Behandeling met Methotrexaat®

Uw reumatoloog heeft u Methotrexaat® voorgeschreven voor de behandeling van uw reumatische aandoening. Het doel van de behandeling is om de ontstekingen tot rust te brengen. Methotrexaat® is geen pijnstiller. Maar omdat de zwelling vermindert, heeft u ook minder pijn. In deze folder vindt u uitleg over de behandeling. Wij vragen u om deze webpagina en de bijsluiter van de apotheek goed door te lezen.

Specialismen en team

Afspraak en contact

HMC Antoniushove
HMC Bronovo
HMC Westeinde

088 979 17 41
ma t/m vr van 08.00 – 17.00 uur

Locatie

Cijfers

205.000 eerste polikliniek consulten
32.000 klinische opnames per jaar
155.000 verpleegdagen
60.000+ patiënten per jaar op de SEH
350 medisch specialisten

Over behandeling met Methotrexaat®

Uw reumatoloog heeft u Methotrexaat® voorgeschreven voor de behandeling van uw reumatische aandoening. Het doel van de behandeling is om de ontstekingen tot rust te brengen. Methotrexaat® is geen pijnstiller. Maar omdat de zwelling vermindert, heeft u ook minder pijn. In deze folder vindt u uitleg over de behandeling. Wij vragen u om deze webpagina en de bijsluiter van de apotheek goed door te lezen.

Gebruik van Methotrexaat®

U krijgt Methotrexaat® in de vorm van tabletten of subcutane (onderhuidse) injecties. U gebruikt de Methotrexaat®-tabletten maar één dag per week, in één keer. Uw reumatoloog vertelt u hoeveel tabletten van 2,5 mg u per keer moet innemen. Slik alle tabletten tegelijk vóór, tijdens of na de maaltijd, elke week op dezelfde dag en op ongeveer hetzelfde tijdstip. U kunt de tabletten doorslikken met voedsel of water. Het is belangrijk dat u ze niet breekt of kauwt, maar heel doorslikt.

Effect

Het kan vier tot acht weken duren voordat u merkt dat het medicijn begint te werken. Als Methotrexaat® een gunstig effect heeft, kunt u het jarenlang blijven gebruiken. Helaas heeft het niet bij iedereen een gunstig effect. Als het bij u niet werkt of als u te veel last hebt van bijwerkingen, kan uw reumatoloog besluiten het gebruik van Methotrexaat® stop te zetten.

Vergeten?

Ontdekt u in de loop van de dag waarop u gewoonlijk Methotrexaat® slikt, dat u de tabletten vergeten hebt in te nemen? Neem ze dan nog dezelfde dag of uiterlijk de volgende dag in. Ontdekt u het pas later in de week, sla dan uw tabletten voor die week over. Op de gebruikelijke slikdag van de daaropvolgende week neemt u weer de normale hoeveelheid tabletten in.

Combinatie met andere medicijnen en alcohol

Over het algemeen kunt u Methotrexaat® in combinatie met bijna alle geneesmiddelen gebruiken. In tegenstelling tot wat vaak in de bijsluiter staat of wat de apotheek vertelt, kunt u Methotrexaat® wel gebruiken samen met NSAID’s (ontstekingsremmers). Door de lage dosering is de combinatie van deze medicijnen bij reumatische aandoeningen wél verantwoord.

U kunt Methotrexaat® niet gebruiken samen met sommige antibiotica, onder andere co-trimoxazol en trimethoprim. Deze antibiotica worden meestal gebruikt bij long- of blaasontsteking. Vertel uw huisarts en specialist daarom altijd welke geneesmiddelen u gebruikt.

Het gebruik van alcohol wordt afgeraden. In combinatie met het gebruik van Methotrexaat® is de kans groter dat u stoornissen in de werking van de lever krijgt. Neem daarom niet meer dan één alcoholconsumptie per dag.

Bijwerkingen

Methotrexaat® kan bijwerkingen geven. In de bijsluiter van de apotheek staan alle bijwerkingen van Methotrexaat® vermeld die ooit zijn voorgekomen. Om de kans op bijwerkingen te verminderen, schrijft uw reumatoloog foliumzuur (een vitamine) voor. Neem deze één of twee tabletten per week niet in op de dag dat u de Methotrexaat® neemt.

De meest voorkomende bijwerkingen zijn:

  • maag- en darmklachten, zoals een vol gevoel, misselijkheid en braken of diarree;
  • huiduitslag, haaruitval, hoofdpijn of duizeligheid;
  • ontstekingen in het slijmvlies van de mond, zoals pijnlijke plekjes.
  • In sommige gevallen treden de volgende bijwerkingen op:
  • iets grotere vatbaarheid voor infecties, zoals griep, bronchitis, long- of blaasontsteking;
  • stoornissen in de werking van de lever (hiervan merkt u niets, maar het kan blijken uit bloedonderzoek);
  • kortademigheid of veel hoesten (dit kán wijzen op een longafwijking als gevolg van de Methotrexaat®);
  • erge keelpijn in combinatie met koorts, regelmatig een bloedneus en snel blauwe plekken krijgen (dit zijn tekenen van een stoornis in de bloedaanmaak).

Neem direct contact op met uw reumatoloog of huisarts bij:

  • ontstekingen van het mondslijmvlies;
  • kortademigheid of veel hoesten met koorts;
  • erge keelpijn in combinatie met koorts;
  • herhaaldelijk een bloedneus;
  • snel blauwe plekken krijgen.

Controle

Om eventuele stoornissen in de werking van de lever en in de aanmaak van het bloed in een vroeg stadium te ontdekken, zal uw reumatoloog regelmatig (vooral ook in het begin) uw bloed laten onderzoeken. De uitslag van deze onderzoeken is binnen enkele dagen bij uw reumatoloog bekend. Alleen als de uitslagen niet goed zijn, nemen we contact met u op. Ook controleren we regelmatig uw bloeddruk.

Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding

Voor zover tot op heden bekend is, heeft Methotrexaat® waarschijnlijk geen ongunstige invloed op de vruchtbaarheid van mannen en vrouwen. Het is erg belangrijk om uw reumatoloog te informeren als u een zwangerschap overweegt of al zwanger bent. Methotrexaat® kan namelijk afwijkingen bij het ongeboren kind veroorzaken en de kans op een miskraam vergroten. Daarom mag u tijdens een zwangerschap geen Methotrexaat® gebruiken. Vrouwen moeten drie maanden voor een eventuele zwangerschap stoppen met het gebruik van Methotrexaat®. Bij een kinderwens dienen mannen die Methotrexaat® gebruiken drie maanden vóór de beoogde zwangerschap van hun vrouw, met dit medicijn te stoppen. Het is dus belangrijk om tijdens deze periode en tijdens het gebruik van Methotrexaat® een betrouwbaar anticonceptiemiddel te gebruiken.

U mag Methotrexaat® niet gebruiken als u borstvoeding geeft. Het is namelijk nog niet bekend of Methotrexaat® risico’s voor het kind heeft.

Vaccinaties

Tijdens de behandeling met Methotrexaat® mag u geen vaccinaties krijgen met verzwakt levend vaccins. Het gaat om vaccinaties tegen bijvoorbeeld
bof, mazelen, rode hond (BMR) en gele koorts. U mag ook het orale poliovaccin, orale tyfusvaccin of BCG niet krijgen tijdens de behandeling met Methotrexaat®. Voordat u op reis wilt gaan, adviseren we u altijd eerst contact op te nemen met een vaccinatie poli bij de GGD voor algemeen advies.

Wij adviseren u om u jaarlijks tegen griep (influenza; is een dood vaccin) te laten vaccineren door uw huisarts.

Vragen

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen? Neem dan contact op met uw reumatoloog of reumaconsulent. Dat kan op werkdagen van 08.00-16.30 uur via telefoonnummer 088 979 17 41.

Voor deze informatie is gebruikgemaakt van een voorlichtingsfolder van het LUMC in Leiden.

Behandeling met Methotrexaat®

Reumatologie
Waarom HMC?

  • Speciaal spreekuur: handen
  • Snel overleg met andere specialisten
  • Hulp bij omgaan met reuma