgaans bekend.

Tot slot

Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen? Dan zal de plastisch chirurg of de verpleegkundige van de polikliniek ze tijdens het spreekuur graag met u doornemen. Het kan handig zijn om uw vragen van tevoren op papier te zetten.

Heeft u voor of na de behandeling nog aanvullende vragen of zijn er complicaties? Dan kunt u maandag t/m vrijdag van 08.00 – 17.00 uur contact opnemen met de polikliniek Plastische Chirurgie van het behandelende ziekenhuis. Dit kan via telefoonnummer 088 979 44 99.

Voor complicaties buiten kantooruren kunt u contact opnemen met de Spoedeisende Hulp (SEH) van HMC Westeinde: 088 979 23 80.

De tekst van deze folder is deels gebaseerd op een tekst van de NVH.

Borstvorming bij de man. Gynaecomastie

Plastische Chirurgie

Waarom HMC?

  • Consult, diagnose en behandelplan op 1 dag
  • Alle specialisten en faciliteiten van het ziekenhuis direct bij de hand
  • Samenwerking met handtherapeuten
  • Samenwerking met Hand en Polscentrum Den Haag
  • Speciaal spreekuur voor handen
  • Persoonlijke begeleiding en informatie op maat