Behandeling in het ziekenhuis na een beroerte

U ligt in het ziekenhuis na een beroerte. Een beroerte (CVA) is een hersenbloeding of een herseninfarct. In het ziekenhuis onderzoeken we u. We behandelen u zo snel mogelijk.

Specialismen en team

HMC Antoniushove en HMC Westeinde 088 979 43 60
ma t/m vr van 08.00 - 16.30 uur

HMC Bronovo
088 979 44 28
ma t/m vr van 09.00 - 16.00 uur

Locatie

Toon overige locaties

Cijfers

Patiënten per jaar:
3.757 patiënten met een beroerte (CVA/TIA)

Over behandeling in het ziekenhuis na een beroerte

U ligt in het ziekenhuis na een beroerte. Een beroerte (CVA) is een hersenbloeding of een herseninfarct. In het ziekenhuis onderzoeken we u. We behandelen u zo snel mogelijk.

Wat is een beroerte?

Een beroerte is een hersenbloeding of een herseninfarct. Een beroerte heet ook wel een CVA of stroke.

Bij een herseninfarct sluit een bloedstolsel een bloedvat af in uw hoofd. Een deel van uw hersenen krijgt daardoor geen zuurstof en voedingstoffen meer. Deze hersencellen kunnen dan afsterven.

Bij een hersenbloeding zit er een scheurtje in een bloedvat in de hersenen. Daardoor komt er bloed in uw hersenen. Uw hersenen kunnen daardoor beschadigd raken.

Oorzaak

Mensen krijgen vaak een herseninfarct door:

  • ouderdom
  • roken
  • ongezond eten
  • alcohol
  • drugs
  • te weinig lichaamsbeweging
  • overgewicht
  • hoge bloeddruk
  • een hoog cholesterolgehalte
  • diabetes mellitus (suikerziekte)
  • een onregelmatige hartslag (atriumfibrilleren)

Mensen krijgen vaak een hersenbloeding door:

  • hoge bloeddruk
  • een onregelmatige hartslag (atriumfibrilleren)
  • roken
  • alcohol
  • drugs

Behandeling

Onderzoek

Meestal komt u via de Spoedeisende Hulp in het ziekenhuis. We maken eerst een CT-scan van uw hoofd. Dat betekent dat we met röntgenfoto’s een 3D-plaatje maken van uw hoofd. Op dat 3D-plaatje zien we of u een herseninfarct of een hersenbloeding heeft gehad. We starten daarna zo snel mogelijk met uw behandeling. Dit is belangrijk om te zorgen dat uw hersenen niet erger beschadigd raken.

Eerste behandeling bij een herseninfarct

Heeft u een herseninfarct gehad? Dan lossen we het bloedstolsel in uw hoofd op met een medicijn. We geven u dit medicijn met een infuus. Een infuus is een buisje dat met een naald in uw bloedbaan gaat. Deze behandeling heet intraveneuze trombolyse. We moeten binnen 4,5 uur na de eerste verschijnselen van uw beroerte starten met intraveneuze trombolyse. Dit gebeurt op de Spoedeisende Hulp.

Soms kunnen we u geen intraveneuze trombolyse geven. Bijvoorbeeld als u al langer dan 4,5 uur geleden de eerste verschijnselen van een beroerte kreeg. Het kan ook zijn dat het medicijn het bloedstolsel niet goed oplost. We kunnen u dan soms helpen op de afdeling Radiologie. Daar prikken we een slangetje in uw lies. Dit slangetje schuiven we door uw bloedvaten naar de verstopte slagader. We proberen met het slangetje om het stolsel weg te halen of op te lossen. Dit noemen we intra-arteriële behandeling.

Eerste behandeling bij een hersenbloeding

We proberen zodra u binnenkomt in het ziekenhuis uw bloeddruk te verlagen. Ook behandelen we uw hoofdpijn. Gebruikt u bloedverdunners? Dan geven we u een middel wat het verdunnen van het bloed tegengaat.

Vervolgbehandeling

Na de eerste behandeling helpen we u verder in het ziekenhuis. Deze vervolgbehandeling heeft een paar doelen:

  • Zorgen dat u geen nieuwe beroerte krijgt. En zorgen dat u geen extra schade oploopt aan de hersenen. Dit doen we onder andere met medicijnen.
  • Het beperken van de gevolgen van de beroerte en het werken aan uw herstel. Het doel is dat u uw gewone leven weer zoveel mogelijk terugkrijgt.

Neurocare Unit
U gaat na de eerste behandeling naar de afdeling Neurologie in HMC Westeinde. Dit is verpleegafdeling C8, bereikbaar via telefoonnummer 088 979 21 58. We helpen u op de Neurocare Unit. Hier hebben we alles om mensen met een beroerte te behandelen. We zien op een monitor steeds uw bloeddruk, hartslag, ademhaling en temperatuur. De verpleegkundige controleert regelmatig of u bij bewustzijn bent. Ook kijkt ze of u nog kracht heeft in uw armen en benen. De verpleegkundige controleert verder of u veilig kunt slikken.

We onderzoeken een paar keer per dag uw bloed. We kijken dan hoeveel suiker (glucose) hierin zit. Is er iets niet in orde met uw bloed? Dan overlegt de verpleegkundige met de neuroloog. Een neuroloog is een arts die gespecialiseerd is in ziekten van de hersenen, de zenuwen, het ruggenmerg en de spieren. We halen u van de monitor af als het beter met u gaat.

Opnamegesprek met verpleegkundige
De verpleegkundige heeft een opnamegesprek met u. Ze legt u tijdens dit gesprek uit hoe we u gaan onderzoeken, behandelen en verzorgen. Ook vertelt ze hoelang u waarschijnlijk in het ziekenhuis moet blijven. Een familielid of vriend kan bij dit gesprek zijn.

Situatie verschilt per patiënt
Voor elke patiënt is de situatie anders. De neuroloog bepaalt welk vervolgonderzoeken nog nodig zijn. Met deze onderzoeken proberen we erachter te komen wat de oorzaak was van de beroerte. Deze informatie helpt om een nieuwe beroerte in de toekomst te voorkomen. We hebben over de meeste onderzoeken informatie beschikbaar. Vraag hier gerust om bij de verpleegkundige.

Oefenen voor een snel herstel
In de meeste gevallen helpt de verpleegkundige of fysiotherapeut u uit bed binnen 24 uur na het ontstaan van de beroerte. U gaat ook zo snel mogelijk oefeningen doen. Dit alles helpt u om te herstellen van uw beroerte. De eerste 12 weken na uw beroerte kunt u de meeste winst boeken door te oefenen. U oefent bijvoorbeeld alledaagse dingen als handen wassen en tandenpoetsen. Ook lopen is een belangrijke oefening. De fysiotherapeut of ergotherapeut legt u de oefeningen uit. Daarna doet u de oefeningen zelf. Of u oefent met hulp van uw familie of andere mensen in uw omgeving.

Oefen de eerste 3 weken na uw beroerte 3 keer per dag. Iedere keer oefent u 10 tot 20 minuten. Doe zeker in het begin rustig aan. Is het oefenen een keer te zwaar? Doe de oefeningen dan in gedachten. Ook dit helpt bij uw herstel. Neem ook genoeg rust. Dat hebben uw hersenen nodig na de beroerte.

Voor het oefenen is het belangrijk dat u makkelijk zittende kleding en goed zittende schoenen draagt. Vraag aan uw familie of vrienden of ze deze voor u mee willen nemen naar het ziekenhuis. Heeft u een bril, gehoorapparaat of loophulpmiddel als een rollator? Zorg dan dat u die ook in het ziekenhuis bij u heeft.

U kunt de oefeningen ook thuis doen. Als u thuis oefent, blijft u fitter en mobieler. Een oefengids kan u hiermee helpen Meer informatie over de oefengids vindt u onderin op deze webpagina.

Overplaatsing naar een ander ziekenhuis
Soms bent u vanuit een ander ziekenhuis naar HMC Westeinde gekomen om te herstellen. U gaat dan weer zo snel als het kan terug naar het ziekenhuis in uw eigen omgeving. Heeft u na de opname op de Neurocare Unit langer behandeling nodig? Dan kunnen we u hiervoor overplaatsen naar HMC Antoniushove.

De behandelaars en zorgverleners

Verschillende behandelaars en zorgverleners helpen u bij uw herstel. Sowieso staan de neuroloog, de zaalarts en verpleegkundige voor u klaar. Wie u verder behandelt, hangt af van uw klachten. Al deze zorgverleners overleggen regelmatig met elkaar en met u over uw behandeling.

Verpleegkundige
De verpleegkundige helpt u bij de dagelijkse verzorging. Bijvoorbeeld bij het wassen en eten. Ook zorgt ze dat u op tijd uw medicijnen krijgt en de juiste zorg ontvangt. Verder helpt ze u bij uw herstel. Ze bereidt u voor op de onderzoeken die u krijgt. Heeft u vragen? Of wil uw familie meer informatie? De verpleegkundige helpt u en uw familie graag verder!

Neuroloog
De neuroloog is verantwoordelijk voor uw behandeling in het ziekenhuis. Deze arts is gespecialiseerd in ziekten van de hersenen, de zenuwen, het ruggenmerg en de spieren.

Zaalarts
Wilt u meer medische informatie? Dan kunt u dit altijd vragen aan de zaalarts. De zaalarts is een neuroloog in opleiding. Het gesprek met de zaalaarts kunt u regelen met de verpleegkundige.

Fysiotherapeut
Veel mensen hebben na een beroerte moeite met bewegen. Vaak kunt u bijvoorbeeld 1 kant van uw lichaam niet of niet goed bewegen. De fysiotherapeut kan u dan helpen. Hij of zij oefent de dingen die u moeilijk vindt met u. De fysiotherapeut adviseert u ook over passende hulpmiddelen. Hij of zij helpt u verder met uw houding in bed, op een stoel of in een rolstoel.

Ergotherapeut
Sommige mensen hebben na een beroerte moeite met de dagelijkse dingen. Bijvoorbeeld met wassen, tandenpoetsen of het huishouden doen. Soms komt dit doordat u 1 kant van uw lichaam niet of niet goed kunt bewegen. Maar het kan ook zijn dat u niet zo goed meer weet hoe u deze dingen moet doen. De ergotherapeut helpt u dan. Hij of zij oefent niet alleen de dagelijkse dingen met u. De ergotherapeut kan u ook helpen zodat u weer beter uw hobby’s, studie of werk kunt doen.

Logopedist
Het kan zijn dat u na uw beroerte moeite heeft met praten of slikken. Dan kan de logopedist u helpen. Zij oefent met u en geeft advies aan u en uw familie. Heeft u problemen met slikken? Dan kan het zijn dat u niet alle eten en drinken veilig kunt slikken. We maken dan bijvoorbeeld dunne dranken wat dikker, zodat u zich niet verslikt. Ook kan het zijn dat we eten malen. Wil uw bezoek eten meenemen naar het ziekenhuis? Overleg dan eerst even met de verpleegkundige. Samen zorgen we dat u geen eten krijgt waarin u zich verslikt.

Diëtist
Heeft u moeite met slikken? Dan kan eten en drinken erg vermoeiend zijn. Het is dan extra belangrijk dat u dingen eet en drinkt die u energie geven. De diëtist helpt daarbij. We wegen u wekelijks. Zo houden we uw gewicht in de gaten. Valt u te veel af of eet en drinkt u te weinig? Ook dan komt de diëtist bij u langs. Ze helpt u verder als u voedsel krijgt door een sonde. Dit is een dun slangetje dat door uw neus naar uw maag loopt. Door de sonde krijgt u vloeibaar eten en soms ook medicijnen. De diëtist zorgt ervoor dat u de goede soort sondevoeding krijgt. Ook zorgt ze ervoor dat u genoeg voedsel krijgt door de sonde.

Revalidatiearts
Als het nodig is, komt de revalidatiearts bij u langs. De revalidatiearts adviseert waar u verder kunt herstellen als u uit het ziekenhuis mag.

Transferverpleegkundige
Vaak heeft u na het verlaten van het ziekenhuis nog thuiszorg nodig. Of gaat u verder herstellen in een verpleeghuis. De transferverpleegkundige helpt u bij het aanvragen van deze en andere zorg.

CVA-zorgketen
Zorgverleners in de regio Den Haag hebben afspraken gemaakt over de behandeling van mensen met een beroerte. Zo willen we u samen de best mogelijke zorg bieden. Deze zorgverleners werken samen binnen de ‘CVA-zorgketen’. Naast het ziekenhuis gaat het om de huisarts, ambulancedienst, verpleeghuizen, revalidatiecentra en de thuiszorg.

Bij wie kan ik terecht met vragen?

Heeft u of uw familie vragen terwijl u in het ziekenhuis bent? Dan kunt u die vragen het beste stellen aan de verpleegkundige. Zij kan ook een afspraak voor u maken met de neuroloog of een andere arts. Dan kan deze arts uw vragen eventueel beantwoorden. Persoonlijke informatie over uw ziekte en behandeling delen we alleen met u en uw eerste contactpersoon. Dit doen we om uw privacy te beschermen.

Na de behandeling

Is uw behandeling in het ziekenhuis afgelopen? Dan kijken uw zorgverleners met u waar u het beste verder kunt herstellen. Er zijn 4 mogelijkheden:

  • U gaat naar huis.
  • U gaat verder herstellen in een gespecialiseerd verpleeghuis.
  • U gaat verder herstellen in een revalidatiecentrum.
  • U gaat naar een verpleeghuis.

Naar huis

Soms kunt u na de behandeling in het ziekenhuis naar huis. Uw huisarts helpt u daar dan verder. Vaak krijgt u ook andere zorg. Bijvoorbeeld huishoudelijke hulp, verpleging, verzorging, fysiotherapie, logopedie en ergotherapie. Gaat u thuis revalideren met bijvoorbeeld ondersteuning door een fysiotherapeut, ergotherapeut of logopedist? Dan krijgt u een verwijzing en een overdracht voor deze zorgverlener(s) mee als u naar huis gaat. U zoekt zelf een zorgverlener bij u in de buurt. Gespecialiseerde fysiotherapeuten, ergotherapeuten en logopedisten vindt u via www.neuronetwerk.nl. Nuttige informatie staat ook in de folder ‘Weer thuis na een beroerte of TIA'.

U heeft binnen 6 weken na thuiskomst een afspraak met de CVA-nazorgverpleegkundige. Dit is een verpleegkundige die is gespecialiseerd in de zorg voor mensen die een beroerte hebben gehad. De afspraak met de CVA-nazorgverpleegkundige is in het ziekenhuis als u daar naartoe kunt komen. Lukt dit niet? Dan komt de verpleegkundige bij u thuis. Zij praat met u over hoe uw herstel gaat. Het gesprek gaat ook over risico’s die u loopt en wat we hieraan kunnen doen. De verpleegkundige kijkt verder met u naar de medicijnen die u slikt. Heeft u extra zorg of hulp nodig? Dan regelt de verpleegkundige dit voor u.

Voor hulp en zorg thuis moet u wellicht een eigen bijdrage betalen. U kunt die eigen bijdrage berekenen op www.hetcak.nl/zelf-regelen/eigen-bijdrage-rekenhulp.

Herstellen in een gespecialiseerd verpleeghuis

Kunt u nog niet meteen naar huis? Maar lukt dit wel na maximaal 8 weken verder oefenen in een gespecialiseerd verpleeghuis? Dan gaat u naar een verpleeghuis dat meedoet aan de CVA-zorgketen. Deze verpleeghuizen hebben een Stroke Unit. Dit is een afdeling die alles in huis heeft voor het herstellen na een beroerte. U kunt in de regio Den Haag kiezen uit:

  • Florence, revalidatiecentrum GRZ Westhoff – Rijswijk
  • HWW zorg, verpleeghuis Vrederust-West – Den Haag
  • Saffier Revalidatie en Verpleegcentrum Mechropa – Den Haag
  • WZH Prinsenhof - Leidschendam

Wij melden u aan bij het verpleeghuis waar u het liefst heen wilt. Soms is daar geen plek. Dan melden we u aan bij een verpleeghuis dat wel plek heeft.

Herstellen in een revalidatiecentrum

De revalidatiearts bepaalt samen met uw zorgverleners in het ziekenhuis of u naar een revalidatiecentrum kunt. Dit is een zorginstelling die is gespecialiseerd in het herstellen na een ziekte of ongeluk. Er zijn twee mogelijkheden:

  • U moet nog flink oefenen voor u weer naar huis kunt. Daarom verblijft u een tijdje in het revalidatiecentrum.
  • U gaat naar huis. Om verder te herstellen oefent u regelmatig in een revalidatiecentrum. Dit oefenen kan in plaats van in het revalidatiecentrum soms ook in het ziekenhuis.

Herstellen in een verpleeghuis

Soms lukt het niet om binnen 8 weken te herstellen in een gespecialiseerd verpleeghuis. Maar u kunt na wat langer trainen waarschijnlijk wel nog terug naar huis. Ook dan kunt u naar een verpleeghuis. De transferverpleegkundige bekijkt met u en alle betrokken zorgprofessionals voor welke indicatie u in aanmerking komt binnen de huidige wet- en regelgeving.

Soms lukt het toch niet meer om terug naar huis te gaan. Misschien kunt u dan naar een verzorgingshuis. Lukt dat ook niet, omdat u te veel zorg nodig hebt? Dan kijken uw zorgverleners met u of u blijvend gaat wonen in een verpleeghuis. U gaat dan naar een verpleeghuis waar plek is. Wilt u liever naar een ander verpleeghuis? Dan kunt u dit laten weten. U komt dan op de wachtlijst. Als er een plek is in het verpleeghuis van uw keuze, dan verhuist u daar naartoe. Ook kunt u altijd aangeven naar welk verpleeghuis u niet wilt gaan.

U betaalt een eigen bijdrage voor wonen in een verpleeghuis. De transferverpleegkundige in het ziekenhuis geeft u hier meer informatie over.

Tips en adviezen voor familie en vrienden

Mensen met een beroerte hebben vaak niet alleen lichamelijke problemen. Ze vinden het soms ook moeilijk om te praten of begrijpen u niet goed. Verder gedragen ze zich soms anders dan voor de beroerte. Dat is lastig voor degene die de beroerte heeft gehad. Maar ook voor familie en vrienden is het moeilijk. Hieronder enkele tips voor hen. Niet alle tips gelden voor iedereen die een beroerte heeft gehad. Elke patiënt is anders.

Bezoek

  • Iemand die een beroerte heeft gehad is snel moe. Ook moet hij of zij vaak veel verwerken. Kom daarom niet met meer dan 2 mensen op bezoek en blijf niet te lang. Anders wordt het al snel te zwaar voor de patiënt.

Communicatie

  • Iemand die een beroerte heeft gehad, vindt het heel vermoeiend om met meer mensen tegelijk te praten. Hij of zij kan makkelijker naar één persoon luisteren.
  • Iemand die een beroerte heeft gehad, heeft meestal een ‘goede’ en een ‘mindere’ kant. De mindere kant is de kant waar hij of zij een beroerte heeft gehad. De patiënt geeft automatisch meer aandacht aan iemand die aan zijn goede kant zit. Maar het is belangrijk om ook de mindere kant te oefenen. Ga dus ook soms aan die kant zitten.
  • Laat het weten als de patiënt een goed antwoord geeft. Begrijpt de patiënt u niet? Leg dan nog een keer rustig uit wat u bedoelt. Gebruik daarbij geen moeilijke woorden.
  • Leg aan de patiënt uit wat er is gebeurd en waar hij of zij is. Doe dit ook als u denkt dat de patiënt het niet begrijpt.

Besef van tijd

Iemand die een beroerte heeft gehad, weet soms niet meer hoelang iets duurt. Ook vindt de patiënt het moeilijk om te onthouden hoelang hij of zij ergens is. Verder vindt de patiënt het soms lastig om te weten welke dag het is of hoe laat het is. Dit komt door beschadiging van de hersenen. Deze twee tips helpen:

  • Vertel de patiënt regelmatig welke dag het is en hoe laat het is.
  • Zorg voor een kalender en een duidelijk zichtbare klok of wekker.

Geheugen

Na een beroerte herinnert de patiënt zich vaak dingen van vroeger goed. Maar nieuwe dingen kan hij of zij vaak maar niet onthouden. Of de patiënt onthoudt maar de helft van wat u zegt. Andere patiënten herinneren zich juist dingen van vroeger niet meer. Deze tips helpen u om te gaan met dit minder goed werkende geheugen:

  • Hou een dagboek bij vanaf het moment dat de patiënt in het ziekenhuis ligt. U kunt dit later met hem of haar doornemen. Vaak kan iemand die een beroerte heeft gehad zich weinig herinneren van de eerste tijd erna. Het dagboek helpt de patiënt om te verwerken wat er is gebeurd.
  • Blijf informatie geven. Bijvoorbeeld over waarom de patiënt in het ziekenhuis ligt. Stel de patiënt ook regelmatig gerust dat alles thuis geregeld is. Zodat hij of zij zich daar geen zorgen over hoeft te maken in het ziekenhuis. Blijf deze informatie herhalen.
  • Iemand die een beroerte heeft gehad vindt het soms moeilijk om namen en woorden te onthouden. Dit is normaal na een beroerte. Noem daarom even de namen van mensen die op bezoek komen. Verwacht niet dat de patiënt alle namen kan onthouden.
  • Vertel de patiënt over het leven thuis. Neem ook eens een fotoboek mee. Misschien roept dat herinneringen op.

Meer weten?

Algemeen

Informatie over zorg aanvragen

Meer weten over het aanvragen van zorg? Hieronder vindt u handige links:

Informatie over zorgverleners

Andere nuttige websites

Andere informatie

Wetenschappelijke onderzoek

HMC doet mee aan wetenschappelijke onderzoeken naar beroertes. Het kan zijn dat we u vragen om hieraan mee te doen. Bij onderzoek op de Spoedeisende hulp vragen we u soms achteraf om toestemming. We willen u na een beroerte zo snel mogelijk helpen. Toestemming vragen en uitleg geven over onderzoek kost dan te veel tijd. U kunt achteraf altijd nog laten weten dat u liever niet meedoet aan onderzoek. We verwijderen uw gegevens dan.

Registratie van patiënten

We zetten informatie over patiënten met een beroerte in de Dutch Acute Stroke Audit (DASA). DASA is een landelijke database die helpt om de zorg voor mensen met een beroerte beter te maken. Wilt u meer weten DASA? Of heeft u liever niet dat uw gegevens in de database komen? Laat dit dan weten aan de neuroloog.

Behandeling in het ziekenhuis na een beroerte

Waarom HMC?

  • Neurovasculair expertisecentrum
  • Acute hersenhulp voor TIA en beroertes
  • Behandeling beroerte binnen dertig minuten
  • Alle behandelingen voor beroerte in huis (als enige in de regio)
  • Persoonlijke begeleiding door een nazorgconsulent