'Mijn vader zat tijdens de oorlog ondergedoken in het ziekenhuis'

4 mei 2019

 1dc970b1_b9b4_4d33_928c_61b1811b30b3.jpg

Wil Jansen dochter van onderduiker Jacob Stam bekijkt de beelden die van haar verhaal zijn gemaakt

In het oude ziekenhuis Joannes de Deo aan het Westeinde zaten in de Tweede Wereldoorlog onderduikers. Het gebouw was een ideale plaats met alle kelders en gangen waarin je onder het hele terrein door kon lopen.

'Als de portier op een bepaald knopje had gedrukt dan wisten alle onderduikers dat ze moesten duiken, vertelt Wil Jansen (84). Ze is de dochter van onderduiker Jacob Stam. 'Mijn vader hoorde dan de zware laarzen van de Duitsers boven in de gangen lopen'.

Jacob Stam moest onderduiken omdat hij als dienstplichtige naar een werkkamp in Duitsland werd gestuurd. Hij werd geholpen door zijn oom Koos Heuscher die in de oorlog hoofd Tecnnische Dienst was in het Joannes de Deo.

afbeelding93technische_dienst_jdd_1955.jpg

De Technische Dienst van Joannes de Deo na de oorlog.
Koos Heuscher is te zien op de voorste rij, tweede van links.

'Er werd ons niets verteld' 

Wil Jansen wist drie jaar lang niet waar haar vader was. ' Er werd ons niets verteld. Nee dat gebeurde niet'.

Pas jaren na oorlog kreeg ze stap voor stap het onderduikverhaal te horen van haar vader. 'Hij vertelde hoe hij samen met een groep andere onderduikers onder de grond zat en alle dieren verzorgde'.  

Er waren wel meer dan 450 dieren aanwezig. De dierenafdeling was opgezet door Karl Landsteiner, een Oostenrijkse bacterioloog die van 1920 tot 1922 werkzaam was in het Joannes de Deo ziekenhuis. In 1930 kreeg Karl Landsteiner de Nobelprijs voor Geneeskunde.

'Pappa is weer thuis!' 

Net voor de bevrijding zag Wil haar vader weer. 'Je vliegt hem om zijn nek natuurlijk'.

 

Video: 'Mijn vader zat ondergedoken in Joannes de Deo' 

 

schermafbeelding_2019_05_04_om_14_39_49.png