Bloedafname bij kinderen

De huisarts, kinderarts of andere zorgverlener heeft een aanvraag ingediend om bloed af te laten afnemen bij uw kind. Om u en uw kind zo goed mogelijk voor te bereiden op de bloedafname, vindt u hieronder informatie voor u en uw kind.

Specialismen en team

Afspraak en contact

Polikliniek Pre-analyse
HMC Antoniushove en
HMC Bronovo
088 979 28 54
ma t/m vr 07.00 - 16.15 uur

Polikliniek Pre-analyse
HMC Westeinde
088 979 25 84
ma t/m vr 07.00 - 16.15 uur

Poliklinieken

Cijfers

205.000 eerste polikliniek consulten
32.000 klinische opnames per jaar
155.000 verpleegdagen
60.000+ patiënten per jaar op de SEH
350 medisch specialisten

Over bloedafname bij kinderen

De huisarts, kinderarts of andere zorgverlener heeft een aanvraag ingediend om bloed af te laten afnemen bij uw kind. Om u en uw kind zo goed mogelijk voor te bereiden op de bloedafname, vindt u hieronder informatie voor u en uw kind.

Informatie voor ouders

Afspraak

U kunt een afspraak voor uw kind maken bij de afdeling Bloedafname via telefoonnummer 088 979 28 54.
U kunt ook zonder afspraak naar de afdeling Bloedafname komen tijdens werkdagen om 08.00 uur of 10.30 uur. U heeft dan wel kans dat u even moet wachten.

Meenemen

Neem de volgende zaken mee, wanneer u met uw kind naar de afdeling Bloedafname gaat:

  • het aanvraagformulier van de specialist
  • de patiëntenpas van uw kind
  • het identiteitsbewijs van uw kind
  • iets waarmee u uw kind kunt afleiden, zoals een knuffel, een boekje of een tablet

Voorbereiding van uw kind

Het is belangrijk om uw kind voor te bereiden op de bloedafname. Een goede voorbereiding zorgt voor minder spanning. Als ouder kent u uw kind het beste. U kent bijvoorbeeld de fantasieën, angsten en het taalgebruik van uw kind. Ook weet u hoe eventuele eerdere bloedafnames verliepen. Als uw kind weet wat er gaat gebeuren, vermindert dit vaak de angst en kunt u vervelende fantasieën voorkomen of wegnemen. Wij geven u enkele adviezen om uw kind voor te bereiden:

  • Leg uw kind op een rustig moment uit wat er gaat gebeuren.
  • Leg uit waarom de dokter bloed nodig heeft. Dit hoeft u niet tot in detail uit te leggen. U kunt bijvoorbeeld zeggen: "De dokter heeft wat bloed van je nodig om te onderzoeken waarom je je niet lekker voelt".
  • Leg niet de nadruk op nare dingen, maar vertel duidelijk wat er gaat gebeuren – ook dat het pijn kan doen.
  • Kies woorden die uw kind goed begrijpt.
  • Vraag uw kind of het alles goed heeft begrepen. Laat uw kind zo nodig het verhaal navertellen.
  • Laat uw kind de 'Bloedafnamekaart ' invullen aan het eind van deze folder, als uw kind dat fijn vindt. Op die kaart kan uw kind aangeven wat het prettig zou vinden tijdens de bloedafname en wat de medewerkers over uw kind zouden moeten weten.
  • Gebruik helpende woorden en positieve taal. Zie hiervoor ook de folder ‘Helpend Taalgebruik’ (pdf).

Bang voor de bloedafname?

  • Is uw kind erg bang of heeft het een vervelende ervaring gehad bij een eerdere bloedafname? Dit kunt u laten weten bij de balie van de afdeling Bloedafname op de dag van de bloedafname. Wij houden daar dan rekening mee.
  • In overleg met de kinderarts kunt u ook van tevoren een afspraak maken bij de pedagogisch medewerker van HMC Antoniushove, HMC Bronovo of HMC Westeinde.
  • In overleg met uw arts kunt u 'toverzalf' (Emla) krijgen. Dit is een verdovende zalf waardoor uw kind minder van de bloedafname voelt. De zalf heeft een half uur nodig om in te werken.
  • Op de afdeling Bloedafname hebben we ook 'bananenspray'. Dit is een verdovende spray die heel kort nodig heeft om in te werken.

Bloedafname

  • Voor uw kind is het belangrijk dat er iemand bij de bloedafname is, die het kent en vertrouwt. Dit creëert een veilige omgeving voor uw kind.
  • U kunt uw kind geruststellen of afleiden door een filmpje te laten zien, een muziekje te laten luisteren, speelgoed mee te nemen of een verhaaltje te vertellen.
  • De medewerkers van de afdeling Bloedafname vertellen uw kind en u duidelijk wat er gaat gebeuren.
  • Beloof uw kind niet dat we maar één keer prikken, omdat dit geen garantie is. We hopen natuurlijk wel dat één keer genoeg is.
  • Wil uw kind graag zien wat er gebeurt tijdens de bloedafname? Dat kan. Voor het kind is dit soms een manier om de controle voor een deel terug te krijgen.
  • Bespreek eventueel na de bloedafname met uw kind hoe het de bloedafname heeft ervaren. Dit helpt bij een eventuele volgende keer. Bij jonge kinderen kunt u de bloedafname helpen verwerken door er een spelletje van te maken. U kunt bijvoorbeeld de bloedafname naspelen met een knuffel.

De uitslag

We sturen de uitslag van het onderzoek naar de arts die het onderzoek heeft aangevraagd. Deze arts bespreekt de uitslag met u.

Vragen

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen? Deze kunt u altijd stellen aan de dokter of de doktersassistent. U kunt ook bellen met het laboratorium via telefoonnummer 088 979 28 54 of
088 979 79 00.

Informatie voor kinderen

De bloedafname

De dokter wil bloed van jou laten onderzoeken. Om dit bloed te kunnen krijgen, krijg je een prik:

  • Als de dokter een klein beetje bloed nodig heeft, krijg je een prik in je vinger.
  • Als de dokter wat meer bloed nodig heeft, krijg je een prik in je arm.

Hoe gaat het in zijn werk?

  • Prik in je arm
    Tijdens het prikken mag je bij één van je ouders op schoot zitten, maar dit hoeft natuurlijk niet. Als je de prik in je arm krijgt, krijg je eerst een strakke band om je arm. Dit noemen we een stuwband. Die gaat om je bovenarm, zodat wij je aderen goed kunnen zien en voelen. Daarna maken we je arm schoon met een vochtig doekje. Dit kan een beetje koud voelen. Het is belangrijk dat je een vuist maakt en je arm goed stilhoudt. Dan komt de prik. Die kan even pijn doen. Wij sluiten de buisjes aan op de spuit en daar kan het bloed zo inlopen. Dat gaat vanzelf. Daar hoef jij niets voor te doen. Daarna krijg je een pleister op je arm.
  • Prik in je vinger
    Ook bij een prik in je vinger mag je op schoot zitten, als je dat wilt. Wij voelen eerst of je vinger warm genoeg is. Soms moeten we je vinger nog even opwarmen met een warme handschoen. Want als je vinger warm is, loopt het bloed beter. Daarna maken we je vinger schoon met een vochtig doekje en krijg je een beetje crème op je vinger. Dan komt de prik. De prik doet even pijn. De druppeltjes bloed die uit jouw vinger komen, vangen wij op in speciale buisjes. Soms moeten we een beetje knijpen in je vinger. Als de buisjes vol zitten, krijg je een pleister op je vinger. Dan ben je klaar! Soms komt het voor dat we je twee keer moeten prikken.

Waar gaat je bloed naar toe?

Het bloed gaan we onderzoeken. Dat gebeurt in het laboratorium. De dokter krijgt de uitslag van het onderzoek en vertelt dit aan jou en je ouders.

Tips

  • Neem iemand mee waar je je fijn bij voelt.
  • Als je het fijn vindt, kun je de kaart onder aan deze folder invullen. Op deze kaart kun je schrijven en tekenen wat je prettig zou vinden tijdens de bloedafname en wat de medewerkers over jou zouden moeten weten.
  • Neem iets mee om mee bezig te zijn, bijvoorbeeld een muziekje, film, boek of tablet.
  • Als je wilt kijken naar de prik, kan dat ook. Dat kun je zeggen als je in het ziekenhuis bent.
  • Vind je het eng, zo'n prik? Vertel het aan ons of aan wie er mee met je komt naar het ziekenhuis. Dan houden wij daar rekening mee.

Vragen

Heb je na het lezen van deze folder nog vragen? Die kun je altijd stellen aan de dokter of de doktersassistent. Je ouders kunnen ook bellen met het laboratorium via telefoonnummer 088 979 28 54 of 088 97 97 900.

bloedafnamekaart_kind.jpg

Bloedafname bij kinderen

Waarom HMC?

Voor een goede diagnose voor, tijdens en na een behandeling beschikt HMC over een eigen laboratorium: het Klinisch Chemisch en Hematologisch Laboratorium (KCHL).