Bestraling bij baarmoederkanker

Radiotherapie is een van de manieren om baarmoederkanker te behandelen. Een andere naam voor radiotherapie is bestraling. In HMC Antoniushove vindt u ons radiotherapiecentrum.

Specialismen

088 979 23 57
ma t/m vr van 08.30 - 17.00 uur

Poliklinieken

Cijfers

Jaarcijfers ziekenhuisbreed

35.043 opgenomen patiënten
18.453 dagbehandelingen
188.013 verpleegdagen
87.012 SEH-bezoeken
329 medisch specialisten

Over bestraling bij baarmoederkanker

Radiotherapie is een van de manieren om baarmoederkanker te behandelen. Een andere naam voor radiotherapie is bestraling. In HMC Antoniushove vindt u ons radiotherapiecentrum.

Behandeling van baarmoederkanker

Bij baarmoederkanker krijgt u bijna altijd eerst een operatie. Nadat we na de operatie uw weefsel hebben onderzocht, stellen we een aanvullende behandeling voor. Bestralingen kunnen hiervan onderdeel zijn. Dit kunnen inwendige bestralingen zijn, uitwendige bestralingen of beide. Uitwendige bestralingen combineren we soms met chemotherapie tijdens en na de bestralingen. Het doel van de bestralingen is het risico verlagen dat de kanker terugkeert.

Inwendige bestralingen
Bij inwendige radiotherapie krijgt u één keer per week een bestraling. Deze bestraling vindt plaats tijdens werkdagen. In totaal krijgt u drie bestralingen. Tijdens de behandeling brengt de radiotherapeut een staafje in de vagina in, met hierin één of twee holle buisjes. Door deze holle buisjes geeft de bestralingsbron plaatselijk de bestraling af. Hier voelt u niets van. De bestraling duurt ongeveer een kwartier. Het doelgebied van de bestralingen is de vaginatop.

Uitwendige bestralingen
Bij uitwendige radiotherapie krijgt u vijf keer per week een bestraling. Deze vinden plaats tijdens werkdagen. In totaal krijgt u 23 tot 27 bestralingen. Het doelgebied van de bestralingen bestaat uit:

  • de vaginatop
  • het weefsel rond de baarmoeder
  • de lymfklieren in het kleine bekkengebied

Uw eerste afspraak

Uw eerste afspraak vóór de bestraling is bij een radiotherapeut-oncoloog. Deze afspraak duurt een half uur tot drie kwartier en bestaat uit een gesprek en een lichamelijk onderzoek. In het gesprek neemt de arts uw ziektegeschiedenis met u door. De arts bespreekt met u:

  • waarom u bestralingen nodig heeft
  • hoe lang de behandeling duurt
  • hoeveel behandelingen u per week krijgt
  • de voorbereiding op de behandeling
  • wat de verwachte bijwerkingen zijn
  • hoe het vervolg eruitziet na de bestralingsperiode

Stel gerust uw vragen. Blijf niet met onzekerheden of twijfels zitten. U heeft altijd de keuze om wel of niet een behandeling te ondergaan. Het is verstandig om bij het eerste gesprek iemand mee te nemen waar u een goede band mee heeft. Dan hoeft u niet alles zelf te onthouden. Na afloop krijgt u een afspraak mee voor de voorbereiding.

Bekijk ons voorlichtingsfilmpje over uw eerste afspraak.

Voorlichtingsgesprek

Op de bestralingsafdeling heeft u een gesprek met een medisch beeldvormings- en bestralingsdeskundige (MBB'er), die gespecialiseerd is in radiotherapie. Dit gesprek duurt ongeveer een half uur. De MBB'er geeft u uitleg over de behandeling aan de hand van een fotopresentatie op een computer. U krijgt advies over huidverzorging en informatie over eventuele bijwerkingen. Uiteraard krijgt u de gelegenheid om vragen te stellen.

CT-scan

Voordat we beginnen met de bestralingen, maken we een CT-scan. Dat betekent dat we een serie röntgenfoto's maken van het gebied rond de baarmoeder. Elke foto toont een plakje van uw lichaam. Als we die foto's op elkaar stapelen, vormen ze samen een 3D-plaatje.

Uw blaas moet tijdens de scan en tijdens elke bestraling gevuld zijn. Drink daarom één uur vóór de scan of de bestraling plaatsvindt 350 milliliter water. Na de CT-scan met een volle blaas maken we een CT-scan met een lege blaas. Vervolgens zet de MBB'er enkele tatoeagepuntjes op uw lichaam. Dit doet de MBB'er door een klein druppeltje inkt vlak onder de huid te prikken. De puntjes zijn heel klein (ongeveer 1 millimeter) en blijvend. Met deze puntjes zorgen we ervoor dat u bij de bestraling altijd op de dezelfde plek op de bestralingstafel ligt. We gebruiken de puntjes alleen om uw positie op de bestralingstafel te bepalen. De puntjes geven dus niet de plaats van de tumor aan. De precieze plaats van de bestraling bepaalt de arts bij het maken van de bestralingsplannen. Het maken van deze plannen gebeurt zorgvuldig en vraagt daarom de nodige tijd. Na de scans krijgt u een afspraak mee voor de eerste bestraling. Deze vindt plaats ongeveer twee weken na de CT-scan. Als we de afspraak na de CT-scan nog niet kunnen inplannen, dan bellen we u later voor de eerste afspraak.

Bekijk ons voorlichtingsfilmpje over de CT scan. 

Bestraling

Zorg dat u een uur vóór elke behandeling thuis plast en vervolgens 350 milliliter drinkt. Zo zorgt u ervoor dat uw blaas tijdens de bestraling gevuld is. Hierdoor krijgt u minder bijwerkingen.

Meld u bij de balie op de afdeling Radiotherapie voor de eerste bestraling. Een MBB'er haalt u op uit de wachtkamer en informeert u nogmaals kort over de bestraling. Vervolgens begeleidt de MBB'er u naar de bestralingsruimte. Daar gaat u op de behandeltafel liggen in dezelfde houding als bij de CT-scan. De MBB'ers stellen het bestralingsveld in. Daarbij maken ze gebruik van de tatoeagepuntjes op uw huid en van de gegevens in de bestralingscomputer. De MBB'ers verlaten daarna de ruimte.

We maken eerst een CT-scan om uw ligging nog eens extra te controleren. Soms passen we uw positie nog een beetje aan. Daarna kiezen we het passende bestralingsplan en zetten het bestralingstoestel aan. Dit toestel maakt een zoemend geluid tijdens de bestraling. Ook hoort u het wanneer we het toestel aan- en zetten. De straling zelf ziet of hoort u niet. Bestralen doet geen pijn. Tijdens de bestraling kunnen we met u praten via een intercom. Met een camera kunnen we u zien. Als het nodig is, onderbreken we de bestraling en komen naar u toe.

De bestraling duurt enkele minuten. U bent in totaal ongeveer vijftien minuten binnen. We geven de bestraling meestal vanuit verschillende richtingen. Het apparaat draait om u heen. U blijft steeds in dezelfde houding liggen. Het toestel slaat automatisch af wanneer u de juiste bestralingsdosis heeft gekregen. Zo kunt u nooit een te hoge dosis bestraling krijgen.

Bekijk ons voorlichtingsfilmpje over bestraling.

Controle

Tijdens de bestralingsserie plannen we regelmatig afspraken in met uw radiotherapeut-oncoloog. De arts spreekt met u over het verloop van de behandeling en de eventuele bijwerkingen. Na de laatste bestraling krijgt u een afspraak mee voor een controle bij de radiotherapeut-oncoloog. Uw huisarts en andere specialisten ontvangen informatie over het verloop van de behandeling.

De komende jaren krijgt u regelmatig een afspraak. Bent u tussen de controles in ongerust of heeft u klachten? Bel dan gerust voor het maken van een extra controleafspraak.

Bijwerkingen

De bijwerkingen van de behandeling merkt u het sterkst in de eerste twee weken na de laatste bestraling. De periode om te herstellen, duurt ongeveer even lang als de totale bestralingsbehandeling.

Tijdens de behandelperiode kunt u normaal actief zijn. Het ondernemen van activiteiten kan een prettige afleiding voor u zijn. Krijgt u vermoeidheidsklachten door uw activiteiten? Pas uw activiteiten dan hierop aan. U kunt eten waar u trek in heeft, tenzij u een voedingsvoorschrift heeft gekregen.

Algemene klachten
Rond de bestralingen kunt u last hebben van vermoeidheid, slaperigheid, lusteloosheid en gebrek aan eetlust. Regelmatig naar het ziekenhuis reizen, kunt u ervaren als een extra belasting.

Darmklachten
U kunt in de loop van de behandeling last krijgen van krampen in uw darmen. Soms krijgt u vaker aandrang tot ontlasting. De ontlasting kan dunner worden. De radiotherapeut-oncoloog kan medicijnen voorschrijven om de bijwerkingen te verminderen. Blijf in ieder geval voldoende drinken.

Plasklachten
In de loop van de behandelperiode kunnen er plasklachten ontstaan. U heeft dan vaker aandrang en plassen kan branderig voelen. Enkele weken na de bestralingsperiode moeten deze klachten weer verdwijnen.

Minder zin in seks
Als u kanker heeft, krijgt u hierdoor vaak gevoelens van angst en onzekerheid. Het is volstrekt normaal dat hierdoor de zin in seks vermindert. Vrijwel iedere kankerpatiënt ervaart veranderingen in het seksuele leven. Bij sommige soorten kanker, waaronder baarmoederkanker, is de kans hierop groter, bijvoorbeeld vanwege de lichamelijke gevolgen van de ziekte of de behandeling. Maar ook onzichtbare gevolgen kunnen een rol spelen, zoals vermoeidheid en psychische klachten. Bespreek dit gerust met de radiotherapeut-oncoloog.

Huidreacties
Afhankelijk van de dosis en de plaats van de bestraling kan uw huid een reactie geven. In meer of minder mate wordt uw huid dan rood, droog of schilferig. Soms gaat de huid zelfs open. Over het algemeen reageren huidplooien, zoals de lies, het meeste op bestraling. De eerste bijwerkingen aan de huid krijgt u meestal zo'n twee weken na de start van de bestralingen. Als u klaar bent met de bestralingsserie, werkt de bestraling nog een week of twee door.

Tips voor huidverzorging

We geven u enkele adviezen om de bestraalde huid zo goed mogelijk te verzorgen:

  • U mag tijdens de bestraling gewoon de huidverzorgingsproducten gebruiken, die u normaal gebruikt, bijvoorbeeld zeep, doucheschuim of reinigingsschuim.
  • Dep uw huid na het wassen droog. Wrijf dus niet.
  • Smeer de huid eventueel twee keer per dag dun in met een hydraterende crème, zoals Calendula, vitamine E-crème of de crème die u normaal gesproken gebruikt.
  • Draag geen schurende, stugge of knellende kleding.
  • Krab niet bij jeuk.
  • U mag cosmetische producten, sterk geparfumeerde bodylotions en dergelijke gebruiken, zolang u geen huidirritatie heeft. Het is belangrijk om voorzichtig te zijn met de bestraalde huid.
  • Stel de huid van het bestraalde gebied én de gezonde huid niet onnodig bloot aan de zon of een zonnebank. Gebruik een crème met minstens zonbeschermingsfactor 30 om uw huid te beschermen.
  • U kunt gebruikmaken van een sauna of hottub en zwemmen in chloor- of buitenwater, zolang de bestraalde huid geen reactie vertoont.
  • Plak geen pleisters op de bestraalde huid tijdens de bestralingsperiode. U mag wel siliconenpleisters gebruiken.
  • Gaat uw huid toch open? Overleg dan met de MBB'er of de arts, zodat zij maatregelen kunnen voorstellen. De MBB'ers zijn altijd bereid om u te adviseren en te helpen met het verbinden van uw huid.
  • Gaat de huid na het einde van de behandeling kapot? Neem dan contact op met de bestralingsafdeling. U hoeft niet te wachten op uw volgende afspraak.

 

Bestraling bij baarmoederkanker

Waarom HMC?

  • Binnen één week eerste afspraak
  • Persoonlijke begeleiding en informatie op maat
  • Gebruik van moderne apparatuur en technologieën
  • Geen wachttijden bij spoed