Nieuwe IC Nazorgpoli helpt als thuis de klap komt

6 mei 2019

‘Met elkaar kijken we naar de hele mens’

Eén op de vijf patiënten houdt er een trauma aan over en één op de drie ontwikkelt een depressie na een ic-opname. Om dat te voorkomen is de IC Nazorgpoli opgericht. ‘We zitten mensen behoorlijk achter de broek. We blijven bellen tot we weten hoe het met ze is.’

Op de intensive care (ic) kom je niet zomaar. Dat gebeurt alleen als je leven op het spel staat. Als de arts continu moet monitoren of je hart nog wel klopt, of je nog wel zelf ademt. In het uiterste geval moet de apparatuur het overnemen. Groot is dan de opluchting als de patiënt naar huis mag. Hij of zij heeft het gered en gaat vrolijk door op de oude voet. Of niet? Vaak valt het tegen. De patiënt heeft zowel fysiek als mentaal een enorme optater gehad. En die blijft nadreunen. Soms jarenlang.

Om dat te voorkomen is binnen HMC de IC Nazorgpoli opgericht. Dit is een initiatief van drie (para)medici: intensivist Nienke Dijkman, fysiotherapeut Pim Mossel en revalidatiearts Esther Los. De poli draait nu een jaar en heeft een vaste vorm gevonden. Eén keer per maand is de poli open en houdt het drietal samen spreekuur. De een kijkt meer naar het fysieke aspect, de ander meer naar het psychologische. Dijkman: ,,Met elkaar kijken we naar de hele mens.’’ Tot nu toe zijn er een twintigtal patiënten op de poli geweest.

Depressieve klachten

De ex-ic-patiënt valt na zijn ontslag in een zwart gat, weet fysiotherapeut Pim Mossel. ,,Dat kan onderdeel zijn van het post-ic-syndroom.’’ De ex-ic-patiënt functioneert vaak niet lekker meer; hij of zij kampt bijvoorbeeld met angsten, vermoeidheid of spierzwakte. Zo’n één op de vijf ontwikkelt een posttraumatische stressstoornis (ptss) en één op de drie heeft depressieve klachten Zelf hebben mensen niet altijd door dat de klachten het gevolg zijn van de opname op de intensive care. Intensivist Dijkman: ,,Mensen beleven de opname niet bewust. Ze worden veelal kunstmatig in slaap gehouden, waardoor er weinig actieve herinneringen zijn aan de ic-opname. Daarbij blokkeert de geest automatisch hele heftige emoties.’’ Revalidatiearts Esther Los: ,,Je gaat letterlijk in de overlevingsstand.’’ Dijkman vervolgt: ,,Pas na de opname komt het in volle hevigheid over ze heen. Als ze de dagboekjes lezen die de familie heeft bijgehouden en de foto’s zien. Die vullen soms de gaten in het geheugen op.’’

Dan volgen ook de naweeën, maar de patiënt legt zelf niet altijd de link met de opname. Dijkman: ,,Die ligt dan vaak alweer maanden achter ze.’’ Pas op het moment dat mensen bijvoorbeeld weer aan het werk gaan, lopen ze tegen hindernissen op.

Onbekend

De problematiek, het post-ic-syndroom, is ‘heel nieuw en nog relatief onbekend’, zegt de intensivist. De laatste jaren is er steeds meer aandacht voor. Dat deed Dijkman, Mossel en Los ook besluiten om hun Nazorgpoli op te starten. ,,Vaak gaan mensen met hun klacht naar de huisarts. Die stuurt ze door, bijvoorbeeld naar de cardioloog. Dan raakt de zorg versnipperd. Iedereen kijkt naar zijn eigen stukje, zoals het hart, het post-ic-syndroom wordt niet herkend. Er was ook geen loket, waar je je kon melden met dit syndroom.’’

Dat is er nu dus wel binnen HMC. Alle patiënten die in dit ziekenhuis op de intensive care hebben gelegen en aan bepaalde criteria voldoen, zoals dat ze minimaal twee dagen zijn beademend en/of vijf dagen opgenomen zijn geweest, worden actief benaderd om eenmalig langs te komen op de nazorgpoli. Dijkman: ,,We zitten ze behoorlijk achter de broek. Mensen hebben zelf niet altijd het idee dat het nodig is, maar als ze hier eenmaal zijn, komt er vaak wel van alles los.’’

Soms blijft het bij dat ene gesprek, is het luisterend oor van de specialisten voldoende geweest, soms verwijst de nazorgpoli door voor verdere begeleiding. ,,Bijvoorbeeld naar een fysiotherapeut, voor (poli-)klinische revalidatie, of naar een psycholoog.’’

Op dit moment is de poli alleen toegankelijk voor eigen patiënten, mogelijk kunnen in een later stadium ook patiënten van buiten terecht.

vdpoel_klein.jpg

Lees hier het interview met patiënt Adri van der Poel, die eind vorig jaar werd opgenomen op de intensive care.